Verdeling. Afwikkeling wettelijk deelgenootschap en eenvoudige gemeenschap. Peildatum. Rekening en verantwoording. Vermogensbeschrijving.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:170 BW
Genoemd in 407 uitspraken · Officiële wettekst
407 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 15 · live
Onrechtmatigedaad. A heeft enkele bedragen overgemaakt naar de bankrekening van B, naar zijn eigen rekening. Voorshands bewijzen dat hij daarvoor geen toestemming had. Echtheid van handtekening van B onder brief waarin die toestemming zou zijn verleend, betwist.
artt. 7:417 en 418 BW. Dienen van twee heren. Rechtsverwerking
Mandelige muur; Niet gebleken dat bij de start van het funderingsherstel een reëel en acuut gevaar bestond dat zonder funderingsherstel de met de mandelige muur en fundering verbonden huizen, óf één ervan, ernstige schade zouden ondervinden of verloren zouden gaan, en zulks op zo
Afwikkeling huwelijksgoederengemeenschap. Waardering onderscheiden activa en passive: echtelijke woning, aandelen in BV, boot, auto etc. Betaling overbedelingsvordering.
Eiser niet ontvankelijk, omdat een procespartij die aanvankelijk een vordering heeft ingesteld uitsluitend ten behoeve van zichzelf, niet gedurende de procedure bij wege van wijziging van eis een vordering kan instellen ten behoeve van de gemeenschap waarvan hij deelgenoot is
financiële afwikkeling tussen ex-samenwoners.
Taak executeur nalatenschap, art. 4:144 lid 1 BW. Voldoening schulden nalatenschap uit legaat, vermindering legaten, art. 4:120 BW; begunstiging door uitkering sommenverzekeraar, art. 4:126 lid 1 en 2, aanhef en onder b BW. Wijziging hoedanigheid executeur in vereffenaar na benef
Verdeling eigenaarslasten van gemeenschappelijke woning samenwoners.
Art. 81 lid 1 RO. Gemeenschap van een nalatenschap. Vordering op de voet van art. 3:171 BW. Overeenkomst van geldlening. Art. 1:88 BW. Art. 3:190 BW.
Erfrecht. Executeursbenoeming. Testamentair bewind. Taken en bevoegdheden executeur; beheer goederen nalatenschap, art. 4:144 lid 1 BW. Beëindigen beheer na eindigen taak als executeur; art. 4:150 lid 1 BW. Procesrecht. Herstel door Hoge Raad van kennelijke vergissing in uitspraa
Erfrecht. Executeursbenoeming. Testamentair bewind. Taken en bevoegdheden executeur; beheer goederen nalatenschap, art. 4:144 lid 1 BW. Beëindigen beheer na eindigen taak als executeur; art. 4:150 lid 1 BW. Procesrecht. Herstel door Hoge Raad van kennelijke vergissing in uitspraa
Verzetprocedure. Bevaarbaar water. Erfgrens, hinder door plaatsen aanvaarbescherming in water. Afspraken over het gebruik van het water, redelijkheid en billijkheid, onrechtmatig handelen, rechtsverwerking.
Vaststellingsovereenkomst (Duisenberg-regeling). Vertegenwoordiging. Door juridisch adviseur uitgebrachte opt-outverklaring als bedoeld in art. 7:908 lid 2 BW. Toereikende volmacht? Uitleg volmacht; maatstaven art. 3:33 en 3:35 BW. Strekking volmacht; art. 3:62 BW. Bekrachtiging;
Bewindvoerder beschermingsbewind. Beheersdaad; art. 1:438 BW; gewone beheersdaad in de zin van art. 1:441 lid 2 onder a BW. Stilzwijgende toestemming.
Crediteur van een deelgenoot (mede-economisch eigenaar van een kantoorpand) legt executoriaal derdenbeslag onder de huurder (de kostenmaatschap) van de gezamenlijke economisch eigenaars. Hij vordert veroordeling tot het afleggen van een gerechtelijke verklaring ex 477a Rv. De huu
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap.
Bevoegdheid van deelgenoot in een gemeenschap om een rechtsvordering in te stellen ter verkrijging van een rechterlijke uitspraak ten behoeve van de gemeenschap. Bestaan van beheersregeling (waarbij betreffende deelgenoot van beheer was uitgesloten) ten tijde van het instellen va
Een van de vele procedures waarin twee zonen strijden over de verdeling van de nalatenschap van wijlen hun moeder en echtgenote. In het onderhavige kort geding wordt in wezen staking van de door de bodemrechter bevolen executie gevorderd.
reikwijdte zorgplicht VVE bij hinder door geluidsoverlast van lift
Eiser heeft niet binnen bekwame tijd geprotesteerd. Vordering tot schadevergoeding afgewezen. Voorwaarde van de bank dat de gezamenlijke erven toestemming geven alvorens bankafschriften van de erlater aan één van hen worden verstrekt, niet onredelijk.
Mandeligheid. Verhouding tussen de artikelen 3:170 en 5:65 BW. Werkzaamheden verricht aan mandelige funderingsmuur zonder de benodigde toestemming van de mede-eigenaar. Dat is onrechtmatig en maakt schadeplichtig, maar alleen voor de schade die het gevolg is van het feit dat is n
Vraag of er een rechtsgeldige huurovereenkomst bestaat tussen gedaagden. De vraag die vervolgens rijst, is of eiser gebonden is aan de hiervoor genoemde huurovereenkomst. Leerstuk van de vertegenwoordigheidsbevoegdheid. Voorts toepasselijkheid van artikel 3:168 BW.
Nietige verdeling nalatenschap (art. 3:195 BW). Gewezen echtgenoot had op grond van art.3:170 BW bij de verdeling van de nalatenschap betrokken moeten worden, omdat de nalatenschap is opengevallen op het moment dat hij nog met de betreffende erfgename in gemeenschap van goederen
Tijdens de besprekingen over de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap in het kader van een echtscheiding, onderhandelt de vrouw met een derde over de verkoop van de echtelijke woning. Is er sprake van bedrog c.q. dwaling nu de vrouw van deze onderhandelingen geen melding