Terugvordering WAO-uitkering. Voor verjaringstermijn aansluiting zoeken bij Burgerlijk Wetboek. Redelijke termijn EVRM.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:309 BW
Genoemd in 289 uitspraken · Officiële wettekst
289 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Contractenrecht. Biedt het contract een rechtsgrond voor het periodiek in rekening brengen door de exploitant van stadsverwarming van een aansluitbijdrage via het vastrecht? Uitleg beding. Contra proferentem-regel. Onjuiste toepassing transparantievereiste? Staat verjaring van ee
Toetsingskader verzoek afschrift in bewijsbeslag genomen stukken in kort geding. Toetsingskaders interne bestuurdersaansprakelijkheid en tegenstrijdig belang. Linders/Hofstee-doctrine. Transparantievereiste bij belangenverstrengeling. Bestaan rechtsbetrekking op grond van onrecht
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde part
Renteswap. Diverse vorderingen jegens de bank, onder meer op grond van dwaling ten aanzien van de risico’s van renteswaps en op grond van onrechtmatig handelen dan wel toerekenbare tekortkoming. Verjaring.
Doorlopend krediet - wijziging kredietvergoeding - uitleg beding, geen vernietiging gevraagd - is verlaging marktrente aan de consument doorgegeven? - biedt bevoegdheid de overeenkomst te beëindigen voldoende compensatie tegen onbeperkte wijzigingsbevoegd?
Arbeidsrecht. Werkgeversaansprakelijkheid. Mesothelioom. Beroep op verjaring (art. 3:310 lid 2 BW) naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? HR 28 april 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5635, NJ 2000/430 (Van Hese/De Schelde). Betekenis van EHRM 11 maart 2014, nrs. 5
Verjaring vordering m.b.t een overeenkomst van geldlening waarin geen termijn voor nakoming is bepaald. Verjaring vorderingen uit onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking.
Renteswap. Vordering verjaard.
Art. 6:203 BW; art. 6:205 BW; art. 3:309 BW; art. 3:317 BW Hoger beroep; tussenarrest; eigenaren van een vakantiewoning vorderen informatie van de parkbeheerder over in rekening gebrachte kosten en vorderen terugbetaling van kosten en van een deel van de parkbijdrage; uitleg alge
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Is bij het boeken van accommodaties via een platform als dat van Airbnb sprake van bemiddeling (art. 7:425 BW)? Is het courtageverbod van art. 7:417 lid 4 BW, op grond waarvan de tussenpersoon in voorkomend geval geen recht heeft op loon jegens
Executiegeschil. Overledene leent geld uit, neergelegd in een hypotheekakte. Heeft de grosse executoriale kracht? Lijden de beslagen schade?
renteswap, verjaring, geen zorgplichtschending voor wat betreft opslagverhogingen en verborgen provisie
Tussenvonnis. Doorlopend kredietovereenkomst. Bank kan kredietvergoeding eenzijdig wijzigen. Het beding is onduidelijk. Consument verzet zich tegen vernietiging van het beding.
70f lid 3 en lid 5 Pachtwet. De kern van de zaak is de kwalificatie van de tussen partijen gesloten gebruikersovereenkomst van 2006. Het is geen teeltovereenkomst als bedoeld in artikel 70f lid 3 Pachtwet omdat niet aan de formele vereisten is voldaan. Er zijn onvoldoende aanknop
Moeder stelt q.q., als wettelijk vertegenwoordiger van minderjarige zoon, hoger beroep in zonder machtiging van kantonrechter als bedoeld in artikel 1:253k BW in verband met artikel 1:349 lid 1 BW. De zoon wordt tussen het moment van uitbrengen van de appeldagvaarding en het mome
-
Heffingen Productschap Tuinbouw. Verzoek restitutie van zonder rechtsgrondslag betaalde heffingen. Beperking tot 5 jaar. Restitutie heffingen. Terugkomen van besluit. Periode. Wettelijke rente. Eigen schuld
Tegenstrijdig belang. Verjaring vordering. Criterium tegenstrijdig belang.
Effectenlease. Art. 1:88/1:89 BW. Stuiting van de verjaring van de vordering van de echtgenote door gevolmachtigde. Volmacht door Dexia pas na jaren in twijfel getrokken; beroep Dexia op ongeldigheid volmacht verworpen. Vernietiging leaseovereenkomst door echtgenote effectief. Te
Aansprakelijkheidsrecht. Vordering tot terugbetaling van door bank in rekening gebrachte, door cliënt periodiek betaalde, liquiditeitspremie. Aanvangsmoment verjaring vordering uit onverschuldigde betaling (art. 3:309 BW). Ontstaansmoment vordering bij onverschuldigde periodieke
Gedaagde heeft een aantal woningen van eiser in beheer en verhuurt deze (middels kamerverhuur) onder aan particulieren. Tussen partijen is in geschil of de tussen bestaande rechtsverhouding kwalificeert als een beheerovereenkomst (en daarmee een opdrachtovereenkomst) of een huuro
‘Housing service’ voor buitenlandse studenten van een universiteit, waarvoor studenten een ‘housing fee’ betalen, komt neer op (tweezijdige) bemiddeling in de zin van artikel 7:425 BW. Op grond van artikel 7:417 lid 4 BW heeft de universiteit dan geen recht op loon jegens de huur
Aansprakelijkheid andere echtgenoot voor verbintenissen aangegaan ten behoeve van de gewone gang van de huishouding (art. 1:85 BW); toepasselijkheid art. 1:85 BW op verbintenissen uit geldlening; verjaringstermijn; buitengerechtelijke kosten; tijdig verstrekken proces-verbaal.
Effectenlease. Art. 1:88 BW. Eigen vordering echtgenote tot vernietiging. ECLI:NL:HR:2020:810. Verjaringsverweer faalt.