Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Extinctieve verjaring; art. 3:105, 306 BW. Bezitsvereiste
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:306 BW
Genoemd in 924 uitspraken · Officiële wettekst
924 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Geschil tussen de eigenaar van een strook grond en zijn buurman die de grond eerst in huur en vervolgens om niet in gebruik heeft gekregen, eigendomsverkrijging door extinctieve verjaring?, stuiting, aanvangstijdstip verjaringstermijn van rechtsvordering tot ontruiming als bedoel
4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C02/314HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, incidenteel verweerster, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n DE GEMEENTE HEERLEN, zetelende te Heerlen, VERWEERSTER in cassati
Goederenrecht. Bezit strook grond. Extinctieve verjaring van revindicatie, art. 3:105 BW. Feitelijke machtsuitoefening; verkeersopvatting en uiterlijke feiten (art. 3:108 en 3:113 BW).
4 juni 2004 Eerste Kamer Nr. C02/333HR JMH/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, voorwaardelijk incidenteel verweerder, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n GEMEENTE NIJMEGEN, gevestigd te Nijmegen, VERWEERSTER i
Vermogensrecht. Voor verjaring vereist bezit. Heeft het hof ten aanzien van betwisting van bezit terecht een verzwaarde motiveringsplicht aangenomen?
Verkrijgende verjaring (art. 3:99 BW); bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW); aparte maatstaf voor inbezitneming van publieke grond?; Heusdense vordering
Caribische zaak; verjaring ex art. 3:105 BW Sint Maarten; maatstaf inbezitneming (art. 3:113 lid 2 BWSM); posterieure omstandigheden; niet waarneembare intenties houder; grenzen rechtsstrijd
Huwelijksvermogensrecht. Verjaringstermijn vergoedingsrecht: is de twintigjarige verjaringstermijn van art. 3:306 BW of de vijfjaarstermijn van art. 3:307 BW van toepassing?; schending grenzen rechtsstrijd;
strook grond van de gemeente. langdurig in gebruik bij de eigenaar van een belendend perceel. geen verkrijging door verjaring op grond van artikel 3:105 jo. 3:306 BW.
strook grond van de gemeente. Langdurig in gebruik bij de eigenaar van een belendend perceel. geen verkrijging door verjaring op grond van artikel 3:105 jo. 3:306 BW.
Goederenrecht, verjaring. Eigendomsverkrijging van perceel grond door bezitter te kwader trouw ingevolge verjaring; art. 3:105 lid 1 en 3:314 lid 2 BW. Objectieve maatstaf, kenbaarheid, ondubbelzinnigheid. Kenbaarheid van het bezit indien het perceel moeilijk begaanbaar of moeili
Pensioenrecht. Berusting in het bestreden vonnis? Geen schending klachtplicht ex artikel 6:89 BW. Verjaring ex artikel 3:308 BW, geen verlenging van de verjaringstermijn in de zin van artikel 3:310 juncto artikel 3:321 sub f BW. Voornemen om een deskundigenbericht te gelasten ter
Goederenrecht. Naar verkeersopvatting geen sprake van inbezitneming of een voltooide verkrijgende verjaring met betrekking tot een perceel grond; voor inbezitneming is vereist dat de machtsuitoefening door de inbezitnemer dusdanig is dat zij het bezit van de oorspronkelijke bezit
De beneficiaire aanvaarding van een nalatenschap vormt geen grond voor verlenging van de verjaring ingevolge artikel 3:321, lid 1 aanhef en onder e BW. Volgens Parl. Gesch. Boek 3, blz. 938 gaat het hier om “gevallen, waarin een vertegenwoordiger voor iemand optreedt en hij allee
Vermogenrecht. Goederenrecht. Extinctieve verjaring. Bezit. Art. 3:105, art. 3:108-114 BW. Stelplicht- en bewijslastverdeling. Art. 150 Rv. Eisers vorderen o.m. verklaring voor recht dat zij door verjaring eigenaren zijn geworden van een perceel grond. Rechtbank en hof wijzen vor
Vermogensrechtelijke afwikkeling bij informeel samenlevenden. Stilzwijgende afspraak die recht geeft op helft overwaarde woning van de ander? Ongerechtvaardigde verrijking? Verjaring? Redelijkheid en billijkheid? Toepassing verlengingsregel voor echtgenoten en geregistreerde part
Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Erfdienstbaarheid van weg; vestiging; verkrijgende verjaring (art. 3:99 BW); bewijs. Buurweg; art. 719 (oud) BW; beperkende werking redelijkheid en billijkheid; misbruik van bevoegdheid. Aanvullende grief; tweeconclusieregel.
Uitleg van verplichtstelling bedrijfstakpensioenfonds. Werkingssfeer. Aansluitingsdatum. Verjaring?
Arubaanse zaak. Erfrecht. Verdeling nalatenschap; beroep op opzettelijke verzwijging van tot huwelijksgemeenschap behorende goederen (art. 4:1090 BW Aruba; vgl. art. 4:1110 BW (oud)); ontslag erfgenaam als executeur-testamentair.
Bevrijdende of verkrijgende verjaring met betrekking tot strook grond van gemeente? Geen bezit, geen sprake van verjaring.
burenzaak, beroep op eigendomsrecht vs. beroep op verjaring (3:99 en 3:105 BW); bezit
Verkrijging recht van erfpacht/erfdienstbaarheid door verjaring. Goede trouw. Geen ondubbelzinnig bezit ten aanzien van het recht van erfpacht maar wel ten aanzien van het recht van erfdienstbaarheid van overpad. Beroep door erfpachter op verjaring slaagt gedeeltelijk.
Ontslag statutair bestuurder. Nietigheid vennootschapsrechtelijke ontslag brengt nietigheid arbeidsrechtelijke ontslag op staande voet mee. Opzegverbod tijdens ziekte staat in de weg aan 2e arbeidsrechtelijke ontslag. Ziekte aanvang voor uitnodiging ava.
Beroep eigenaar eetcafé tegenover gemeente op zowel bevrijdende als verkrijgende verjaring m.b.t. strook grond, dienend als deel van terras. Inbezitneming stuk grond? Criteria. Stelplicht en bewijslast. Meer dan twintig jaar geleden – met toestemming gemeente – geplaatste terrasm