Twee SprintPlanovereenkomsten. Eiser vordert terugbetaling van hetgeen hij op grond van de tweede overeenkomst heeft betaald, omdat deze door zijn dochter en niet door hem is ondertekend. Vordering afgewezen op grond van verjaring. Aegon vordert in reconventie betaling van de ach
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:309 BW
Genoemd in 289 uitspraken · Officiële wettekst
289 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Vordering gebaseerd op onverschuldigde betaling verjaard op grond van artikel 3:309 BW, termijn uiterlijk 2003 aangevangen.
Vordering in verband met creditnota is een vordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst en niet een uit onverschuldigde betaling. Derhalve is niet art. 3:309 BW maar 3:307 BW van toepassing. Creditnota is niet meer dan bevestiging van reeds bestaande schuld. Datum
WSNP. Tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling op grond van art. 350 lid 3, aanhef en onder f, F. Oordeel hof dat deze beëindigingsgrond is bedoeld voor feiten en omstandigheden die op het moment van toelating tot de regeling - en dus niet slechts ten tijde van indiening
Kennelijk onbehoorlijk bestuur door jarenlang hoge managementvergoedingen uit te laten betalen zonder titel; onvoldoende optreden daartegen van bestuurders. Causale verband met faillissement. Toerekening wetenschap aan holding.
reisgaranties; mededingingsrecht; machtspositie
Verjaring. Vereisten voor stuiting verjaring; vraag of processtukken in eerdere procedure mogelijk een mededeling in de zin van art. 3:317 lid 1 BW bevatten; vervolg van HR 4 april 2003, nr. C01/221, LJN AF3077. (art. 81 RO).
Familierecht; verzoek tot wijziging overeenkomst betreffende levensonderhoud op de voet van art. 1:401 leden 1 en 5 BW en tot beëindiging van de alimentatieverplichting op de voet van art. II lid 2 WLA. Beslissing tot alsnog uitvoerbaar bij voorraad verklaren van uitspraak kan wo
Herziening, weigering en terugvordering kinderbijslag. Naar het oordeel van de Raad heeft appellant niet op eenvoudig controleerbare wijze aangetoond dat hij zijn kinderen vanaf het vierde kwartaal van 1998 tot en met het vierde kwartaal van 2004 respectievelijk vanaf het vierde
Terugvordering teveel betaalde WAO-uitkering wegens inkomsten uit arbeid. Verjaring: Met appellant is de Raad van oordeel dat de informatie die appellant heeft verstrekt met het op 6 januari 1998 door het Uwv ontvangen inlichtingenformulier (...) voor het Uwv voldoende duidelijk
Onrechtmatige overheidsdaad. Verjaring. Strafrechtelijk beslag. Dat de staat niet heeft ver-meld wat er met het in beslag genomen geld is gebeurd, levert geen grond op voor verlenging van verjaringstermijn op de voet van art. 3:321 lid , aanhef en onder f, BW; geen stuitings-hand
Bij besluit van 16 oktober 2007 heeft verweerder een bedrag van € 48.660,97 van eiseres teruggevorderd ter zake van te veel betaalde uitkering ingevolge de Algemene nabestaandenwet (hierna: Anw) alsmede ingevolge de Algemene Ouderdomswet (hierna: AOW) over de periode van februari
Bij besluit van 17 oktober 2007 heeft verweerder een bedrag van € 78.727,04 van eiser teruggevorderd ter zake van te veel betaalde uitkering ingevolge de Algemene nabestaanden¬wet (hierna: Anw) alsmede ingevolge de Algemene Ouderdomswet (hierna: AOW) over de periode van februari
Verzet tegen in executoriale vorm weergegeven terugvorderingsbesluit op grond van artikel 60 Wet Werk en Bijstand moet worden begrepen als executiegeschil. Beperkte taak executierechter. Het onbenut laten van middelen van bezwaar en beroep staat niet in de weg aan de formele rech
Gepensioneerden spreken hun voormalig werkgever aan omdat deze niet heeft voldaan aan de verplichting tot afdracht van het werkgeversdeel. Er komen pensioenrechtelijke vraagstukkenaan de orde. Er is verder, anders dan gedaagde stelt, geen sprake van verjaring van de vorderingen.
Douane-expeditie. Opdrachtgever van douane-expediteur vordert door hem ten behoeve van douane-expediteur n.a.v. dispuut met de Belastingdienst/Douane over voor hem gedane inklaringen terug. Opdrachtgever moet bewijzen dat Belastingdienst/Douane terzake ni
Aanspraak van vruchtgebruikster van de nalatenschap, waaronder uit de pachtovereenkomst voortvloeiende rechten, op nakoming door de pachter van uit de pachtovereenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen (artikel 3:9 lid 2 juncto 3:216 BW). Toepasselijkheid van artikel 8 PW/7
Terugvordering te veel betaalde uitkering ingevolge de WAO. Geen dringende reden om (deels) van terugvordering af te zien.
Betreft een vordering van een pluimveevangbedrijf tot terugbetaling van de premie die ten onrechte zou zijn betaald als gevolg van het feit dat de eisende partij ten onrechte aangesloten is geweest bij diverse bedrijfstakregelingen en - fondsen in de agrarische sector. Vordering
Gezamenlijke huishouding en verjaring rechtsvordering.
Terugvordering bijstand, verzwijgen eigen vermogen, vervolg op HR 7 april 2000, nr. R99/122, NJ 2000, 499; geding na verwijzing, interingsberekening, aanvangsdatum fictieve intering.
Bekendheidscriterium artikel 3:309 BW. Wetenschap van de curator ten aanzien van handelingen die hij heeft verricht ter vereffening van de boedel en het doen van uitkeringen aan schuldeisers is niet gelijk te stellen met de wetenschap van de gefailleerde.
Uitleg van echtscheidingsconvenant dat tot stand is gekomen onder leiding van beide advocaten van partijen. Is daling inkomen vrouw in casu onaanvaardbaar. Niet aannemelijk dat convenant tot stand is gekomen met grove miskenning van de wettelijke maatstaven. Beroep op verjaring n
Eiseres vordert diverse vergoedingen uit hoofde van een licentieovereenkomst. Gedaagde stelt dat zij niet gehouden is tot betaling nu er sprake is van onvoorziene omstandigheden en toerekenbaar tekortschieten door eiseres. Het beroep van gedaagde op onvoorziene omstandigheden faa
Centraal staat de vraag of verweerder op goede gronden heeft besloten tot terugvordering van de over de periode 1 juli 1997 tot en met 31 augustus 2001 ten onrechte verleende bijstand. Is er sprake van verjaring?