14 mei 2004 Eerste Kamer Nr. C03/030HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.F. Thunnissen, t e g e n de vennootschap naar het recht van de Bondsrepubliek Duitsland ALTE LEIPZIGER
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:12 BW
Genoemd in 313 uitspraken · Officiële wettekst
313 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Eerstefasebeschikking inzake Funda. Middellijk (meerderheids)aandeelhouder en onderwerp van enquêteprocedure/onderzoek. Middellijk (meerderheids)aandeelhouder en art. 2:8 lid 1 BW. Onderscheid tussen middellijk en onmiddellijk (meerderheids)aandee
Caribische zaak. Verbintenissenrecht. Geldlening. Reikwijdte van het leerstuk rechtsverwerking. Begrijpelijkheid van het oordeel over de vraag of de bedongen samengestelde rente in strijd is met de goede zeden. Zorgplicht van de kredietverstrekker. Matiging van de openstaande sch
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Ontslag(besluit) inzake stichtingbestuurder.
Koop woning. Boetebeding in koopakte. Verzoek tot matiging op de voet van art. 6:94 lid 1 BW; maatstaf (HR 27 april 2007, LJN AZ6638, NJ 2007/262); terughoudendheid.
Asbestzaak. Vraag of de vordering is verjaard. Het arrest richt zich op de gezichtspuntencatalogus van de Hoge Raad met betrekking tot de doorbreking van de absolute verjaringstermijn. artikelen 3:12, 3:310, 6:2, 6:248 BW.
Verkeersaansprakelijkheid; aanrijding tussen bestelbus en jong kind. Regresvordering zorgverzekeraar. Beroep op overmacht (art. 31 lid 1 Wvw oud) en eigen schuld (art. 6:101 BW). Is bij regresvordering verzekeraar plaats voor toepassing 100%- en 50%-regel? Causaliteitsafweging en
OK ; enquêterecht ; tweede fasebeslissing ; de Ondernemingskamer verstaat dat uit het onderzoeksverslag blijkt van wanbeleid bij Eukairos Holding B.V. (voorheen Centric Holding B.V.) en stelt vast wie daarvoor verantwoordelijk is ; de Ondernemingskamer treft eindvoorzieningen.
Verbintenissenrecht. Procesrecht. Geschil over financiële afrekening tussen franchisegever (supermarktketen) en ruim 240 franchisenemers en de vereniging van franchisenemers. Hof wijst vrijwel alle vorderingen van de franchisenemers af. Klachten over de gehanteerde maatstaf bij d
Erfrecht. Echtpaar zonder kinderen overlijdt op dezelfde dag; eerst de vrouw, daarna de man. Wie is erfgenaam van de vrouw: de man of haar familie? Toepassing artikel 4:10 lid 1 onder a BW naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Vermogensrecht. Financieel recht. Is vordering van een bank uit geldlening overdraagbaar aan een niet-bank? Art. 3:83 lid 1 BW. Inhoud gecedeerde vordering. Art. 6:142 en 6:144 BW. Zorgplichten bank. Zorgplichten niet-bank. Verweermiddelen schuld
Overheidsaansprakelijkheid. Erfpacht op Texel. Collectieve actie. Procedure tussen collectieve belangenorganisatie en individuele erfpachters op Texel (eisers) enerzijds en Staatsbosbeheer en de Staat (het Rijksvastgoedbedrijf) anderzijds. Geschil over waardebepaling van bloot ei
Verbintenissenrecht. Franchiseovereenkomst. Precontractuele informatieplicht franchisegever. Europese Erecode inzake Franchising. Omzetprognose zorgvuldig tot stand gekomen? Motiveringsklachten. Gedekt verweer?
Kort geding. Overeenkomst tussen gemeente en kunstenares Schaap met betrekking tot kunstwerk “Westland Wells”. Verzet door de buurt(bewoners) tegen plaatsing kunstwerk. Uitleg overeenkomst. Belangenafweging, waarbij ook de belangen van derden (i.c. buurtbewoners) worden betrokken
Beroep op vernietiging wegens dwaling naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. Bij dat oordeel heeft het hof – tegen de achtergrond van art. 3:12 BW, welke bepaling voor de vaststelling van wat redelijkheid en billijkheid eisen mede verwijst naar rechtsbegi
Art. 81 lid 1 RO. Onrechtmatige daad. Verkeersongeval. Letselschade; psychische klachten. Arbeidsongeschiktheid. Causaliteit. Waardering deskundigenbewijs. Omvang schade.
Verzekeringsrecht. Beroep op uitsluitingclausule in polis door aansprakelijkheidsverzekeraar; strafrechtelijke veroordeling verzekerde; groepsvrijstelling voor kartelverbod van art. 6 EEG-Verordening nr. 3932/92; overeenkomstenrecht; algemene voorwaarden; geen verplichting van
-
Verkeersaansprakelijkheid. Ongeval auto en fietser (art. 185 Wegenverkeerswet 1994). Eigen schuld fietser (art. 6:101 lid 1 BW). 50%-regel. Subrogatie (art. 7:962 BW). Kan gesubrogeerde zorgverzekeraar regres nemen voor hetzelfde vergoedingspercentage als het verkeersslachtoffer
Art. 81 lid 1 RO. Aansprakelijkheid financiële dienstverlener (bank); schending van bijzondere zorgplicht in driehoeksverhouding tussen particuliere belegger, vermogensbeheerder en uitvoerende bank.
Arbeidsrecht. Billijke vergoeding; art. 7:683 lid 3 BW; aan motivering te stellen eisen.
Verdeling ontbonden huwelijksgemeenschap en nalatenschap. Is aan de eisen van artikel 3:182 BW voldaan? Waardering woning. Verjaring verplichting tot uitkering uit maatschapsovereenkomst. Vervaltermijn recht van koop. Beroep op verjaring en vervaltermijn onaanvaardbaar?
Verbintenissenrecht. Ontbinding, ingebrekestelling en verzuim. Art. 6:265 BW, art. 6:82 BW en art. 6:83 BW. Lengte van termijn voor nakoming die aan schuldenaar moet worden gegeven. Had hoofdaannemer het recht om, na periode van discussie en correspondentie met onderaannemer over
Het hof stelt de legitimaire massa in de nalatenschap van de moeder van partijen en de legitieme portie van een van de kinderen vast. Op de verhouding tussen de legitimaris en de erfgenamen is artikel 6:2 BW van toepassing. In de gegeven omstandigheden leiden noch de aanvullende
Erfpacht. Waardering van blote eigendom grond door gemeente als grondeigenaar. Toetsing aan algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Evenredigheidsbeginsel niet maar formele zorgvuldigheidsbeginsel en motiveringsbeginsel wel geschonden. Afwijzing vordering tot verklaring voor