Erfrecht. Tweetrapsmaking (fideï-commis de residuo). Nagelaten landgoed is ingebracht in een B.V. Zijn de (certificaten van aandelen) in de B.V. krachtens zaaksvervanging tot het tweetrapsvermogen gaan behoren? Stelplicht en bewijslast en gevolgen van processueel ondeelbare recht
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:212 BW
Genoemd in 9 uitspraken · Officiële wettekst
9 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Discussie over de uitleg van testamentaire bepalingen. Rechtbank bepaalt concreet bedrag waarmee vruchtgebruikster mag interen op vruchtgebruikvermogen.
Erfrecht. Schuldoverneming. Langstlevende heeft na overlijden echtgenoot het vruchtgebruik van de woning, waarbij zij de hypotheeklasten moet dragen. Zij wil de bestaande hypothecaire geldlening, waarbij zij en de erfgenamen van de echtgenoot als schuldenaar gelden, omzetten in e
Vruchtgebruik. Zaaksvervanging. Artikel 3:212 lid 2 BW, artikel 3:213 lid 1 BW. In deze verstekprocedure staat een recht van vruchtgebruik centraal dat is gevestigd op de verkoopopbrengst van een woning. De vruchtgebruiker heeft met dat geld een appartement gekocht. De hoofdgerec
Erfrecht. Vaststelling omvang en waarde nalatenschap. Testamentair vruchtgebruik woning ten behoeve van samenwoner. Artikel 3:212 leden 1 en 3 BW.
Klacht tegen twee notarissen. Notaris had niet mee mogen werken aan de levering van een huis. Klacht ongegrond. Verschil van inzicht over toepassing van het recht is op zichzelf geen tuchtrechtelijk verwijtbare gedraging.Niet gebleken van een gegronde reden om medewerking aan de
Kort geding. Vruchtgebruiker wil een overeenkomst tot geldlening aangaan ten behoeve van zijn bedrijf en daartoe (mede) het eigendomsaandeel van geïntimeerde met het recht van hypotheek bezwaren. Vruchtgebruiker verzoekt een machtiging nu de hoofdgerechtigde zijn toestemming weig
Recht van vruchtgebruikster de aan vruchtgebruik onderworpen goederen te vervreemden of te verpachten houdt ook het mindere in namelijk de goederen te bezwaren middels een hypotheek.
20 juni 2003 Eerste Kamer Nr. C02/064HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De vader], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. M.E.M.G. Peletier, thans mr. S. Sierksma, t e g e n 1. [Verweerster 1], wonende te [woonplaats], 2. [Ver