Overeenkomstenrecht. Personenvennootschap. Opzegging van een vof. Hield mondelinge uitlating van vennoot de opzegging van de vof in? Uitlegmaatstaf. Belang van de omstandigheden van het geval. Betekenis van een contractueel vormvereiste voor opzegging van de vof.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:33 BW
Genoemd in 632 uitspraken · Officiële wettekst
632 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Arbeidsrecht. Opzegging arbeidsovereenkomst door werkgever. Geldt ‘duidelijk- en ondubbelzinnigheidsmaatstaf’ ook in geval dat werkgever stelt arbeidsovereenkomst te hebben opgezegd en werknemer stelt dat hij dat niet zo heeft begrepen? Motiveringsklacht, art. 3:37 lid 3 BW.
Conclusie van staatsraad advocaat-generaal Snijders over de vraag welke gevolgen een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel kan hebben. Het gaat dan specifiek om gevallen waarin het bestuursorgaan ondanks het gewekte vertrouwen aan andere, zwaarder wegende belangen voorrang g
Kansspelzaak. Gokbedrijf moet het geld dat eisende partij, de speler, met online gokken heeft verloren terugbetalen omdat het gokbedrijf geen vergunning had om in Nederland online kansspelen aan te bieden en dit naar het oordeel van de rechtbank tot nietigheid van de tussen parti
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Geschil over financiële afrekening tussen franchisegever (supermarktketen) en ruim 240 franchisenemers en de vereniging van franchisenemers. Hof wijst vrijwel alle vorderingen van de franchisenemers af. Klachten over de gehanteerde maatstaf bij d
Appartementsrecht. Het besluit van de VvE de bestuurder niet te ontslaan is niet gericht op rechtsgevolg en daarom geen besluit in de zin van de artikelen 2: 14-16 BW. Een machtiging ex artikel 5:121 BW kan ook verleend worden als het gaat om (geweigerde) medewerking aan benoemin
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Richtlijn consumentenrechten. Moet de rechter bij een op afstand of buiten verkoopruimte gesloten overeenkomst, ambtshalve onderzoeken of is voldaan aan de informatieplichten van art. 6:230m en 6:230v BW? Ambtshalve aan schending van die informa
Ambtshalve toetsing door de rechter van de informatieplichten van afd. 6.5.2B BW.
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op geldbedrag (€ 7.560,-) onder klager t.z.v. strafrechtelijk onderzoek naar witwassen. Rb heeft klager n-o verklaard in zijn beklag op de grond dat klager afstand heeft gedaan van het inbeslaggenomen geldbedrag. Heeft klager op rechtsgeldige wijze af
artikel 6:96 lid 6 BW, aanmaning buitengerechtelijke incassokosten, veertiendagentermijn, ontvangsttheorie, termijn van veertien dagen vangt aan de dag na ontvangst van de schriftelijke aanmaning door de consument.
Het hof vernietigt testament van 104-jarige, hetgeen impliceert dat oude testament herleeft.
Octrooirecht. Procesrecht. Verenigbaarheid van de tweeconclusieregel met art. 138 lid 3 Europees Octrooiverdrag? Uitleg art. 138 lid 3 EOV aan de hand van art. 31-32 Weens Verdragenverdrag. Toepassing van de tweeconclusieregel naar aanleiding van bij akte in hoger beroep aangebra
Arbeidsrecht. Opzegging arbeidsovereenkomst door werkgever. Geldt de volgens vaste rechtspraak geldende maatstaf ter beantwoording van de vraag of een werknemer vrijwillig zijn arbeidsovereenkomst heeft willen beëindigen, óók in het geval dat de werkgever stelt de arbeidsovereenk
Erflater wilsonbekwaam? Is de erfgenaam een tussenbeidekomende persoon?
Vertegenwoordiging, ontbreken bevoegdheid, onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid voor sluiten overeenkomst namens een pas later opgerichte vennootschap. Bekrachtiging in oprichtingsakte, aan bekrachtigingshandeling te stellen eisen (art. 3:69, 3:33 en 3:37 BW).
Arbeidsrecht. Platformwerk. Waren de schoonmakers bij het (inmiddels failliet verklaarde) platform Helpling werkzaam op basis van een arbeidsovereenkomst of uitzendovereenkomst met Helpling, of op basis van een arbeidsovereenkomst met de huishoudens? Kan een particulier huishoude
A-G IJzerman heeft conclusie genomen over de vraag of het door de ouders van belanghebbende in een Liechtensteinse Stiftung afgezonderde vermogen, moet worden aangemerkt als discretionair vermogen, zodat dit na overlijden van de moeder moet worden toegerekend aan belanghebbende,
-
Douanerechten; art. 4, punt 18, art. 5, leden 2 en 4, en art. 201, lid 3, CDW; art. 2:240, leden 2 en 3, art. 3:33, art. 3:37 en art. 3:61, lid 2, BW; directe vertegenwoordiging; douaneschuldenaar; door douane-expediteur overgelegde machtiging om belanghebbende direct te vertegen
Brandstofleverantie aan zeeschip. OW Bunker. Eigenaar en manager van zeeschip vorderen verklaringen voor recht dat feitelijke leverancier niets van hen te vorderen heeft. Wie is contractspartij? Buitencontractuele vorderingen?
Verbintenissenrecht. Betalingsafspraak. Aanbod en aanvaarding (art. 6:217 lid 1 BW). Haviltex-maatstaf. Grenzen rechtsstrijd. Bewijswaardering. Bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:9 BW). Mondelinge behandeling (art. 6 EVRM).
Uitleg van uiterste wilsbeschikkingen. De betekenis van de uitlegregels van art. 4:46 BW in het licht van algemene uitlegprincipes en hun totstandkomingsgeschiedenis. Gewijzigde omstandigheden. Redelijkheid en billijkheid.
Erfrecht. Art. 4:55 BW. Art. 3:34 BW. Testament dat met toestemming van kantonrechter is gemaakt door erflaatster die wegens geestelijke stoornis onder curatele was gesteld. Is testament onder invloed van stoornis in de geestvermogens tot stand gekomen?
Huurovereenkomst bedrijfsruimte. Uitleg garantiebeding. Gevolgen van tussentijdse ontbinding van de huurovereenkomst.
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Geschil over financiële afrekening tussen franchisegever (supermarktketen) en ruim 240 franchisenemers en de vereniging van franchisenemers. Hof wijst vrijwel alle vorderingen van de franchisenemers af. Klachten over de gehanteerde maatstaf bij d