Verjaring vordering, stuitende werking van indienen vordering bij curator in faillissement vervallen omdat niet binnen 6 maanden na opheffen faillissement een nieuwe eis is ingesteld Artikel 3:316 tweede lid BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:316 BW
Genoemd in 701 uitspraken · Officiële wettekst
701 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 25 · live
Art. 81 RO. Rechtspersonenrecht. Schuldeiser niet-ontvankelijk in verzet als bedoeld in art. 2:23b lid 5 BW tegen rekening en verantwoording en plan van verdeling vanwege verjaring van de gestelde vordering uit onrechtmatige daad?
Geschil tussen houders pompstation aangaande de beëindiging van hun contractuele relatie. Aanvang verjaringstermijn van 3:307 lid 2 BW + stuiting. Vertegenwoordiging (schijn van) voortvloeiend uit bepaalde functie.
Verbintenissenrecht. Verjaring rechtsvordering tot vernietiging rechtshandeling op grond van dwaling of bedrog; art. 3:52 lid 1, onder c, BW. Uitleg stellingen. Feitelijk oordeel. Ondeugdelijke cassatieklachten. (81 RO)
Vermogensbeheer met trust-constructie. Rekening en verantwoording. De wederpartij van degene wiens vermogen zal worden beheerd, brengt het vermogen in in een trust(achtige constructie). Dit ontslaat die wederpartij op zichzelf nog niet van de plicht tot het doen van rekening en
Kwijtschelding van een intercompany-schuld voorafgaand aan faillissement
Verjaring. Schadevergoeding na mishandeling. Twee conclusie regel.
Door koop en cessie verkregen vordering uit overeenkomst tot doorlopende kredietverlening. Consumente zegt zich van geen schuld bewust te zijn na een reeks van jaren (stelt zes jaar lang niets meer gehoord te hebben). Hoewel niet uitdrukkelijk een beroep op verjaring van de recht
Verdachte veroordeeld ter zake oplichting tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een grootschalige oplichting door zich op de aan mensen voor te doen als iemand
Samenhang met HR 24 december 2010, nr. 09/04673. Invorderingszaak (art. 36 Iw 1990). Verhaal fiscus op bestuurder. Beroep op vernietiging van door bestuurder in privé verrichte rechtshandelingen met oogmerk verhaalsmogelijkheden te verminderen; art. 36 lid 8 Iw 1990. Aanvang verj
Verjaring. Vereisten voor stuiting verjaring; vraag of processtukken in eerdere procedure mogelijk een mededeling in de zin van art. 3:317 lid 1 BW bevatten; vervolg van HR 4 april 2003, nr. C01/221, LJN AF3077. (art. 81 RO).
Koop. Vordering tot betaling koopprijs. Stuiting verjaring ex art. 3:316 BW? Hof had niet zonder nadere motivering mogen voorbijgaan aan essentiële stelling verkoopster dat verjaring is gestuit door eerdere “van haar zijde” jegens koopster geïnitieerde procedure (HR 2 maart 2001
Zeevervoer onder cognossement van VS naar Angola. Schade door schuiven lading. Toepasseljk recht. Aanspraklijkheid afzender ex 4(3) US CoGSA 1936? Aansprakelijkheid vervoerder? Verjaring?
In geschil is de aansprakelijkheid voor schade die is ontstaan bij werknemer als gevolg van bedrijfsongeval. Van het ongeval is geen rapport opgemaakt. De HR heeft herhaaldelijk geoordeeld dat het ontbreken van melding en registratie van het ongeval leidde tot de aanname dat de w
Ontslag op staande voet van werkneemster (vervangend filiaalleider) rechtsgeldig geoordeeld, omdat zij in strijd met de bedrijfsinstructie artikelen uit de winkel heeft meegenomen zonder deze te betalen en daarover een leugenachtige verklaring heeft afgelegd.
Verjaring (voormalige) faillissementsvordering. 1. Ter verificatie ingediende vordering is slechts op voet van art. 3:316 lid 1 BW gestuit indien binnen zes maanden na het in kracht van gewijsde gaan van de beschikking tot opheffing van het faillissement wegens de toestand van de
[A] is op grond van een tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst in dienst geweest van AZ als trainer-coach van het eerste elftal. Uit hoofde van dat dienstverband heeft [A] loon ontvangen van AZ, over welk loon AZ de verschuldigde loonbelasting heeft voldaan aan de belasting
Eiser vordert schadevergoeding van de Staat wegens onrechtmatige daad (onrechtmatige opsporingsmethodes). Vorderingen zijn verjaard en worden afgewezen.
Al dan geen onrechtmatige daad van universiteit jegens medewerker en verjaring.
Verzet tegen concept-uitdelingslijst (als bedoeld in 2:23b lid 5 BW) niet-ontvankelijk
Eiser vordert - samengevat - hoofdelijke veroordeling van gedaagden tot betaling van een bedrag. Eiser baseert zijn vordering op de overeenkomst van geldlening die hij met gedaagden heeft gesloten. Gedaagden hebben allereerst een beroep gedaan op verjaring op grond van artikel 3:
Kennelijk onredelijk ontslag. Verjaringstermijn van zes maanden. Heeft de juridische gemachtigde van de ontslagen werknemer de verjaring van de vordering ondubbelzinnig gestuit in haar brief aan de werkgever? Heeft de voormalige juridische gemachtigde van de werkgever dat beter b
Uitputting van auteursrecht m.b.t. software. Art. 45j Aw rechtmatige verkrijger? Onrechtmatig profiteren van wanprestatie?
Het geschil De Ontvanger vordert dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, voor recht verklaart en vaststelt welk bedrag de Ontvanger ingevolge het ten laste van [betrokkene] onder [gedaagde] gelegde derdenbeslag toekomt en [gedaagde] veroordeelt om dat bedrag aan de
verzekeringsrecht, verjaring, stuiting Opgetreden scheurvorming in aangelegde gecombineerde ligthrail/busbaan die onderdeel vormt van het Zuidtangent project. De rechtbank komt tot de conclusie dat de vordering is verjaard, en dat rechtsgeldige stuiting van de verjaring niet heef