Vervolg van tussenarrest 13 augustus 2019. Erfdienstbaarheid van weg ten dienste van twee erven. Uitleg van de leveringsakte van 1971 naar objectieve maatstaven. Anders dan de eerste rechter oordeelde, wordt met de verklaring voor recht inzake de erfdienstbaarheid ten dienste van
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:108 BW
Genoemd in 687 uitspraken · Officiële wettekst
687 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 19 · live
Erfdienstbaarheden. Geen sprake van recht van overpad door -verkrijgende of bevrijdende- verjaring. Plaatsen van erfafscheiding door gedaagden niet onrechtmatig.
Geen bevrijdende verjaring strook grond. Niet voldaan aan vereisten van inbezitneming en verjaring.
Eigendom strook grond; verkrijgende/bevrijdende verjaring? zo ja, schadevergoeding; verjaringstermijn van 5 of 20 jaar van toepassing?
Aanneming; ‘anticipatieve ontbinding’; deskundigenbericht; retentierecht.
Vordering vaststellen erfgrens Sint Pancras. Beroep op verjaring gedeeltelijk geslaagd. Beroep op Landje-pik arrest Hoge Raad (2017:309) verworpen
Burenruzie; 3:105 BW bevrijdende verjaring (3:314 lid 2 BW, 3:306 BW; 3:99 BW verkrijgende verjaring (3:101 BW, 3:102 lid 2 BW, 3:118 lid 1 en 3 BW); bevrijdende verjaring erfdienstbaarheid, overgangsrecht (744 Oud BW, 93 Overgangswet nieuw BW).
Burenrecht. Verjaring. Bezit door plaatsen van een ‘hondenhekje’?
Partijen zijn buren van elkaar en hebben een geschil over de erfgrens tussen beide percelen.
Spoedeisend belang verwijderen geplaatst tuinhek. Vordering afgewezen . Geen onrechtmatige hinder. Ladderrecht voor onderhoud aan warmtepomp en dakgoten.
Burengeschil. Verjaring strook grond. Onvoldoende belang bij vordering verwijderen bamboemat tegen schutting.
Bezit te goeder trouw. Verjaring.
bruikleenovereenkomst, houderschap, strook grond gemeente, geen interversie, geen verkrijgende verjaring ex artikel 3:105 BW
Koop recht van erfpacht; verkrijgende verjaring; bezit; bedrog; opzet; dwaling; onderzoeksplicht; waardevergoeding in geval van ontbinding; comparitie.
Burenrecht. Geschil over de erfgrens. Scheidingsmuur. Wettelijk vermoeden dat het midden van de afscheiding de grens tussen de erven is (art. 5:36 BW). Tegenbewijs. Kadastrale meting. Verkrijgende verjaring (art. 3:105 BW). Bijdrage aan de kosten van de schutting (art. 5:49 lid 1
Verkrijgende verjaring. Na afsluiting met een hek in 1983, en ingebruikname van het achterliggende terrein ten behoeve van de bedrijfsvoering, is de vordering van de gemeente verjaard tot om het terrein te ontruimen verjaard.
Geschil over de verkrijgende verjaring ex artikel 3:105 BW van een strook grond. Voorshands is bewezen geacht dat de strook grond (in ieder geval) twintig jaren in bezit is van de partij die zich beroept op verkrijgende verjaring. Wederpartij wordt in de gelegenheid gesteld tegen
Geen erfdienstbaarheid door verjaring. Beoordeling naar criteria van oud BW en nieuw BW (vanaf 1992). Onderhavige erfdienstbaarheid heeft een niet-voortdurend karakter en kan naar oud BW niet door verjaring worden verkregen. Naar maatstaven van nieuw BW stuit de verjaring van de
Verklaring voor recht verkrijgende verjaring erfdienstbaarheid afgewezen
Dakterras en uitbouw (en leidingwerk) boven een woning van een andere eigenaar. Is erfdienstbaarheid door verjaring ontstaan, inhoudende dat eigenaar van benedenwoning (dienend erf) ten behoeve van de eigenaar van de bovenwoning (heersend erf) de aanwezigheid van een uitbouw en e
Curacaose zaak. Toekenning van eigendom van kavels in een langdurig onverdeeld gebleven gemeenschap. Toekenning aan het Land onder de verplichting om tot ontwikkeling over te gaan en de kavels aan de gebruikers uit te geven. Aanwijzing van personen als gebruiker. Zelfbewoningspli
Is er door verjaring een bezit van erfdienstbaarheid van overpad ontstaan? Is sprake van een buurweg en is de parkeerplaats een openbare weg?
Burengeschil. Interversieverbod: artikelen 3:105, 3:107, 3:111 BW. Eigendom strook grond. Beroep op verjaring strandt omdat het gebruik is gebaseerd op een afspraak en de houder op grond van het bepaalde in artikel 3:111 BW zichzelf niet tot bezitter kan maken, hetgeen ook geldt
Burengeschil Kern van het geschil in conventie is of de bomenrij en struikenrij op en nabij de erfgrens van partijen jegens [eiser sub 2] c.s. onrechtmatige hinder in de zin van artikel 5:37 BW opleveren. De vraag of het onthouden van licht onrechtmatige hinder oplevert, hangt af
In kort geding heeft ProRail ontruiming van een strook grond gevorderd die zij nodig heeft voor een te realiseren verdubbeling van de spoorwegverbinding tussen Hoogkerk en Zuidhorn. Het gevorderde wordt afgewezen omdat voldoende aannemelijk is geworden dat gedaagde door verkrijge