(Stil) pandrecht op vordering. Overgang van schuldeisersbevoegdheden na vestiging beperkt recht; wettelijke regeling. Bevoegdheid pandhouder tot inning en opzegging van vordering na mededeling , art. 3:246 lid 1 en 2 BW. Bevoegdheid pandgever tot kwijtschelding, art. 6:160 BW, ve
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:246 BW
Genoemd in 203 uitspraken · Officiële wettekst
203 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Faillissementsrecht. Is een openbare, en dus inningsbevoegde, pandhouder (art. 3:246 BW) bevoegd het faillissement van de panddebiteur aan te vragen? Art. 1 lid 1 Fw.
Procesrecht. Pandrecht. Schorsing en hervatting geding (art. 225 lid 1, aanhef en onder c, Rv en art. 227 Rv). Kan pandhouder die na mededeling van pandrecht inningsbevoegd wordt (3:246 lid 1 BW), door middel van schorsing en hervatting lopende procedure overnemen van pandgever?
Procesrecht. Pandrecht. Kan pandhouder van vordering op naam na mededeling pandrecht aan de schuldenaar een lopende procedure over vordering overnemen van pandgever middels schorsing en hervatting (art. 225 e.v. Rv)? Rechtsopvolging en -verkrijging tijdens geding. Subjectieve omv
Procesrecht. Schorsing en hervatting (art. 225-227 Rv). Procesfinancier roept op grond van een medegedeeld pandrecht de schorsing in van het geding om deze in plaats van de pandgever op eigen naam te kunnen hervatten. Niet kan worden aangenomen dat de betrekkingen waarin de pand
Goederenrecht. Bevoegdheid pandhouder tot uitwinning zekerheden die zijn verbonden aan vordering pandgever op derden. HR 11 maart 2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2619, NJ 2006/362. Verbod van herverpanding (art. 3:242 BW).
In deze zaak liggen twee kwesties voor: (a) een beroep op pauliana door de curator ter zake een vaststellingsovereenkomst die ING (huisbankier van gefailleerde) sloot met een huurder van een bedrijfspand met deze gefailleerde. (b) de (principieel ingestoken) vraag of een pandhoud
Schuldenaar heeft bevrijdend betaald aan pandhouder. Pandgever heeft bevoegdheid om schikking te treffen aan pandhouder overgedragen. Uitleg maatstaf Neo River-arrest.
Goederenrecht. Pandrecht (art. 3:246 BW). Is pandhouder bevoegd om schikking aan te gaan m.b.t. verpande vordering? Kan pandhouder bevoegdheid tot schikking in pandakte bedingen met goederenrechtelijke werking? Gesloten systeem van goederenrecht.
Goederenrecht. Pandrecht. Is pandhouder bevoegd om schikking aan te gaan m.b.t. verpande vordering en, zo neen, kan hij die bevoegdheid in de pandakte bedingen met goederenrechtelijke werking? Betekenis arresten IAE/Neo River en MFE/Stibbe. Toepassing van art. 7:424 lid 1 BW jo a
Partijen kunnen niet het op een vordering tot terugbetaling van een lening gevestigde pandrecht illusoir maken door overeen te komen dat de lening niet kan worden opgezegd.
Vordering uit hoofde van kredietovereenkomst? Openbaar pandrecht?
Faillissementsrecht. Is een openbare, en dus inningsbevoegde, pandhouder (art. 3:246 BW) bevoegd het faillissement van de panddebiteur aan te vragen? Art. 1 lid 1 Fw.
(Stil) pandrecht op vordering. Overgang van schuldeisersbevoegdheden na vestiging beperkt recht; art. 3:246 BW, bevoegdheid pandhouder tot vernietiging algemene voorwaarden?
Faillissementsaanvraag. Pandhouder is niet bevoegd om het faillissement van de schuldenaar van zijn pandgever aan te vragen. Pandhouder doet mededeling van zijn pandrecht. Nadat betaling uitblijft vraagt de pandhouder het faillissement van de debiteur van zijn pandgever. De faill
Bevoegdheid pandgever bij openbaar pandrecht op vorderingen. Achterstellingsakte gaat bij cessie als nevenrecht mee over.