De bank heeft een krediet onder de vestiging van de gebruikelijke hypothecaire zekerheid krediet verstrekt aan de koper van een recht van opstal op een woonhuis. De verkoper van het recht van opstal is een woningcorporatie die in de akte waarbij het recht van opstal is gevestigd
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:268 BW
Genoemd in 496 uitspraken · Officiële wettekst
496 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Verzoeker niet-ontvankelijk verklaard voor zover het verzoek is gegrond op uitlatingen, gedragingen en beslissingen van de rechter ter zitting van 22 december 2015, omdat het verzoek niet is ingediend zodra de feiten en omstandigheden waarop het verzoek is gegrond aan verzoeker b
Partijdeskundigenrapport. Het is aan de rechter of hij voor de waardering van een dergelijk rapport in het licht van de bezwaren die een partij daartegen heeft ingebracht, behoefte heeft aan voorlichting door daartoe door hemzelf benoemde deskundigen (HR 19 december 2014, ECLI:NL
Verbod en schorsing executie. Artikel 21 Rv.
beroepsfout advocaat? Causaal verband tussen gestelde fout en schade ontbreekt.
Klacht tegen een notaris. Klaagster verwijt de notaris dat hij zijn geheimhoudingsplicht heeft geschonden door de prijs die klaagster bereid was voor het onroerend goed te betalen, aan derden kenbaar te maken. Tevens heeft de notaris gehandeld in strijd met de zorgvuldigheid die
recht van parate executie. geen misbruik van bevoegdheid ex artikel 3:13 BW
Misbruik van de executiebevoegdheid van de bank leidt tot afwijzing van het verzoek tot onderhandse verkoop. Artikel 548 vierde lid, tweede zin, Rv. schrijft voor dat de rechter bij afwijzing van het verzoek tevens de dag zal bepalen waarop de openbare verkoop zal plaatsvinden. D
Gedaagde heeft zich hoofdelijk verbonden bij een kredietovereenkomst. Vordering van de bank uit hoofde van de kredietovereenkomst wordt toegewezen.
Ter beoordeling staat of de bank met betrekking tot de financiering van de aankoop van een camping en de bedrijfsuitoefening tekort is geschoten in haar zorgplicht ten opzichte van gedaagde c.q. of gedaagde heeft gedwaald met betrekking tot de inhoud van de kredietovereenkomsten.
Verzoekschrift tot goedkeuring onderhandse verkoop ex artikel 3:268 lid 2 BW. Verweren t.a.v. executie en getaxeerde waarde. Subsidiair zelfstandig verzoek tot langere ontruimingstermijn. Verzoek onderhandse verkoop toegewezen. Zelfstandig tegenverzoek afgewezen. Overgang rechthe
Geen misbruik van bevoegdheid hypotheekhouder door staken executie na indiening verzoek onderhandse verkoop ex artikel 3:268 lid 2 BW.
Geen reden veroordeling hypotheekhouder in proceskosten in verband met intrekking verzoek onderhandse verkoop ex artikel 3:268 lid 2 BW.
De voorzieningenrechter bepaalt dat de verkoop van het registergoed Camping en Bungalowpark “De Bergvennen” te Lattrop-Breklenkamp, onderhands zal geschieden.
Gevraagde machtiging om namens gedaagde een registergoed aan de Stichting Deltawonen aan te bieden en te verkopen wordt afgewezen omdat het aangevoerde het gevorderde niet kan dragen. Voor een doorbreking van de wettelijke regeling van artikel 3:268 BW, hetgeen eiseres met haar v
Hoger beroep van kort geding. Belang gelegen in proceskostenveroordeling eerste aanleg. De vraag of de bank de kredietovereenkomst rechtsgeldig heeft opgezegd dient te worden beantwoord aan de hand van de overeenkomst en de maatstaf van art 6:248 lid 2 BW. De bank was op grond va
Vordering tot ontruiming bedrijfsruimte en vordering tot betaling schadevergoeding. Huurovereenkomst? Onrechtmatige daad? Ongerechtvaardigde verrijking? Onverschuldigde betaling? Gebruiksvergoeding
Executierecht. Verzoek om goedkeuring van de onderhandse executieverkoop van een onroerende zaak. Tweede verzoek, door de hypotheekgever, na intrekking van het eerste verzoek ter zitting, Bezwaar van de hypotheekhouder. Verzoeker is niet-ontvankelijk.
Aanspraak op executieopbrengst bank. Geen doeloverschrijding. De aanspraak op de executieopbrengst van het bedrijfspand is niet teniet gegaan als gevolg van nietigheid wegens doeloverschrijding of als gevolg van het ontbreken van toestemming ex artikel 1:88 BW.
Verzoek onderhandse verkoop (artikel 3:268 BW). Doorbrekingsgronden appelverbod? Het niet in acht nemen van de notitie toestemming onderhandse verkoop, opgesteld in opdracht van het LOVCS, levert geen schending van essentiële normen op. Verhouding notitie en toepasselijk procesre
Koopsom lager dan getaxeerde executiewaarde bij onderhandse verkoop ex art. 3:268 lid 2 BW.
Aansprakelijkheid bank wegens niet-inachtnemen zorgplicht in de fase van de hypotheekverstrekking, van de vrijwillige onderhandse verkoop van de woning en van de parate executie. Eigen deskundigheid van de schuldenaren. BKR-registratie en bank-interne registratie.
Goedkeuring onderhandse verkoop ex art. 3:268 lid 1 BW. Is makelaar aan te merken als belanghebbende? Nee, nu de opdracht tussen de makelaar en hypotheekgever is afgelopen en hypotheekgever niet bereid is aan de koopovereenkomst met een derde mee te werken.
Art. 100e (oud) Woningwet. ‘Derdenwerking’ van dwangsombesluit, genomen vóór inwerkingtreding art. 100e (oud)? Art. 13 Invoeringswet Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken. Algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Kan art. 100e (oud) worden ten uitvoer
Verzoek van ING op grond van artikel 4:204 lid 1 sub a BW tot benoeming tot vereffenaar van een nalatenschap, zij het alleen voor zover het betreft de verkoop en levering van de woning en de eventueel daarin aanwezige boedel. De bank wenst in feite over te gaan tot onderhandse ve