Vordering tot verwijderen balkon boven binnenplaats. Gedaagde beroept zich op ontstaan erfdienstbaarheid door verjaring, misbruik van bevoegdheid en rechtsverwerking. Deze verweren slagen niet.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:306 BW
Genoemd in 924 uitspraken · Officiële wettekst
924 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 10 · live
Geschil tussen buren over juridische erfgrens. Verkrijgende verjaring? Ondergrond haag.
Partijen zijn buren van elkaar. In conventie stelt eiser dat een gat in het dak van gedaagde schade veroorzaakt aan de woning van eiser. Ook zou een stuk dak uitsteken boven zijn perceel. Eiser vordert dat de onrechtmatige situaties worden opgeheven. In reconventie wil gedaagde d
Verdeling. Samenlevers. Financiele afwikkeling relatie.
Geschil over de eigendom van parkeerplaatsen in parkeergarage. Gebruikers van een parkeerplaats zijn door verkrijgende verjaring eigenaar geworden. Vordering van rechtsopvolger van de oorspronkelijk eigenaar tot overdracht van de parkeerplaats dan wel schadevergoeding afgewezen.
Vonnis over het gebruik van een strook grond van het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard door een particulier in Rotterdam. Het hoogheemraadschap is eigenaar van een perceel grond dat onder meer een sloot omvat. Aan één kant van de sloot bevinden zich woningen met t
Melber holding N.V. – Het Land Curacao (buren-scheidingsmuur-overheidsgrond-toewijzen bevrijdende verjaring)
Geschil over de verboden zone. Onrechtmatige hinder en overhangende beplanting.
Burengeschil over bamboe. De bamboe staat o.b.v. een plaatselijke gewoonte op toegestande afstand van naburg erf maar veroorzaakt onrechtmatige hinder. Aanbrengen van wortelkering toegewezen.
Burenrecht. Geschil over een steiger die deels doorloopt op het naastgelegen kadastrale perceel. Gedaagde stelt door verjaring eigenaar te zijn geworden van het perceelsgedeelte onder en bij de steiger, dan wel dat het door verjaring is bezwaard met een opstalrecht, dan wel met e
Geen erfdienstbaarheid ontstaan door verkrijgende verjaring.
Burenrecht. Onder oud recht geen erfdienstbaarheid. Onder nieuw recht wel door verjaring erfdienstbaarheid in de vorm van een recht van overpad ontstaan.
Zakelijke rechten; overige zakelijke rechten.
Gedeeltelijke eigendomsverkrijging door bevrijdende verjaring. Op basis van het Heusden-arrest moet voor het in eigendom verkregen stukje grond in de achtertuin een geldbedrag (schadevergoeding) aan de gemeente worden betaald. De andere twee stukjes grond rondom de woning moeten
Eiser en gedaagde wonen direct naast elkaar in een rij woningen. Volgens eiser heeft zij de steeg die achter de woningen loopt altijd gebruikt om haar achtertuin te bereiken. Gedaagde heeft dit onmogelijk gemaakt, omdat zij het deel van de steeg dat over haar perceel liep bij haa
Civiel recht. Bodemzaak. Tussenvonnis. Uitlaten partijen over aangekondigd deskundigenonderzoek.
Burengeschil over de ergrens. Bewijsopdracht bezit (descente en getuigenverhoor ter plaatse).
Eisers hebben geen eigen achterom en maken al jarenlang gebruik van de oprit van de buren. Zij vinden dat er door verjaring inmiddels een erfdienstbaarheid is ontstaan om gebruik te maken van de oprit van de buren. Bij erfdienstbaarheid ligt de bewijsgrens van bezit hoog, omdat e
beroep op eigendom of recht van opstal door bevrijdende verjaring, beroep op kwalificatie als openbare weg (Wegenwet)
In dit burengeschil hebben partijen over en weer vorderingen ingediend in verband met de erfgrens, de erfafscheiding, binnen de verboden zone van artikel 5:42 Burgerlijk Wetboek (BW) geplaatste bomen en over beveiligingscamera’s. De rechtbank verwerpt het beroep van eisers op eig
Inbezitname erfpachtrecht strook grond door aanbrengen natuurlijke erfafscheiding?; beroep op bevrijdende verjaring faalt; 3:105 BW; 3:306 BW; 5:2 BW
Tussenarrest. Erfdienstbaarheid gevestigd tot handhaving van de schutting (art. 5:54 lid 1 BW). Geen sprake van kwade trouw of grove schuld (art. 5:54 lid 3 BW). Erfdienstbaarheid voor gebruik van het voetpad ontstaan door bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW en art. 3:306 BW)? B
Geschil over erfgrens.
Verjaring. De rechtbank oordeelt dat mede op grond van de uiterlijke omstandigheden in samenhang bezien (een perceel dat visueel één geheel vormt met de andere percelen) en de woonbestemming van het betreffende perceel, naar verkeersopvatting de wil van eiser kan worden afgeleid
Verwijzing naar een kamer voor andere zaken dan kantonzaken, omdat er geen duidelijke aanwijzingen bestaan dat de vorderingen geen hogere waarde vertegenwoordigen dan € 25.000,-.