Huurovereenkomst voertuig, schade.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:37 BW
Genoemd in 1.323 uitspraken · Officiële wettekst
1.323 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 19 · live
Artikel 7:271 BW. Heeft huurder de digitale aanzeggingen van verhuurder over het einde van een huurovereenkomst van twee jaar of minder (tijdig) ontvangen? Artikel 3:37 lid 3 BW bepaald dat voldoende moet vaststaan dat het bericht de ontvanger heeft bereikt. Verhuurder heeft alle
Werkgever heeft niet voldaan aan de aanzegverplichting. In de arbeidsovereenkomst is niet aangezegd dat deze niet verlengd zou worden. De aanzegbrief is op 28 augustus 2019 om 15:18 uur aangeboden aan PostNL om deze per aangetekende post te verzenden. Uit de door de werknemer ove
Vermogensrecht. Aansprakelijkheid advocaat. Advies tot omleiden geldbedrag via derdengeldrekening, waardoor pandrecht bank teniet gaat. Beroep op ontbreken causaal verband met schade van de bank; novum in cassatie. Aansprakelijkheid stichting derdengelden; onderzoeksplicht sticht
ontslag op staande voet vernietigd; geen sprake van onverwijldheid. Billijke vergoeding toegekend.
recht van eerste koop inzake een appartementsrecht, verplichting verkoper tot aanbieding bij aangetekende brief, art. 3:37 lid 3 BW, bewijs van ontvangst van aangetekende brief, schending recht van eerste koop, verbeurde contractuele boete.
Luchtvaartzaak. Compensatie betaald na dagvaarding. Nevenvorderingen afgewezen. De (gemachtigde van de) passagiers mochten er niet van uit gaan dat de compensatieclaims de luchtvaartmaatschappij hadden bereikt.
Verjaring.
artikel 7:668 BW, aanzegplicht, ontvangsttheorie, artikel 3:37 lid 3 BW, bewijslastverdeling, artikel 7:661 BW, schade
Beroep op opschorting betaling beheervergoeding. Tegenover de eenduidige verplichting tot betaling daarvan staat een veelheid aan verbintenissen die beheerder in het kader van het beheer op zich heeft genomen. In dat kader mag van de opschortende partij worden verwacht dat opscho
tussenarrest
Werknemer neemt zelf ontslag op staande voet. (Processuele) gevolgen daarvan.
Aanzegverplichting 7:668 BW. Verzoek aanzegvergoeding te laat gedaan (vervaltermijn). Partijen niet eens over nieuw contract. Tijdstip einde arbeidsovereenkomst. Sprake van voortzetting arbeidsovereenkomst 7:668 lid 4 BW nu werkgever in het midden liet of werknemer door mocht wer
Kort geding. Werknemer vordert betaling van het loon met ingang van mei 2019. Aangetekend verzonden schriftelijke opzegging wegens dringende reden. Ontvangen door werknemer? Ja. Art. 3:37 lid 3 BW. Vervaltermijn verstreken. Einde arbeidsovereenkomst 14 juni 2019. Veroordeling to
Bestaat de in Duitsland in staat van faillissement verklaarde vennootschap nog, of is het een spookpartij? Stuiting van verjaring door aanmaningen
Vordering tot betaling van een restanthypotheekschuld. Verjaring. Artikel 3:307 lid 1 BW. Stuiting. Artikel 3:319 lid 1 BW.
De ING bank hoeft een registratie van een betalingsachterstand bij het BKR in Tiel niet ongedaan te maken.
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Consumentenrecht. Algemene voorwaarden. Arbitraal beding. Verlof tot tenuitvoerlegging arbitraal vonnis gewezen tegen consument. Ambtshalve beoordeling door voorzieningenrechter van eerlijkheid (arbitraal) beding? Ambtshalve beoordeling door voo
Leningsovereenkomst. Geen verjaring nu de vordering tijdig is gestuit.
Gebondenheid aan bindend advies naar matstaven redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar ? Naamswijziging in hoger beroep : wie is partij in hoger beroep en welke partij heeft het vorderingsrecht?
Ontslag statutair bestuurder. Het ontslagbesluit heeft pas werking als het de bestuurder heeft bereikt.
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Rolbeslissing dat partij zich binnen twee weken diende uit te laten over akte van wederpartij. Was deze rolbeslissing kenbaar voor partij?
Vordering tot betaling restschuld na verkoop voormalige echtelijke woning. Beroep op verjaring niet gehonoreerd
Schuldoverneming. Verrekening. 6:133 BW. Akte van cessie. Schuldeisersverzuim door derdenbeslag.
Huurovereenkomst. Vertegenwoordiging. Was er een voorwaarde aan de bevoegdheid tot tussentijdse beëindiging verbonden? Bewijsopdracht aan verhuurders.