Faillissementsrecht. Stil pandrecht vorderingen op naam. Vervolg op HR 22 juni 2007, LJN BA2511 (ING/Verdonk); curator dient zich te onthouden van actieve inning van stil verpande vorderingen gedurende de in dat arrest genoemde termijn, alsook zodra stille pandhouder heeft meeged
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:239 BW
Genoemd in 134 uitspraken · Officiële wettekst
134 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Kort geding. Cessie- en contractsoverneming mbt “non-performing loans”. Bodemrechter verklaart voor recht dat contractsoverneming nietig is. Eiser vordert voorschot op schadevergoeding omdat cessionaris ten onrechte verpande vorderingen zou hebben geïnd. Eiser kan als cessionaris
Schending zorgplicht ter zake renteswap. De bank heeft cliënt niet geruime tijd voorafgaande aan het sluiten van de financieringsovereenkomst met verplichte renteruil gewaarschuwd voor de aan de renteswap verbonden risico’s. Rechtsgeldig opzegging financiering
Pandrechten. Inningsbevoegdheid pandhouder na openbaarmaking pandrecht.
Appel van ECLI:NL:RBAMS:2014:8254. Anders dan de eerste rechter oordeelde, is het stil pandrecht van Parallel Groep op de vorderingen van EQ op Artis rechtsgeldig gevestigd, nu de verpandingsakte vóór de datum waarop EQ failliet is verklaard, ter registratie is aangeboden. Niet i
aanspraak vorderingen na afloop termijn ex artikel 58 lid 1 Fw
WHOA-zaak. Verzoek aspecten die van belang zijn in het kader van het tot stand brengen van een akkoord. Voornemen prejudiciele vraag te stellen.
Goederenrecht. Pandrecht. Is rangwijziging bij pandrecht mogelijk? Analoge toepassing van art. 3:262 lid 1 BW (hypotheekrecht)? Strekt de inningsbevoegdheid van de pandhouder zich uit over alle vorderingen die aan hem zijn verpand, ongeacht het beloop van de vordering waarvoor he
Opheffing conservatoire beslagen; opzegging krediet
Verbintenissenrecht. Kon hof oordelen dat eisers tot cassatie in verzuim waren t.a.v. drie verplichtingen uit met de bank gesloten herfinancieringsovereenkomst?
Geen (stil) pandrecht gevestigd. Geen grond voor toekenning volledige kosten van de procedure. Recht op toegang tot de rechter. Artikel 6 EVRM. Misbruik van procesrecht.
Pandrecht. Vestigingshandelingen voor stil pandrecht (met inachtneming van grondslagvereiste van art. 3:239 lid 1 BW voor pandrecht op toekomstige vorderingen) en openbaar pandrecht in één akte? Uitleg pandakte.
Kort geding. Derde pretendeert pandrecht(en) op vorderingen waarop door executant beslag is gelegd. Derde wordt ex art. 438 lid 5 Rv niet ontvankelijk verklaard omdat hij uitsluitend de executant en de geëxecuteerde niet heeft gedagvaard. De voorzieningenrechter komt uit procesec
Faillissementsrecht. Verrekening vordering opdrachtgever met verpande vorderingen van gefailleerde opdrachtnemer. Art. 53 Fw. Komt pandhouder beroep op art. 6:136 BW toe? Onzekerheidsexceptie (art. 6:37 BW). Hoor en wederhoor.
Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht; goederenrecht. Pandhouder vraagt faillissement panddebiteur aan. Is pandrecht tenietgegaan omdat de vordering waarvoor het pandrecht is gevestigd niet meer bestaat?
Opzegging van een kredietovereenkomst door de bank naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.
Goederenrecht; insolventierecht. Overdracht assurantieportefeuille. Contractsoverneming. Uitleg. De overdragende tussenpersoon heeft geen eigendomsvoorbehoud op de portefeuille, wel een pandrecht op de provisievorderingen betreffende de verzekeringen.
Openbaar gemaakt stil pandrecht op vorderingen. Tussen pandgever en pandhouder is in geschil of de pandgever een schuld heeft aan de pandhouder en beiden eisen betaling van de debiteur. Debiteur betaalt vervolgens aan pandgever in plaats van aan pandhouder. Pandhouder eist daarop
Procespositie van iemand die op grond van artikel 118 Rv in het geding is opgeroepen; kan geen eis in reconventie instellen.
De gerechtsdeurwaarder is niet ontvankelijk is zijn verzoek ex artikel 438 lid 4 Rv om een oordeel van de voorzieningenrechter over de aan hem verstrekte opdracht omdat deze is ingetrokken. Ten behoeve van mogelijke soortgelijke zaken in de toekomst wordt door de voorzieningenrec
Faillissementsrecht. Factorovereenkomst, na faillissement op rekening schuldeiser ontvangen betalingen, afdrachtverplichting, verrekening met na faillissement ontstane vordering, art. 53 Fw. Rechtstreekse oorzaak, verband met voor faillissement ontstane rechtsbetrekking tussen sc
Huur bedrijfsruimte. Servicekosten. Incasso verpande vordering door pandhouder.
Voortzetting van LJN BR6652 Openbaar pandrecht. Contractueel beding tot verrekening vordering derde met verpande vordering kan niet worden tegenworpen tegen de pandhouder.
Vestiging pandrecht op toekomstige vorderingen, vorderingen die rechtstreeks voortvloeien uit een bestaande rechtsverhouding?
Stil pandrecht op vorderingen gevolgd door omzetting in, resp. vestiging van, openbaar pandrecht. Pandgever betaalt vervolgens nog ontvangen bedragen door aan pandhouder. Faillissement pandgever. Curator vecht (deels vóór faillietverklaring, deels daarna voltooide) doorbetalingen