Niet voldoen aan vereiste van schriftelijk vastlegging bij verkoop woning leidt -behoudens uitzonderlijke omstandigheden- tot nietigheid van de koop.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:39 BW
Genoemd in 141 uitspraken · Officiële wettekst
141 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 6 · live
"(...)"2.1. Gedaagde is samen met haar broer ieder voor de onverdeelde helft, eigenaar van de woning aan de (Adres) te Aardenburg. Op de woning rust een levenslang recht van vruchtgebruik ten behoeve van de vader van gedaagde. " (..)" "(..)"2.2. Eind maart 2007 hebben gedaagde en
"Koop woning. Nietig, want niet voldaan aan schriftelijkheidsvereiste. Vorderingen strekkende tot opmaken schriftelijke koopovereenkomst en tot betalen van schadevergoeding passen niet in het wettelijk systeem."
In de (enige) grief wordt, kort samengevat, betoogd dat de voorzieningenrechter ten onrechte ervan is uitgegaan dat de litigieuze afspraak d.d. 24 januari 2007 een overeenkomst van huwelijkse voorwaarden behelst. Dit berust evenwel op een verkeerde lezing van het bestreden vonnis
''(...) 4.1. [eiseres] neemt bij haar vordering tot uitgangspunt dat [gedaagde] [A.M.] onbevoegd heeft vertegenwoordigd tot het aangaan van een rechtshandeling, te weten het sluiten van een koopovereenkomst met betrekking tot de woning. Zij gaat er daarbij echter aan voorbij dat
Is de verkoper van onroerend goed gebonden aan een mondelinge koopovereenkomst? Art. 7:2 BW stelt vormvereiste van schriftelijkeid. Uit parlementaire geschiedenis blijkt echter dat verkoper zich na het bereiken van mondelinge overeenstemming het zomaar kan terugtrekken. In dit ge
Koop onroerende zaak. Vormvereiste van een schriftelijke koopovereenkomst (artikel 7:2 BW).
Geïntimeerde heeft jarenlang toezicht gehouden op de woning van appellante Tussen partijen ontstond een vriendschappelijke band. Op 18 augustus 2004 hebben appellanten geïntimeerde laten weten dat zij de recreatiewoning wilden verkopen. geïntimeerde heeft appellanten vervolgens t
Adviesrelatie tussen bank en cliënt bij een effenctenportefeuille wordt op initiatief van de bank zeer actief ingevuld. Bij het aangaan van de relatie was niet stilgestaan bij het cliëntprofiel. Er was meer dan gemiddeld offensief belegd in effecten. De effectenprotefeuille was m
Ondernemingsrecht. Geschil tussen de curator in het faillissement van een holdingvennootschap en dochtervennootschappen en een bank omtrent de rechtsgeldigheid van kredietovereenkomsten die de bank met deze vennootschappen met tussenkomst van de holding had gesloten terwijl de do
Koop van een recreatiewoning. Ook voor de overeenkomst tot koop van een recreatiewoning geldt het schriftelijkheidsvereiste van artikel 7:2 BW. Omdat koper en verkoper geen overeenstemming hebben bereikt over de voorwaarden waaronder de recreatiewoning zal worden verkocht, onder
Ook in deze zaak komt de vraag aan de orde of onder het sinds september 2003 geldende artikel 7:2 lid 1 BW het daarin vastgelegde schriftelijkheidsvereiste ook geldt voor de verkoper die alleen mondeling overeenstemming heeft bereikt met een (particuliere) koper over de verkoop v
Opheffing conservatoir leveringsbeslag op woonboerderij, waarbij de koopovereenkomst niet schriftelijk is aangegaan. Dat een koopovereenkomst is gesloten is aannemelijk, maar niet dat de verkoper gerechtigd was om de (mede)eigenaren te vertegenwoordigen. Nu de koopovereenkomst on
De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat tussen partijen een mondelinge koopovereenkomst tot stand is gekomen.
Eisers stellen dat zij met gedaagden overeenstemming hebben bereikt over alle essentialia voor de koop van het woonhuis van gedaagden en dat de koop slechts niet op schrift is gesteld. Gedaagden betwisten onder meer dat een perfecte koopovereenkomst tot stand is gekomen en voeren
Grief I is - zakelijk weergegeven - gericht tegen r.o. 2.4 van het beroepen vonnis, waarin de rechtbank heeft overwogen dat de algemene vergadering van aandeelhouders (hierna: ava) van zowel BHV Bouwhout BV als BHV Olie BV (hierna: Bouwhout BV resp. Olie BV) géén besluit heeft ge