Eiser stelt dat zijn bomen door gedaagde op onrechtmatige wijze zijn gesnoeid en afgetopt en vordert de hierdoor geleden schade. Gedaagde eist in reconventie verwijdering van de bomen op grond van art. 5:42 BW en vergoeding van de door hem gemaakte kosten van het snoeien en aftop
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:314 BW
Genoemd in 469 uitspraken · Officiële wettekst
469 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 18 · live
Vermogensrecht. Geen verkrijgende verjaring van strook grond ex art. 3:105 BW. Hof had moeten onderkennen dat na de erkenning in de zin van art. 3:318 BW, waardoor de verjaring werd gestuit, op de voet van art. 3:319 BW een nieuwe verjaringstermijn van vijf jaren aanving. In dit
Burenrecht. Hinder van bomen. Afwijkend aanvangstijdstip van de verjaringstermijn. Aanvaarding beroep op afwijkende plaatselijke gewoonte. Geen onrechtmatige hinder.
Door verjaring van de rechtsvordering van de eigenaar van de grond verkrijgt de bezitter erfdienstbaarheid van weg. Overgangsrecht.
Beroep op extinctieve verjaring; aanvang verjaringstermijn. Gedaagde heeft percelen grond gepacht van de Gemeente. Na beëindiging van de pachtovereenkomst blijft gedaagde de grond gebruiken voor zijn melkveebedrijf. Wanneer de Gemeente in 2008 haar eigendom opeist, beroept gedaag
"Gebruik" van gemeentelijke groenstrook door eigenaar van naastgelegen perceel. Vraag of er sprake is van eigendomsverkrijging door verkrijgende verjaring. In dit geval is geen sprake van de pretentie van eigendom. Feitelijk onderhouden en opnieuw beplanten groenstrook is daartoe
Bevrijdende verjaring ten aanzien van stuk gemeentegrond? Nee. Geen inbezitname van de grond door hierop coniferen te planten en een schuurtje te plaatsen. De termijn van verjaring van de rechtsvordering strekkende tot opeising van de grond is daardoor nog niet verstreken.
Erfdienstbaarheid.
Gemeente vordert ontruiming van een gedeelte van een perceel. Is de vordering tot opheffing van de onrechtmatige toetstand verjaard? Gedaagde heeft het eigendomsrecht erkend en daarmee is de verjaring op de voet van het bepaalde in artikel 3:318 BW gestuit. Vordering tot ontruimi
Teniet gaan van erfdienstbaarheid, door verjaring van de rechtsvordering tot opheffing van daarmee strijdige toestand, ex artikel 3: 306 BW. Tevens opheffing van erfdienstbaarheid wegens het wegvallen van het belang ex artikel 5:79 BW. Anders dan A aanvoeren moet het ervoor worde
Burengeschil, balkon, bevrijdende verjaring.
Indien appellant geen rechthebbende op het perceel was heeft hij door er een huis te bouwen en er te gaan wonen bezit van genomen. Dat appellant het voor een ander hield, is gesteld noch gebleken. De rechtsvordering tot opheffing van deze onrechtmatige toestand verjaart door verl
Gedaagde heeft zich beroepen op verjaring van de rechtsvordering tot opheffing van de volgens eiser onrechtmatige toestand in de zin van artikel 3:314 lid 1 BW, omdat de in 1968 geplante bomen in 1985 waren volgroeid, zodat de verjaringstermijn van twintig jaar (artikel 3:306 BW)
erfdienstbaarheid (objecten hoger dan 1, 20 meter); opheffing; wijziging; verjaring
Burenrecht. Binnen twee meter van de erfgrens geplante conifeer levert in casu geen onrechtmatige hinder op. Vordering tot verwijdering is verjaard nu vast staat dat de conifeer meer dan 20 jaar geleden is geplant er geen stuitingshandeling(en) is/zijn verricht.
Sedert 2000 is [eiser] eigenaar van de (in 1978 gebouwde) woning aan de [adres] te Oostburg, gemeente Sluis (hierna: de woning). De benedenverdieping van de woning ligt lager dan de [adres] en lager dan het maaiveld. [eiser] is door de vorige eigenaar op de hoogte gesteld van wat
Over de aanvang van de verjaringstermijn van de vordering tot verwijdering van bomen binnen twee meter van de erfgrens. Omdat de nabuur zich ingevolge artikel 5:42 lid 3 BW niet kan verzetten tegen de aanwezigheid van bomen die niet hoger reiken dan een scheidsmuur, kan de aanwez
Eiser in conventie is vanaf 30 juni 1978 eigenaar van de woning met aanbehoren en erf, staande en gelegen te Burgh-Haamstede. De gemeente is eigenaresse van de openbare weg waar de woning van eiser in conventie is gevestigd. In 1978 heeft hij is er een conventie een tuinarchitect
Onduidelijk is gebleven wanneer het medegebruik precies is gestart. Volgens [appellanten] maakte gemotoriseerd verkeer (het hof begrijpt:) van en naar het achterste deel van het perceel van [familie A] al vanaf 1962 gebruik van de grintweg (akte d.d. 9 februari 2007 houdende reac
Onrechtmatige overheidsdaad. Geschil tussen varkenshouder en Staat over juistheid van registratie varkensrechten in kader van Wet herstructurering varkenshouderij; verjaring (81 RO).
Naar 's hofs voorlopig oordeel is in het onderhavige geval in onvoldoende mate aannemelijk geworden dat de opvaart aan dit vereiste voldoet. Aannemelijk is weliswaar dat de opvaart wel openstaat voor gebruik als vaarwater; dat sprake is ondieptes doet daaraan naar 's hofs oordeel
Met een beroep op verkrijging te kwader trouw door extinctieve verjaring op grond van artikel 3:105 BW en nader ook op grond van goede trouw (artikel 3:99 BW) menen eisers dat eerst hun ouders, en nu zij op grond van vererving, als eigenaar van het weitje behoren te worden bescho
Burenrecht. Vordering tot opheffing onrechtmatigheid wegens het planten van coniferen binnen twee meter van de grenslijn. Verjaringstermijn van artikel 3:306 BW vangt aan op het moment dat de bomen boven de scheidsmuur uitkomen (artikel 5:42, derde lid, BW).
Eiser in conventie vordert ontruiming van een stuk grond, dat al lange tijd in bezit is van de eigenaars van het naastgelegen pand (gedaagden en rechtsvoorgangers). In reconventie vorderen gedaagden (eisers in reconventie) dat voor recht wordt verklaard dat de rechtvordering tot
Burengeschil. Anders dan bij bevrijdende verjaring, kan de rechter ambtshalve beoordelen of sprake is van verkrijgende verjaring. Bevel om vooruitlopend op comparitie ter plaatse de kadastrale grens te laten uitzetten door het Kadaster. Suggestie mediation.