Ondanks 7:307 BW is het huurder bij huurovereenkomst niet toegestaan bij overdracht van zijn bedrijf indeplaatstelling af te dwingen. Contractuele bedingen waarin ten nadele van de huurder wordt afgeweken, zoals hier, zijn vernietigbaar (7:291, lid 1, BW). Toch slaagt het beroep
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:51 BW
Genoemd in 365 uitspraken · Officiële wettekst
365 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Contradictoir. Faillissementspauliana. Artikel 42, 43, 45 en 51 Fw. Bedrijfsovername. In een overeenkomst ter zake een aandelentransactie tussen de aandeelhouders van een besloten vennootschap (verkopers) en kopers A en B is bepaald dat de vennootschap haar vorderingen op debiteu
Huur bedrijfsruimte. Nadere vaststelling huurprijs. Vernietigbaarheid beding dat afwijkt van art. 7:303 BW. Kan rechterlijke goedkeuring van afwijkend beding worden verkregen nadat het is vernietigd (art. 7:291 lid 1 en 3 BW)? Mogelijkheden om verschillende soorten uitspraak uitv
restitutie verzekeringspremie
beroep op dwaling afgewezen
Art. 3:37 lid 3, 3:49, 3:51 en 6:128 BW. Vernietiging koopovereenkomst wegens dwaling? Niet gebleken dat gedaagde ten tijde van beroep op dwaling kenbaar heeft gemaakt van welke feiten of omstandigheden hij niet op de hoogte was of verkeerde voorstelling van zaken had en op grond
Artikel 5:2 BW en artikel 3:86 lid 3 BW; diefstal; verkrijging van beschikkingsonbevoegde; revindicatie; goede trouw; bewijs
Niet de echtgenoot, maar diens vennootschap heeft zich als borg en hoofdelijk medeschuldenaar verbonden. Geen sprake van rechtshandeling van een echtgenoot, waarvoor toestemmingsvereiste van art. 1:88 lid 1 sub c BW geldt. Vordering afgewezen.
onrechtmatige medewerking aan schijnconstructie c.q. paulianeuze rechtshandeling; reikwijdte aansprakelijkheidsverklaring in toelichting jaarrekening en vaststellingsovereenkomsten; vordering ex art. 3:45 BW en vereiste art. 3:51 lid 2 BW;
koopovereenkomst schip
In geschil is borgstelling. Bank heeft lening verstrekt onder borgstelling. Appellant stelt dat echtgenote geweigerd heeft toestemming te verlenen voor aangaan borgtocht, en betwist dat de handtekening van zijn echtgenote afkomstig is. Hof oordeelt dat nu de echtgenote reeds in 2
Partneralimentatie. Afstand? Ingangsdatum bepaald op tijdstip vertrek uit echtelijke woning.
Vordering tot nakoming van een door gedaagde ondertekende garantieverklaring strekkende tot garantstelling voor een bedrag van € 100.000,00. Echtgenote van gedaagde heeft de garantieverklaring op grond van artikel 1:88 juncto artikel 1:89 BW vernietigd. Naar het oordeel van de re
twee keer achterstellingsovereenkomst getekend. Beroep op misbruik van omstandigheden.
Verzekeringsrecht. Beëindiging arbeidsongeschiktheidsverzekering. Persoonlijk onderzoek door verzekeraar naar verzekerde. Gedragscode Persoonlijk Onderzoek van het Verbond van Verzekeraars, geen recht in de zin van art. 79 RO. Afweging tussen ernst van inbreuk op het recht op eer
Verdeling en verrekening pensioenrechten. Verjaring
Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Peeters q.q./Gatzen-vordering. Bestuurder aansprakelijk geacht wegens selectieve betaling waarvan hem een ernstig persoonlijk verwijt treft.
Bindend advies over afwikkeling huwelijkse voorwaarden (uitsluiting gemeenschap van goederen en periodiek verrekenbeding). Onrechtmatig handelen vrouw door totstandkomen en uitvoering bindend advies te frustreren.
Aanpassen huurprijs bedrijfsruimte.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:248 BW. Onbehoorlijk bestuur? Lening (aanwending vreemd vermogen) met oog op nemen of verkrijgen aandelen in strijd met art. 2:207c lid 2 BW, onder meer in verband met hoogte uitkeerbare reserves? Stelplicht en bewijslast kennelijk onbehoorlij
Geschil over verklaring van derde beslagene. Aard van het geschil brengt mee dat geen vernietiging van rechtshandeling kan worden gevorderd.
schorsing executie; parate executie door hypotheekhouder; beroep op buitengerechtelijke vernietiging onderliggende overeenkomsten treft geen doel.
Verhuurder beroept zich bij wege van verweer terecht op dwaling, als er in dit geval al een huurovereenkomst tot stand zou zijn gekomen.
Huur bedrijfsruimte 230a BW; schuldbekentenis huurder; misbruik van omstandigheden; narekening met kosten herstel; vordering tot herstel van gebreken; huurgenot dat huurder bij aangaan overeenkomst mocht verwachten van een goed; onderhouden bedrijfsruimte van de soort waarop de o
Huur van bedrijfsruimte. Contractuele uitsluiting tussentijdse huuraanpassing. Beroep op vernietigbaarheid; art. 7:291 lid 1 BW. Dwingend recht. Verjaring; art. 3:52 lid 1 onder d BW. Op welk moment is de bevoegdheid vernietigingsgrond in te roepen ‘ten dienste komen te staan’?