Een agrariër stelt dat hij door bevrijdende verjaring ex artikel 3:105 BW en verkrijgende verjaring ex artikel 3:99 BW eigenaar is geworden van bepaalde gemeentegronden omdat hij die gronden gedurende enkele tientallen jaren heeft betrokken bij de exploitatie van de agrarische on
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:105 BW
Genoemd in 996 uitspraken · Officiële wettekst
996 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 12 · live
Art. 81 lid 1 RO. Vordering tot ontruiming gekraakt pand. Aan het middel te stellen eisen, art. 407 Rv. Levert beroep krakers op verjaring (art. 3:314 lid 1 en 3:306 BW) misbruik van recht op (art. 3:13 BW)?
Burenrecht, beroep op verkrijgende verjaring verworpen, inmeting erfgrens door deskundige
Tussen partijen is in geschil aan wie van hen een strook grond in eigendom toebehoort. Hebbes stelt dat het perceel haar eigendom is. Zij betwist dat PNO door verkrijgende verjaring daarvan eigenaar is geworden.
erfgrensgeschil; verjaring naar oud en nieuw recht
Geschil aangaande het grensverloop van twee erven behorend bij woonhuizen. Jaren geleden werd door de eigenaar van het betreffende erf, een haag geplaatst ruim op de grond van diens eigen erf. Daardoor viel feitelijk gezien de strook grond aan de kant van de buurman, in gebruik t
Vordering van de gemeente Rotterdam tot ontruiming door een sedert geruime tijd aan de Kralingse Plas te Rotterdam gevestigde zeilschool. De grond en het water dat de zeilschool gebruikt zijn eigendom van de gemeente. De zeilschool heeft daarvan geen bezit gehad, zodat verkrijgen
Conventie: vordering VvE. Ontvankelijkheidsverweer op basis van nietigheid van het besluit om gedaagde te dagvaarden is afgewezen. Het - in beginsel - nietige besluit is bekrachtigd in een vergadering van de VvE. Verklaring voor recht dat geen sprake is van verjaring van het excl
In geschil is of [x] door verjaring eigenaar is geworden van perceel. Hof oordeelt van niet. Van oudsher gedoogde de overheid dat gebruikers van overheidsgrond hooguit houders waren voor de overheid. Wanneer men heeft aangevangen als houder dan gaat men onder dezelfde titel voort
Burengeschil. Tussen partijen is in geschil wie eigenaar is van een strook grond die door eisers als oprit wordt gebruikt. Eisers beroepen zich op verkrijgende verjaring, noodweg, buurweg en tenslotte op een erfdienstbaarheid. De strook is eigendom van gedaagde. Wel wordt een erf
Beroep op verjaring ter zake erfdienstbaarheid faalt.
Erfdienstbaarheid. Verkrijgende verjaring. Bevrijdende verjaring. Buurweg.
Geschil aangaande de eigendomsrechten op een gezamenlijke steeg tussen de eigenaren van de aan de steeg grenzende panden. Heeft het gewezen vonnis alleen rechtskracht tussen partijen? Of werkt het ook jegens derden? Verder betreft de zaak verkrijgende verjaring die een aanvang he
Burengeschil. Hebben eisers de steeg in eigendom? Mogen zij de buren de toegang door de steeg ontzeggen? Is de steeg een openbare weg of is er onder BW oud een erfdienstbaarheid van weg door verjaring verkregen? Buurweg.
Erfdienstbaarheid. Verjaring. Erfdienstbaarheid die niet alleen bestaat in het moeten dulden van het gebruik van een pad, maar tevens in het moeten dulden van een garage met deuren die op het pad uitkomen en slechts dan een functie hebben wanneer het pad wordt gebruikt, is “voort
Burengeschil. Extinctieve verjaring (artikel 3:105 BW) met betrekking tot erfgrens tussen twee aangrenzende opritten, inbezitneming / bezitspretentie? Bomen op erfgrens (artikel 5:42 BW), plaatselijke gewoonte, verjaring rechtsvordering (artikel 3:314 BW)
In geschil is of stuk land door verjaring eigendom is geworden van de erven. Het appel van Land slaagt. Hof oordeelt dat van de ondeugdelijkheid van het door de erven ingeroepen recht is gebleken en heft beslag op en wijst vordering tot ontruiming toe.
eigendom pad, in akte van levering tot uitdrukking gebrachte partijbedoeling, verkrijgende verjaring, daden van bezit
Kort geding. Eigendom deel naburig perceel overgegaan door verkrijgende verjaring? Verhouding tussen artikel 37 Kadasterwet en artikel 3:20 Burgerlijk Wetboek. Bewijs verjaring. Geen verplichting bewaarder kadaster tot inschrijving.
De tuin naast een woning behoort in eigendom toe aan de buren. De strook grond direct langs de woning wordt gebruikt door de eigenaar van de woning en is door hem gedeeltelijk bestraat. Er is geen recht van erfdienstbaarheid ontstaan door extinctieve verjaring (3:105 lid 1 BW jo.
Vermoeden eigendom onroerende zaken; economische eigendom; rechtmatigheid verhuur van onroerende zaken; gerechtigdheid tot huurpenningen; uitkeringsfraude; verdeling gemeenschap; veroordeling tot medewerking aan levering onroerende zaak.
Geschil over een erfgrens en het snoeien van een boom. Uiteenzetting van de regeling van verkrijgende verjaring naar oud en nieuw recht. Inbezitname. Bewijs.
Vraag of erfdienstbaarheid van weg is ontstaan dan wel dat sprake is van een bermweg door tweemaal per maand over erf van buurman te rijden. Geen verjaring van bezit van erfdienstbaarheid te kwader trouw omdat termijn van 20 jaar niet is verstreken. Er is gelet op de voorgeschied
Burengeschil over strook grond. Bezit; verkrijging van de strook grond door verjaring. Bewijsaanbod als onvoldoende specifiek gepasseerd.
Art. 81 RO. Goederenrecht. Beroep op verkrijgende verjaring ten aanzien van een stuk grond; art. 3:105 BW. Procesrecht; afwijzing (tweede) verzoek om pleidooi in appel.