Goederenrecht. Verbintenissenrecht. Erfgrenskwestie. Uitleg van koop en levering. Betekenis kadastrale aanduiding in dit verband.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:125 BW
Genoemd in 22 uitspraken · Officiële wettekst
22 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
-
Faillissementsrecht. Opslag van afval op terrein dat bij wederpartij krachtens overeenkomst met de eigenaar in gebruik is. Faillissement van de partij die dat afval aldaar heeft opgeslagen, beëindiging overeenkomst tussen gefailleerde en wederpartij. Is de verplichting tot verwij
Goederenrecht, (appel)procesrecht. Revindicatie schilderij. Vervolg van HR 14 november 2008, ECLI:NL:HR:2008:BF0462, NJ 2009/137. Vermeerdering van eis na cassatie en verwijzing; tweeconclusieregel; toelaatbaarheid herhaalde eiswijziging nadat deze eerder niet was toegelaten; art
Overheidsinstelling spreekt uit hoofde van onrechtmatige daad alsmede onverschuldigde betaling twee (oud) ambtenaren alsmede een holding, werkmaatschappij en enkele andere vennootschappen aan vanwege de verzending van valse facturen. Vordering ex artikel 843a Rv van de overheidsi
Afgifte hond, eerder oordeel kort geding nog van toepassing, artt. 3:109 jo 3:125 BW, oordeel met inachtneming wettelijke vermoedens, geen nader onderzoek of bewijslevering in kort geding. Toewijzen afgifte hond onder verbeurte van een dwangsom, afwijzen machtiging inroepen sterk
Kort geding. Vordering tot afgifte auto door curator in faillissement autohandelaar. Vordering toegewezen. Artikel 3:109 BW. Artikel 3:125 lid 2 BW en artikel 5:2 BW.
Kort geding. Eiseres vordert afgifte van twee kistjes met inhoud en geld uit de portemonnee van haar dochter. Gedaagde wordt veroordeeld tot afgifte van de kistjes met inhoud aan eiseres. De vordering tot afgifte van het geld uit de portemonnee wordt afgewezen.
inzake rolnummer HA ZA 21-1103. Burenrecht; mondeling vonnis ex art. 30p Rv: art. 3:125 BW; ontruiming en toegang tot garagebox voor oorspronkelijke bezitter. Nieuwe bezitter heeft geen sterker recht dan oorspronkelijke bezitter.
Kort geding. Conventie: Eigenaarschap niet aannemelijk geworden. Eigenrichting. Reconventie: art. 843 a Rv Onduidelijk wie recht op inzage heeft
Eigendom paarden, gemeenschap, onrechtmatig handelen, schadevergoeding, deskundige, kosten verzorging.
Burenrecht. Geschil over erfgrens. Geen verjaring. Schutting moet worden teruggeplaatst op kadastrale erfgrens en overbouw van schuur moet worden verwijderd. Mandelige haag belemmert uitzicht op openbare weg en moet deels gesnoeid worden.
Vaststelling perceelgrens en omvang gevestigde erfdienstbaarheid
Conclusie AG. Zaakwaarneming als grondslag voor de vordering van de benadeelde partij?
Plantage Gato. Langdurige onverdeelde boedel. Twee huurovereenkomst. Ordemaatregel.
Aansprakelijkheid voor verduistering trekkers. Art. 6:166 BW Groepsaansprakelijkheid
Eigendom diverse roerende zaken van rechtspersoon/oud-bestuurder rechtspersoon/moedervennootschap na koop en verkoop aandelen rechtspersoon. Bewijsvermoedens. Verkrijgende verjaring? Overeenkomst tussen oude en nieuwe bestuurder rechtspersoon?
Erfrecht. Door erflater op rekening van een derde overgemaakt geldbedrag; vordering erfgenaam tot terugbetaling. Hereditatis petitio (art. 4:183 BW)? Grenzen van de rechtsstrijd in hoger beroep. Tardief verjaringsverweer?
Na verbreken van een LAT-relatie blijven de door de man gekochte goederen achter bij de vrouw. Man legt conservatoir beslag ten laste van de vrouw, vrouw vordert dat deze beslagen worden opgeheven. Sprake van ongerechtvaardigde verrijking, mede in het licht van de door de man bet
Vordering omgang met hond na verbreking samenleving afgewezen. Gezamenlijk eigendom niet aannemelijk.
Ingevolge artikel 3:109 BW wordt [appellant sub 1] vermoed de stroken voor zichzelf te houden. Dit vermoeden kan door [geïntimeerden] worden weerlegd door aan te tonen dat er slechts sprake is van houden voor een ander. In dit verband heeft [geïntimeerde sub 1]aangevoerd dat [app
-