Erfrecht. Gedaagde slaagt niet in de bewijsopdracht. De rechtbank beoordeelt vervolgens vanuit dat perspectief de vorderingen van eiser.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:45 BW
Genoemd in 604 uitspraken · Officiële wettekst
604 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Man, weduwnaar, koopt met eigen geld woning. De woning wordt door hem mede op naam van zijn partner gezet met wie hij (niet meer) is gehuwd. De woning wordt geleverd aan de man en zijn partner. Geen geregistreerd partnerschap. Ook geen samenlevingsovereenkomst. De rechtbank is va
Tussenvonnis. Actio Pauliana in de zin van art. 3:45 BW. Bewijsopdracht.
Aanspraak op legitieme portie door onterfde zus tegen (erfgenamen) broer en zus. Het leegruimen van kamer in verzorgingstehuis is i.c. geen gedraging waaruit blijkt dat de erfgenamen de bedoeling hadden de nalatenschap zuiver te aanvaarden. Ook overigens niet gebleken van gedragi
Testament. Broers en zusters van erflater zijn enige erfgenamen, legaat van vruchtgebruik van de nalatenschap voor dienst weduwe. Uitleg erfstelling. Schenkingen en geldleningen door weduwe aan haar zoon uit eerder huwelijk. Vernietiging van de schenkingen op de voet van art. 3:4
Buiten faillissement roept een schuldeiser de pauliana ex artikel 3:45 BW in tegen door zijn schuldenaar verrichte onverplichte rechtshandelingen (girale betalingen aan een familielid) die de schuldenaar is zijn verhaalsmogelijkheden benadelen. Onder meer de vraag of de vernietig
Pauliana. De strekking van de artikelen 3:45-47 BW brengt mee dat voor de beoordeling of sprake is van een rechtshandeling om niet, niet iedere transactie op zichzelf, maar het geheel aan transacties in onderling verband bezien in aanmerking moet worden genomen (koopovereenkomst