Effectenlease; proefproces. Aansprakelijkheid effecteninstelling wegens schending zorgplicht bij aanbieden effectenleaseproduct (‘Sprintplan’) door niet te waarschuwen voor daaraan verbonden restschuldrisico en niet de inkomens- en vermogenspositie van belegger te onderzoeken. St
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:12 BW
Genoemd in 313 uitspraken · Officiële wettekst
313 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 12 · live
Effectenlease; proefproces. Aansprakelijkheid Bank wegens schending zorgplicht bij aanbieden aflossingsproduct (KoersExtra) door niet te waarschuwen voor daaraan verbonden restschuldrisico, niet de inkomens- en vermogenspositie van belegger te onderzoeken en niet het aangaan van
Uitleg van de overeenkomst, Haviltex. Voor een van de letterlijke tekst van de overeenkomst sterk afwijkende uitleg is nodig dat feiten en omstandigheden worden gesteld op grond waarvan kan worden aangenomen dat die afwijkende bedoeling bij beide partijen aanwezig was. Dergelijke
Familierecht; geschil tussen voormalige echtelieden over limitering partneralimentatie (81 RO).
Noch het feit dat Esthéticienne een rechtspersoon is, noch de omstandigheden dat zij niet zelf in de vakantiewoningen recreëert en dat zij deze (commercieel) verhuurt aan derden, kunnen haar de bescherming ontnemen van artikel 10 EVRM (EHRM 22 mei 1990, NJ 1991, 740 [Autronic/Zwi
De kantonrechter oordeelde over het verzoek ex artikel 96 Rv van ABN AMRO en van S, mede naar aanleiding van een door S. gedaan tegenverzoek. Geoordeeld wordt dat met S. bij zijn toetreding tot de Raad van Bestuur duidelijke afspraken zijn gemaakt en die afspraken zijn rechtsgeld
Het hof is van oordeel dat de gemeente in ieder geval in de loop van de procedure voldoende inzicht heeft gegeven in de wijze waarop de taxaties tot stand zijn gekomen en waarom zij bij de taxaties uitgaat van de onbebouwde waarde van de grond. Het hof verwijst in dit verband naa
Medische aansprakelijkheid; schadevordering voor bij een operatie opgelopen lichamelijk letsel. Bevrijdende verjaring, aanvang vijfjarige termijn art. 3:310 BW, maatstaf; onbegrijpelijk oordeel.
Managementovereenkomst. De vennootschap/opdrachtgever zegt de managementovereenkomst met de vennootschap/bestuurder rechtsgeldig op. Daarbij wordt tevens de persoon die als bestuurder optreedt, vrijgesteld van zijn werkzaamheden. De vordering om weer te worden toegelaten tot de w
Arbeidsrecht. Werkgeversaansprakelijkheid voor de door werknemer als taxichauffeur (afroepkracht) in de uitoefening van zijn werkzaamheden bij een verkeersongeval geleden letselschade; zorgplicht werkgever ex art. 7:658 en op grond van goed werkgeverschap als bedoeld in art. 7:61
De slotsom is dat [geïntimeerde] om hem moverende redenen, die in zijn risicosfeer liggen, heeft geweigerd een collegiale houding in te nemen en niet tot werkhervatting is overgegaan. In de gegeven omstandigheden (nimmer daadwerkelijk gewerkt voor Optisport, 3 tot 3,5 jaar betaal
Aansprakelijkheidsrecht. Geschil tussen WAM-verzekeraar en slachtoffer kop-staartbotsing – na erkenning aansprakelijkheid verzekerde automobilist – over vergoeding van immateriële schade en gederfde inkomsten c.a. (81 RO).
Arbeidsrecht; overgang (deel van) onderneming in zin van art. 7:662 e.v. BW; zie ook C06/117. wijze van informatievoorziening aan werknemer schending goed werkgeverschap ex art. 7:611?
Arbeidsrecht; overgang (deel van) onderneming in zin van art. 7:662 e.v. BW; zie ook C06/118. wijze van informatievoorziening aan werknemer schending goed werkgeverschap ex art. 7:611?
Arbeidsgeschil over de vraag of na een reeks van overeenkomsten voor bepaalde tijd op grond van art. 7:668a lid 1 onder a BW een overeenkomst voor onbepaalde tijd is gaan gelden.
Aanrijding voetganger door auto op donkere weg. Eis van bewustheid van het gevaar bij het slachtoffer voor aan opzet grenzende roekeloosheid als bedoeld in de 50%-regel. Stelplicht en bewijslast omvat ook de bewustheid van het gevaar bij het slachtoffer. Aan het bewijs van deze b
Familierecht. Geschil tussen moeder van minderjarige kinderen en de grootouders aan vaderzijde over vaststelling van een omgangsregeling (81 RO).
In deze zaak is, met verwijzing naar roman “Publieke Werken”van Thomas Rozenboom mediation aanbevolen. Huur van een ligplaats voor een restaurantboot. Huurovereenkomst van 20 jaar en eindigend in 2010. Verhuurster (gemeente) wil plas dempen met het oog op herinrichting stadscentr
Diefstal uit bedrijfspand. Dekking door verzekeringsmaatschappij geweigerd wegens het ontbreken van braaksporen. Uitleg begrip "verbreken" in polisvoorwaarden
Geschil tussen broers en zusters - al dan niet mede in hun hoedanigheid van erfgenamen van de moeder van partijen die in eerste aanleg is overleden - over de vraag in hoeverre hun broer die de boerderij, landerijen en veestapel in 1979 van de vader had gekocht en na zijn overlijd
Ondernemingsrecht. Geschil tussen de curator in het faillissement van een holdingvennootschap en dochtervennootschappen en een bank omtrent de rechtsgeldigheid van kredietovereenkomsten die de bank met deze vennootschappen met tussenkomst van de holding had gesloten terwijl de do
Ondernemingsrecht. Geschil tussen de curator in het faillissement van een holdingvennootschap en dochtervennootschappen en een bank omtrent de rechtsgeldigheid van kredietovereenkomsten die de bank met deze vennootschappen met tussenkomst van de holding had gesloten terwijl de do
Er is geen bijzondere rechtsregel op grond waarvan een vereniging gehouden is desverlangd steeds een ledenlijst aan een lid van de vereniging te verstrekken. Daarmee is echter niet gezegd daat daartoe onder omstandigheden niet een rechtsplicht kan bestaan. Zodanige rechtsplicht k
Arbeidsgeschil, aanspraak werknemer op suppletie door werkgever van AAW/WAO-uitkering, toetsing aan de eisen van goed werkgeverschap als bedoeld in art. 7:611 BW, beginsel van gelijke beloning voor gelijke arbeid, objectieve rechtvaardigingsgrond, “Agfa-criterium”, 81 RO.
Twee verenigingen van erfpachters in de wijken Paasberg en Alteveer betwisten de taxatiemaatstaven die de gemeente Arnhem hanteert bij verkoop van de grond aan de erfpachters bij het einde van de grond als ware deze onbewoond.De rechtbank oordeelt dat de gemeente de grond niet ma