Eisende partij vordert uitbetaling van een zorgverzekeraar van een aantal facturen ter zake van door haar uitgevoerde geneeskundige behandelingen. De zorgverzekeraar beroept zich op onder meer verjaring ex artikel 7:942 lid 1 BW. De kantonrechter oordeelt dat artikel 7:942 BW een
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:307 BW
Genoemd in 1.005 uitspraken · Officiële wettekst
1.005 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 14 · live
Kwijtschelding - verjaring - onduidelijke leen- en afbetaling constructie
Opeisbaar saldo Doorlopend Krediet en debetsaldo girorekening. Verjaring? Saldi bewezen op grond van de Algemene bankvoorwaarden of artikel 6:140 lid 3 BW? Bewijsopdracht.
Geldleningsovereenkomst. Geen verjaring van hoofdvordering op schuldenaar. Particuliere borgtocht i.p.v. hoofdelijkheid, maar geen nietigheid(borgtocht voldoende bepaald).
Verkoop van kunststof kozijnen aan huis. Is het door de consument ondertekende formulier een koopovereenkomst of een vrijblijvende offerte? Consument toegelaten tot tegenbewijs. Beding in algemene voorwaarde over annuleringskosten ter hoogte van 30% van de opdrachtsom niet onrede
Verzekeringsrecht. Verjaring van de rechtsvordering tot het doen van uitkering? Stuiting van de verjaring (art. 7:942 leden 2-3 (oud) BW). Overgangsrecht (art. 68a en 75 Ow NBW). Vervolg van HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3618, NJ 2016/109.
Kredietovereenkomst; verjaring; artikel 3:307 lid 1 BW door verloop van vijf jaren; termijnenbetalingen; daad van erkenning; stuiting verjaring
civiel recht, beroep op verjaring faalt, sprake van geldlening of schenking,
Nakoming overeenkomst, stuiting verjaring wegens erkenning door een derde, hoofdelijkheid.
Curieus geval van ‘herleefde’ aanspraken uit een geldlening d.d. 28 juni 1989 na jarenlange - slechts zeer kort onderbroken - windstilte. Te mager gepresenteerde feiten van de kant van kredietverlener leiden tot honorering van beroep op verjaring en verwerping van de redenering d
Vordering tot nakoming is verjaard.
Geldlening tussen (ex) echtgenoten. Verlengingsgrond verjaringstermijn. Artikelen 3:320 en 321, lid 1 sub a BW.
Verjaring.
Executiegeschil. Vraag of vordering waarvoor beslag is gelegd inmiddels is verjaard. Stuiting door betekening van een exploot aan het adres van een daklozenopvang.
ontvangsttheorie ex art. 3:37 lid 3 BW
Vordering ontbinding huurovereenkomst woonruimte i.v.m. huurachterstand. Beroep op art. 7:207 BW slaagt niet: hetzij heeft huurder verhuurder onvoldoende kennis gegeven van gebreken, hetzij heeft verhuurder gebreken steeds binnen redelijke termijn verholpen. Geen matiging ex art.
Onbehoorlijke taakvervulling penningmeester vereniging
Beroep op verjaring gehonoreerd. Vaststelling aanvang verjaringstermijn. Gesteld noch anderszins gebleken dat eiseres binnen 5 jaar nadat de verjaringstermijn is aangevangen een ingebrekestelling heeft verstuurd dan wel een stuitingshandeling heeft verricht.
Aruba. Internationale rechtsmacht. Samenwerking timeshareproject.
Datum ontbinding vennootschap onder firma. Berekening uittredesom.
Betwistingsprocedure ex art. 477a lid 2 Rv.
Verjaringstermijn tussen ex-samenwoners. Geen verlengde verjaringstermijn. Compensatie proceskosten.
Betalingsregeling. Schuldeiser kan overeengekomen betalingsregeling niet eenzijdig beëindigen. Onder omstandigheden kan van een schuldeiser in redelijkheid niet worden verlangd dat deze met de ongewijzigde betalingsregeling genoegen blijft nemen, bijvoorbeeld in het geval dat de
Deel aanneemsom is niet betaald. Dit is een gebrek in de prestatie waarover schuldeiser niet tijdig heeft geklaagd. Vordering tot nakoming wordt afgewezen omdat het beroep van de schuldenaar op schending klachtplicht (artikel 6:89 BW) slaagt.
Curator spreekt (indirect) bestuurders aan wegens onrechtmatig handelen en vordert afdracht van een modelrecht en € 18.000,- voor de volstorting van aandelen. Vorderingen op grond van 6:162, 2:9 en 2:248 BW afgewezen. Geen causaal verband tussen het tijdelijk onttrekken van actie