Primair verzoek opleggen schuldregeling en subsidiair verzoek toepassen wettelijke schuldsaneringsregeling. Onder verwijzing naar het arrest van de HR van 14 december 2012, ECLI:NL:HR:2012: BY0969, oordeelt het hof dat het bepaalde in artikel 288 lid 2, aanhef en onder b, Fw, inh
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:268 BW
Genoemd in 496 uitspraken · Officiële wettekst
496 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 8 · live
Eisende partij vordert 'aanbrengfee' op grond van een copie van een brief. Gedaagden betwisten dat er ter zake enige afspraak is gemaakt, c.q. dat eiseres enige dienst heeft verricht; en - voor zover al een overeenkomst zou worden aanvaard - dan is deze wegens wanprestatie ontbon
Nietig besluit bestuurder woningbouwcorporatie. Persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder. Vordering afgewezen omdat causaal verband tussen handelen bestuurder en schade niet is komen vast te staan en de hoogte van de schade onvoldoende is onderbouwd.
Vermeerdering van eis met een vordering ex artikel 843a Rv tot afgifte van bescheiden in strijd met de eisen van goede procesorde. Uit art. 150 Rv volgt dat een partij die een beroep doet op een rechtsgevolg een stelplicht heeft ten aanzien van de feiten die tot dat rechtsgevolg
Koop. Schadevergoeding na ontbinding koopovereenkomst. Onbegrijpelijk oordeel over grondslag vordering.
De voorzieningenrechter heeft de onderhandse koopovereenkomsten van kantoorpanden van Eurcommerce goedgekeurd.
Hypotheekhoudster (de bank) heeft appartementencomplex op de voet van artikel 3:268 lid 2 BW onderhands executoriaal verkocht aan eiseres. Nadien is eiseres gebleken dat gedaagden een van de appartementen bewonen. De stelling van eiseres dat de huurovereenkomst van gedaagden een
Gerechtelijke rangregelingverdeling restant executie-opbrengst. Niet in algemene zin bijzondere zorgplicht voor een bank. Niet rechtbank maar rechter-commissaris geeft bevelschrift ex artikel 485 Rv af om (restant) opbrengst aan de in aanmerking komende schuldeisers uit te keren.
Beslag op onroerende zaak. Krijgt de hypotheekhouder een zorgpicht tegenover de beslaglegger extra op het handelen van de eigenaar te letten, vooral als daardoor de waarde van de zaak daalt? Nee.
Executieverkoop versus onderhandse verkoop en ontruiming. Voorzieningenrechter is van oordeel dat artikel 525 lid 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ook een ontruimingstitel geeft indien er sprake is van een onderhandse verkoop als bedoeld in artikel 3:268 lid 2 BW.
Tijdens de mondelinge behandeling ter terechtzitting in hoger beroep heeft de notaris gesteld dat zij weliswaar in gebreke is gebleven met het doorsturen van een afschrift van de biedingen maar dat in vervolg op het feit dat klager het aan hem gerichte onderhandse bod had geaccep
Parate executie. Onderhandse verkoop door hypotheekhoudende bank onder ontbindende voorwaarde van toestemming van de voorzieningenrechter. Tussentijdse zuivering van het tot de executie aanleiding gevende verzuim door de rechthebbende op het verbonden goed. Maatstaf van art. 6:23
De voorzieningenrechter bepaalt dat de verkoop van de onroerende zaak: het bedrijfspand met garage, ondergrond, erf, tuin en parkeerplaats ondershands zal geschieden overeenkomstig de hierbij goedgekeurde koopovereenkomst.
De voorzieningenrechter verklaart de eisers niet onvankelijk op grond van artikel 3:268 lid 2 BW in gedane verzoek. De eisers hadden een verzoekschrift tot het verkrijgen van verlof als bedoeld in art. 3:268 lid 2 BW, om een onroerende zaak onderhands te verkopen voor een bedrag
Voor totstandkoming van een geldige onderhandse executieverkoop ex artikel 3:268 lid 2 BW is goedkeuring door de voorzieningenrechter een vereiste. Zolang deze goedkeuring ontbreekt, is de overeenkomst tot onderhandse executieverkoop niet tot stand gekomen en kan de executiekoper
Faillissement (art. 57 F.); verleggingsregeling als bedoeld in art. 12 lid 4 Wet op de omzetbelasting 1968 jo. art. 24ba lid 1, aanhef en onder d, Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968; Richtlijn 2006/112/EG. Onderhandse verkoop door curator krachtens overeenstemming met pandhou
Parate executie hypotheekbank. Misbruik van bevoegdheid? Belangenafweging. Causale verband tussen gestelde schending van de zorgplicht van bank enerzijds en de betalingsachterstand anderzijds is te ver verwijderd. De bank maakt geen misbruik van haar bevoegdheid door tot parate e
Vraag in kort geding of beslagrecht wordt misbruikt door niet mee te werken aan vrijwillige verkoop door hypotheekhouder namens de eigenaar. Hof acht misbruik niet aannemelijk geworden.
Rechter wijst onderhandse verkoop af en bepaalt openbare verkoop onroerende zaak Hardenberg.
Appeltermijn: drie maanden of vier weken? Gegrond beroep op doorbreking van het appelverbod. Omvang rechtsstrijd in hoger beroep na doorbreking.
Appeltermijn: drie maanden of vier weken? Gegrond beroep op doorbreking van het appelverbod. Omvang rechtsstrijd in hoger beroep na doorbreking.
Projectontwikkeling. Uitleg overeenkomst. Partijen twisten over de vraag of een leveringsverplichting is ontstaan op grond van een mondelinge koopovereenkomst en zo niet, of een dergelijke verplichting voortvloeit uit een eerder tussen hen gesloten aanvullende overeenkomst (aanvu
Onderhandse verkoop ex art. 3:268 lid 2 BW toegewezen. Goedkeuringsverklaring ex art. 3:270 lid 3 BW aangehouden omdat thans onvoldoende vast staat of alle vorderingen die de bank op belanghebbenden stelt te hebben door de eerste hypotheek zijn verzekerd.
De vordering tot verbod dan wel schorsing van een openbare veilig tot verkoop van de woning van eiseres wordt afgewezen. Eisers hebben een jaar de gelegenheid gehad hun schulden af te lossen en op die wijze de veiling te voorkomen. Daarvan hebben zij geen gebruik gemaakt en ook o
Geschil over onderhandse executoriale verkoop van een woning. (81 RO)