-
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:3 BW
Genoemd in 180 uitspraken · Officiële wettekst
180 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
-
Bevoegdheidsincident. De kantonrechter concludeert dat het chalet niet kwalificeert als een onroerende zaak en dat eiser in de hoofdzaak het chalet als consument heeft gekocht. Sprake van een consumentenkoopovereenkomst. De kantonrechter acht zich bevoegd van het geschil in de ho
Brand door niet functionerende frituurthermostaat. Risico-aansprakelijkheid ex artikel 6:173 BW. Bevoegdheid tot instellen vordering tot vergoeding brandschade door individuele appartementseigenaren en/ of de VvE. Deskundigenbericht i.v.m. vaststellen schade en brandwerende maatr
Kort geding. Vordering tot levering van een stacaravan. Afwijzing. De voorzieningenrechter is voorlopig van oordeel dat de koopovereenkomst enkel tot stand is gekomen tussen eiseres en één van gedaagden en dat de andere gedaagde de koopovereenkomst op grond van artikel 1:88 lid 1
Conclusie AG. Niet-ontvankelijkverklaring in verzet tegen strafbeschikking na betaling (art. 257e lid 1, derde volzin, Sv). Slagende klacht dat het kennelijke oordeel van het hof dat de verdachte vrijwillig heeft voldaan aan de strafbeschikking getuigt van een onjuiste rechtsopv
Geschil over zonnepanelen die door een derde geplaatst zijn op een bedrijfsgebouw. Zonnepanelen geen bestanddeel van het gebouw. Beroep op natrekking gaat niet op. Gebruiksovereenkomst voor de transformator niet door bevoegde bestuurder (die twee petten op had) gesloten. Geen mon
Onrechtmatige daad gemeente door verwijderen kiosk (friteskraam). Geen verkrijgende verjaring: geen bezit door verhuur van kiosk. Kiosk is geen onroerende zaak. Geen natrekking door gemeente.
Geschil tussen particuliere eigenaren en grooteigenaar van appartementsrechten. Misbruik van meerderheidspositie door grooteigenaar is niet aangenomen. Uitleg van begrip verbouwing in het modelreglement
Is de zonwering roerend of onroerend
Tussen de belanghebbende en de heffingsambtenaar is in geschil het antwoord op de vraag of de zendinstallatie in zijn geheel dan wel onderdelen daarvan als een onroerende zaak is aan te merken.
Tussen de belanghebbende en de heffingsambtenaar is in geschil het antwoord op de vraag of het grondstation met hekwerk als een onroerende zaak is aan te merken.
Tussen de belanghebbende en de heffingsambtenaar is in geschil het antwoord op de vraag of de zendinstallatie in zijn geheel dan wel onderdelen daarvan als een onroerende zaak is aan te merken.
Wet WOZ. Drijvend woonark vormt geen onroerende maar roerende zaak.