strook grond van de gemeente. Langdurig in gebruik bij de eigenaar van een belendend perceel. geen verkrijging door verjaring op grond van artikel 3:105 jo. 3:306 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:108 BW
Genoemd in 687 uitspraken · Officiële wettekst
687 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Beroep op verkrijging stuk grond d.m.v. extinctieve verjaring ex art. 3:105 BW. Niet voldaan aan verjaringstermijn, bovendien geen bezitter geworden. Verkrijgende verjaring ex art. 3:99 BW? Belangenafweging ex art. 254 Rv.
buurweg, erfdienstbaarheid van overpad, bezit recht van erfdienstbaarheid, kwalitatief recht, noodweg
In geschil is of de heffingsambtenaar de onder 3.4 vermelde aanslag (Hondenbelasting) terecht aan belanghebbende heeft opgelegd.
Eigendom grond. Beantwoording van de vraag of de betreffende strook grond is overgedragen aan de hand van de in de notariële akte van levering tot uitdrukking gebrachte partijbedoeling, onder verwijzing naar HR 8 december 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA8901 en HR 2 december 2005, ECLI:N
Erfdienstbaarheid. Op perceel A rust een erfdienstbaarheid van voetpad ten behoeve van perceel B. De percelen A en B grenzen met de achterzijde aan elkaar. Op perceel B bevindt zich een winkelpand met bovenwoning. Op enig moment koopt de eigenaar van perceel B het naastgelegen pe
Vordering tot ontruiming strook grond. Verkrijging door verjaring rechtsvordering tot beëindiging bezit, art. 3:105 BW. Interversieverbod, art. 3:111 BW. Aanvang verjaringstermijn, art. 3:314 lid 2 BW.
Bevrijdende verjaring. Bezit. Bewijsvermoeden 3:109 BW?
Aan de orde is de vraag of een vaart naar een woning, welke vaart in eigendom is van de buurman, valt aan te merken als openbaar vaarwater. De wetsgeschiedenis van Boek 5 onderscheidt drie categorieën van openbare wateren. Aan het begrip openbaar vaarwater moet een engere beteken
Eigendom; inbezitneming; verkrijgende verjaring. Art. 3:105, 107, 108, 112, 113, 306 BW. Geval waarin koper krachtens rechtsverhouding met verkoper jegens deze gerechtigd is, vooruitlopend op levering van het verkochte, zich over het verkochte daarover de feitelijke macht te vers
Recht van opstal. Verkrijging door verjaring van rechtsvordering tot beëindiging van bezit (art. 3:306 jo. 3:105 lid 1 BW); stelplicht.
5 december 2003 Eerste Kamer Nr. C02/167HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: COÖPERATIEVE RABOBANK GRAAFSCHAP-WEST U.A., gevestigd te Hengelo (Gld), EISERES tot cassatie, incidenteel verweerster, advocaat: mr. H.D.O. Blauw, t e g e n 1. [Verweerder 1], wone
-
Erfdienstbaarheden. Verkrijgende verjaring van erfdienstbaarheid uit hoofde van art. 3:105 BW. Geval van aangrenzende erven die aanvankelijk in dezelfde hand waren en waarvan de inrichting vanaf het moment dat de eigendom in verschillende hand kwam duurzaam op een dulden of niet
Goederenrecht. Erfgrenskwestie. Bezit en verjaring. Beschouwing van feiten en omstandigheden in onderling verband.
Partijen hebben aan elkaar grenzende percelen op een bedrijventerrein. Zij hebben een geschil over de locatie van de erfgrens tussen hun percelen. Appellanten menen dat een strook grond tussen de percelen en achter het door geïntimeerde geplaatste hekwerk aan hen toebehoord. Ook
Burengeschil. Waar ligt de juridische erfgrens tussen de percelen? Bevrijdende verjaring (3:105 BW) en verkrijgende verjaring (3:99 BW). Beroep op verjaring slaagt ten aanzien van één deel van de strook grond Bekrachtiging vonnis kantonrechter.
De kern van dit burengeschil betreft de vraag waar de erfgrens precies ligt en of partij A door (bevrijdende) verjaring eigenaar zijn geworden van een of meerdere stroken grond. Naar het oordeel van de rechtbank slaagt het beroep op verjaring gedeeltelijk, namelijk voor een stroo
Goederen- en verbintenissenrecht. Onjuist en/of onbegrijpelijk oordeel dat vordering ter vergoeding van schade aan een woonwagen moet worden afgewezen? Is sprake van verkrijgende verjaring ten aanzien van de woonwagen?
Erfgrens. Verkrijgende verjaring. Onrechtmatige overbouw en/of wijze van bouwen. Partijen zijn beide eigenaar van een perceel met bedrijfsgebouw en bovenwoning. De percelen liggen naast elkaar. Zij hebben beide het gebouw uitgebreid waarna de panden tegen elkaar aan liggen. Het g
Eigendom van landbouwmachines. Rechtsvermoeden van artikel 3:119 BW van toepassing. De vorige eigenaar slaagt niet in het bewijs eigenaar gebleven te zijn.
verjaring door 20 jaar bezit van een strook gemeentegrond
Afwikkeling huwelijkse voorwaarden. Niet valt vast te stellen met wiens geld welke uitgaven zijn gedaan.
Eiser is eigenaar van het perceel geworden op grond van verkrijgende verjaring (artikel 3:99 BW). Gedaagde komt geen beroep op schadevergoeding toe op grond van onrechtmatige daad of ongerechtvaardigde verrijking.
Overijsselse Overlegrechter. Geschil over de erfgrens en een geplaatste schutting. De kantonrechter oordeelt dat de grond onder de oprit door verjaring is verkregen, maar de grond waar een haag heeft gestaan en nu een schutting staat, is niet door verjaring verkregen. De schuttin