Verkrijging door verjaring rechtsvordering tot beëindiging bezit, art. 3:105 BW. Goede trouw opvolgende bezitter(s) niet vereist. Art. 3:102 BW niet van toepassing.
Burgerlijk Wetboek
Art. 3:102 BW
Genoemd in 56 uitspraken · Officiële wettekst
56 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Verkrijgende verjaring (art. 3:99 BW); bevrijdende verjaring (art. 3:105 BW); aparte maatstaf voor inbezitneming van publieke grond?; Heusdense vordering
Eigendomsverkrijging door verjaring van strook gemeentegrond met leilinden voor woning. Bezit. Beroep op verjaring slaagt. Heusdense vordering wordt afgewezen: appellant te goeder trouw.
Eigendomsverkrijging door verkrijgende of bevrijdende verjaring? Erfdienstbaarheid door verkrijgende of bevrijdende verjaring? Schadevergoeding voor onrechtmatig gebruik. Verjaring schadevergoedingsvordering gestuit.
Geslaagd beroep op verkrijgende verjaring van de eigendom van een onroerende zaak (deel van een eilandje). Bezitshandeling.
Erfgrensgeschil. Strook grond. Onderhoud heg, aanleg en onderhoud moestuin en later siertuin (onvoldoende gemotiveerd betwist) leidt tot bezit van de strook grond. Niet, althans onvoldoende gemotiveerd gesteld, dat goede trouw ontbreekt. Conclusie: 1996 - 2006 bezit te goeder tro
Geschil over de uitleg van een erfdienstbaarheid. De kantonrechter hakt in een tussenvonnis een aantal knopen door en geeft de partijen gelegenheid om aan de hand daarvan een onderlinge oplossing te bespreken.
Partijen zijn buren van elkaar. Ze zijn het niet eens over waar de erfafscheiding tussen hun percelen loopt. Eisers gaan uit van de in 2024 door het Kadaster ingemeten erfgrens. Dat betekent volgens hen dat het hekwerk en tuinhuis van gedaagden op hun grond staan. Eisers vorderen
Geschil tussen buren over juridische erfgrens. Verkrijgende verjaring? Ondergrond haag.
Geen erfdienstbaarheid ontstaan door verkrijgende verjaring.
Partijen zijn eigenaren van aangrenzende percelen. Zij hebben een geschil over of een schutting en een duivenhok gedeeltelijk over de erfgrens op het perceel van partij A staan. Partij A vorderen dat partij B ertoe worden veroordeeld dat alles wat is overgebouwd wordt verwijderd/
Burengeschil. Gebruiksgrens tussen percelen is niet gelijk aan juridische eigendomsgrens. Eigendomsgrens strook grond door verkrijgende verjaring. Artikel 3:99 BW, artikel 2000 (oud) BW.
Verkrijgende verjaring.
Het gaat in deze procedure kort gezegd om de vraag wie eigenaar is van een bepaalde strook grond. Gedaagde betwist niet dat de betreffende strook grond onderdeel uitmaakt van het kadastrale perceel van eiser, maar stelt dat hij eigenaar is geworden door verkrijgende danwel bevrij
bevrijdende verjaring strook grond
erfgrensgeschil. Bomen ter plaatse van litigieuze strook grond onrechtmatig gekapt?
Gebruik strook grond naast standplaats woonwagen: huur- of gebruiksovereenkomst? Rechtsverwerking? Bewijslevering. Geen geslaagd beroep op verjaring
Erfdienstbaarheden die door ruilverkaveling zijn vervallen, zijn door verjaring opnieuw ontstaan.
Burengeschil. Kadastrale erfgrens. Meting door Kadaster. Plaatsen overkapping. Overbouw? Sprake van verkrijgende of bevrijdende verjaring? Feitelijke macht, bezit en goede trouw. 3:99, 3:105 en 3:113 BW. Bewijslevering.
Burengeschil. Plaatsen overkapping. Sprake van overbouw? Eigendom van de grond waarop de overkapping staat door verkrijgende dan wel bevrijdende verjaring? Feitelijke machtsuitoefening en bezit van die grond. Goede trouw. 3:99, 3:105, 3:113 BW. Bewijs.
Geschil inzake goot gelegen tussen twee percelen. Uitleg notariële akte van levering en kadastrale gegevens. Eigendomsverkrijging van de goot door verjaring of natrekking?
Grensgeschil. Overbouw. Verjaring naar oud BW. Overgangsrecht. Bezit. Goede trouw. Belangenafweging bij vordering tot amotie.
Verkrijging door verjaring in de zin van artikel 3:105 BW van strook grond? Bewijsopdracht. Was sprake van een overkomst tot gebruik?
burenrecht
Burenruzie; 3:105 BW bevrijdende verjaring (3:314 lid 2 BW, 3:306 BW; 3:99 BW verkrijgende verjaring (3:101 BW, 3:102 lid 2 BW, 3:118 lid 1 en 3 BW); bevrijdende verjaring erfdienstbaarheid, overgangsrecht (744 Oud BW, 93 Overgangswet nieuw BW).