-
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:310 BW
Genoemd in 2.390 uitspraken · Officiële wettekst
2.390 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Arbeidsrecht. Ontzegging beroep werkgever op vervaltermijn art. 9 lid 3 BBA op grond van beperkende werking redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 lid 2 BW). Terughoudende toetsing.
Aansprakelijkheid voor gebrekkige opstal (art. 6:174 BW). Verjaring vordering benadeelde. Aanvangsmoment van de twintigjarige verjaringstermijn van art. 3:310 lid 1 BW. Gebeurtenis die de schade heeft veroorzaakt. Voortdurend karakter van die gebeurtenis. Nuancering van HR 25 jun
Arbeidsrecht. Werkgeversaansprakelijkheid. Mesothelioom. Beroep op verjaring (art. 3:310 lid 2 BW) naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635, NJ 2000/430 (Van Hese/De Schelde). Betekenis van EHRM 11 maart 2014, nrs. 5
Vermogensrecht. Nalatenschap. Afgifte legaat. Verjaring vordering tot afgifte? Art. 3:306 BW en art. 3:313 BW. Beroep op verjaring naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? Art. 6:2 lid 2 BW. Uitzonderlijk geval? HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635.
Asbest. Aansprakelijkheid voor in verkeer brengen van asbestplaten. Verjaringstermijn. Vrijkomen asbeststof bij verzagen asbestplaten geen luchtverontreiniging in de zin van art. 3:310 lid 2 BW. Deze bepaling in onderhavig geval toch toepasselijk nu asbest bijzonder gevaar van er
mesothelioom, beroep op verjaring naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?
Beëindiging kredietrelatie. Schending zorgplicht bank bij afsluiten renteswapovereenkomsten en nieuwe kredietovereenkomst? Aanvangsmoment verjaringstermijn art. 3:310 lid 1 BW. Toepassing van HR 9 oktober 2020, ECLI:NL:HR:2020:1603 (Belastingadvies Maltaroute). Cessie ter incasso
Schadevergoeding; verjaring. Vaststellingsovereenkomst met voorbehoud voor bepaalde toekomstige schade. Voorwaardelijke vordering? Aanvullen van rechtsgronden. Verjaring o.g.v. art. art. 3:307 lid 2 BW; aanvangsmoment. Bewijs dat voldaan is aan voorwaarde in voorbehoud, ondanks v
30-jarige verjaringstermijn. Aansprakelijkheid werkgever. Blootstelling aan asbest tijdens werk op scheepswerf in de jaren 1952-1964. Mesothelioom, causaal verband. Gezichtspunten uit HR 28 april 2000, NJ 2000, 430. Derogerende werking redelijkheid en billijkheid. AVB-verzekeraar
asbestzaak; wergeversaansprakelijkheid ex art. 7:658 BW voor ziekte mesothelioom van werknemer a.g.v. blootstelling aan asbest? vordering verjaard o.g.v. art. 3:310 lid 2 BW; geen uitzondering daarop o.g.v. art. 6 EVRM/art. 3:310 lid 4 BW/of art. 6:2 BW
30-jarige verjaringstermijn. Aansprakelijkheid werkgever. Blootstelling aan asbest tijdens werk op scheepswerf in de jaren 1950-1964. Mesothelioom, causaal verband. Gezichtspunten uit HR 28 april 2000, NJ 2000, 430. Derogerende werking redelijkheid en billijkheid.
Aansprakelijkheid van asbestproducent jegens derde die in het kader van zijn werkzaamheden (timmerman in de bouw) veelvuldig met asbest in aanraking is gekomen. Verjaring van de schadevergoedingsvordering. Groepsaansprakelijkheid. Smartengeld.
De echtgenoot van eiseres overlijdt ten gevolge van mesothelioom. Hij zou deze opgelopen hebben in 1964/1965 als inleenkracht bij gedaagde. Gedaagde beroept zich op verjaring. Dit beroep wordt getoetst aan de criteria van het arrest Van Hese-De Schelde. De rechtbank oordeelt dat
Asbest, mesothelioom, doorbreking verjaring.
Asbestzaak. Geschil tussen aansprakelijkheidsverzekeraar van een (niet meer bestaande) werkgever en de erfgename van een oud-werknemer over werkgeversaansprakelijkheid op grond van art. 7:658 BW wegens blootstelling van deze werknemer aan asbeststof in de periode januari 1952 tot
Asbestzaak. Vraag of de vordering is verjaard. Het arrest richt zich op de gezichtspuntencatalogus van de Hoge Raad met betrekking tot de doorbreking van de absolute verjaringstermijn. artikelen 3:12, 3:310, 6:2, 6:248 BW.
Asbestzaak. Geschil tussen werkgever en de erven van een oud-werknemer over werkgeversaansprakelijkheid op grond van art. 7:658 BW wegens blootstelling van deze werknemer aan asbeststof gedurende zijn dienstverband in de periode 1965-1967 in de uitoefening van werkzaamheden als m
(Schending) zorgplicht(en) fertiliteitsarts. Verjaring. Wettelijk kader. Ten aanzien van groot aantal eisers zijn de vorderingen in absolute zin verjaard. Beroep op verjaring is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar. (Weging) gezichtspunten arrest Va
Asbestzaak. Weduwe van aan mesothelioom overleden cv-monteur vordert schadevergoeding van gewezen werkgever. Deze beroept zich op verjaring in de zin van artikel 3:310 lid 2 BW. De kantonrechter honoreert dat verjaringsverweer. Geen reden voor het stellen van een prejudiciële vra
Eiser heeft de Staat aansprakelijk gesteld voor de schade die hij ten gevolge van de asbestziekte lijdt en heeft geleden. De Staat heeft deze aansprakelijkheid afgewezen. Schending observatieplicht/waarschuwingsplicht; verjaring? Geen onrechtmatige handeling Staat jegens eiser.
mesothelioom voortzetting tussenarrest 10 september 2013: ECLI:2013:4190 bewijswaardering blootstelling aan asbest verjaring / gezichtspuntencatalogus
Aansprakelijkheid advocaat beroepsfout in asbestzaak. Gezichtspuntencatalogus. Afwijzing.
Arbeidsrecht. Werkgeversaansprakelijkheid. Mesothelioom. Beroep op verjaring (art. 3:310 lid 2 BW) naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635, NJ 2000/430 (Van Hese/De Schelde). Betekenis van EHRM 11 maart 2014, nrs. 5
Mesothelioom-zaak. Beroep op verjaring door (rechtsopvolger van) werkgever. Geen prejudiciële vragen aan de Hoge Raad, n.a.v. EHRM Moor c.s/Zwitserland. Beoordeling aan de hand van de gezichtspunten uit HR Van Hese/Schelde. Beroep niet onaanvaardbaar.