In geschil is of eiseres terecht in de verhuurderheffing is betrokken. De rechtbank oordeelt dat de statuten van eiseres, het huishoudelijk reglement en de individuele huurovereenkomst geen steun bieden voor het standpunt van eiseres dat er geen sprake is van verhuur maar van een
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:226 BW
Genoemd in 77 uitspraken · Officiële wettekst
77 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Kort geding. Geschil tussen familieleden. Artikel 3:226 BW.
Huur bedrijfsruimte. Tijdens de looptijd van de huurovereenkomst verkoopt de verhuurder het bedrijfspand onder voorbehoud van het recht van gebruik en bewoning. Wie is opzeggingsbevoegd, de zakelijk gerechtigde, de bloot eigenaar of gezamenlijk? Hoe moeten de opzeggingsgronden wo
bewind.
geen (voldoende duidelijke) grieven verweer is geen grondslag van de vordering
HR: art. 81.1 RO. Ambtshalve strafvermindering wegens overschrijding van de redelijke termijn in cassatie.
Nalatenschap. Juridische grondslag voor het doen van rekening en verantwoording ontbreekt. Bespreking van onderscheiden vorderingen van de nalatenschap. Verklaring voor recht. Sierraden. Hof beveelt verdeling van de nalatenschap ten overstaan van een notaris.
Een man en zijn echtgenote hebben een recht van gebruik en bewoning. De man overlijdt. Zijn recht van gebruik en bewoning maakt geen onderdeel uit van zijn nalatenschap. Het is bij zijn overlijden opgegaan in het recht van gebruik en bewoning van zijn echtgenote.
A-G IJzerman heeft conclusie genomen naar aanleiding van het beroep in cassatie van [X], tegen de uitspraak van het gerechtshof te Arnhem van 22 mei 2012, nr. 10/00286, LJN BW7837, NTFR 2012/1744. De staatssecretaris van Financiën heeft incidenteel beroep in cassatie ingesteld. B
Rechthebbende op gebruik en bewoning van een woning op grond van art. 3:226 BW vertrekt uit de woning. De eigenaar verhuurt de woning aan derden. De rechthebbende ex art. 3:226 BW kan geen aanspraak maken op de huurpenningen.
Geen afstand van recht van bewoning.
Overdrachtsbelasting. Waardedruk recht gebruik en bewoning. Vrijstelling voor verkregen zaak die is aangebracht door verkrijger.
Partijen twisten over de uitleg van de bewoordingen van het legaat en in het bijzonder over de vraag wat als “gebruikelijke reparaties”en “gewoon onderhoud” zoals genoemd in het legaat, is te beschouwen.
Vordering tot staking executieveiling afgewezen.
Eiseres heeft van een derde drie loodsen gekocht en geleverde gekregen onder gelijktijd verlenen van het recht van vruchtgebruik aan verkoopster. Verkoopster krijgt daarbij het recht om de in vruchtgebruik gegeven loodsen aan haar werkmaatschappij, gedaagde in het onderhavige ges
Estate planning. Beschermingsbewind. Machtiging verkoop recht van gebruik en bewoning met kwijtschelding. Wijziging successiewetgeving.
Huurrecht. Zakelijk recht van gebruik en bewoning als bedoeld in art. 3:226 BW dan wel overeenkomst van huur en verhuur van een woonruimte? (81 RO).
Op vordering van moeder moet zoon door hem bewoonde gedeelte van boerderij ontruimen. Moeder recht van gebruik en bewoning, zoon heeft blote eigendom. Zoon heeft geen huurovereenkomst; slechts opzegbare gebruiksovereenkomst.
In geschil is of belanghebbende genothebbende krachtens zakelijk recht is van de woning die haar in eigendom toebehoort en of derhalve de aanslag baatbelasting terecht aan haar is opgelegd. De rechtbank komt tot de conclusie dat de ouders van belanghebbende geen afstand hebben ge
De rechtbank is van oordeel dat r.o. 3.16 van het tussenvonnis van 20 juni 2007 een eindbeslissing inhoudt. In beginsel is de rechtbank door haar eindbeslissing gebonden. Afwijking van dit beginsel is volgens vaste rechtspraak alleen mogelijk ingeval van bijzondere door de rechte
Volgens artikel 3:310 lid 1 BW verjaart een vordering tot schadevergoeding door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgende op die waarop de benadeelde zowel met de schade als met de daarvoor aansprakelijke persoon bekend is geworden. Partijen twisten over de vraag
Partijen zijn de kinderen van [de vader] (de vader), overleden op 10 augustus 1975, en van zijn weduwe [de moeder] (de moeder/erflaatster), overleden op 14 juli 2001. [..] Bij testament van 17 april 1980 heeft de moeder de drie kinderen, gezamenlijk en voor gelijke delen, tot haa
Nu de verkoop nadelig was voor de geestelijk gestoorde moeder, wordt haar toestemmingsverklaring vermoed te zijn gegeven onder invloed van de stoornis. Een met haar toestemmingsverklaring overeenstemmende wil wordt geacht te ontbreken. Een beroep van [appellanten] op artikel 3:35
Koop. Geschil tussen de verkoper en de koper van een perceel grond met een woning over de vraag of de koper had aanvaard dat de onroerende zaak bij levering was belast met het recht van een derde tot gebruik en bewoning dan wel de verkoper zich had verplicht de woning leeg en ont
Erfpacht. Geschil tussen - de rechtsopvolgers van - medegerechtigden tot een recht van erfpacht betreffende een monumentaal appartementencomplex over niet-nakoming door de één van een voorkeursrecht van koop aan de ander vanwege de vervreemding van zijn onverdeeld aandeel aan een