Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Tweedefasebeschikking. Afwijzing door OK van verzoeken tot vaststelling van (verantwoordelijkheid van bepaalde personen voor) wanbeleid, het treffen van voorzieningen en het ten laste brengen van de onderzoekskosten van bepaalde personen.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:354 BW
Genoemd in 87 uitspraken · Officiële wettekst
87 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Cancun-zaak. Aansprakelijkheid (trust)bestuurder ex art. 2:9 BW. Joint-venture. Invloed oordeel Ondernemingskamer over wanbeleid. Zie ECLI:NL:GHAMS:2018:132.
Executiegeschil. Volgens voorzieningenrechter bevat het oordeel van de rechtbank geen feitelijke of juridische misslag. Dat beoogde wijze van executie van het vonnis – openbare veiling van de vorderingsrechten van eiseres op o.a. gedaagde – misbruik van recht aan de zijde van ged
Cancun Holding II; misbruik van procesbevoegdheid door starten procedure in strijd met toezegging; geen ernstig verwijt aan trust bestuurder na vaststelling wanbeleid
Uitspraak van de Ondernemingskamer van 28 juli 2011; W.K. Scherpenzeel Pensioen B.V. en Vloot Vastgoed B.V.,/ Königsberg B.V.
-
OK; enquête; tweede fase; wanbeleid
OK; enquête; tweede fase; wanbeleid; ontbinding vennootschappen
Ondernemingsrecht. Uitkoopregeling (art. 2:201a BW). Wijze van prijsvaststelling; abstraheren van handelingen die de uitkopende aandeelhouder in het verleden ten voordele van zichzelf heeft verricht?
OK; Enquête; Tweede fase beschikking; Vaststelling wanbeleid
toewijzing verzoek wanbeleid
OK. Enquete. Tweede fase: vaststelling wanbeleid van Hepta G, in het bijzonder ten aanzien van de administratie en het ontbreken van jaarrekeningen en de samenstelling van haar statutair bestuur. (Feitelijk) Bestuurders zijn verantwoordelijk voor het wanbeleid. De Ondernemingskam
Ondernemingsrecht. Enquête. Kostenverhaal op feitelijk bestuurder op grond van art. 2:354 BW? Hoofdelijke verbondenheid als bedoeld in art. 6:6 lid 2 BW?
OK; Enquête; vaststelling wanbeleid; voorzieningen getroffen; afwijzing verzoek veroordeling in kosten van enquête; art. 2:354, 355, 356, 357 BW
Ok. Enquêteprocedure. Aanwijzing onderzoeker. Toewijzing verzoek uitbreiding omvang van het onderzoek. Afwijzing verzoek kosten onderzoek dan wel ter zake te verschaffen zekerheid ten laste van belanghebbende te brengen.
Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure Meavita-concern. Beschikking niet uitgesproken door het in de wet bepaalde aantal rechters (art. 5 RO). Verhaal van onderzoekskosten op commissarissen (art. 2:354 BW): ook door vakbond? Verwijtbaarheid commissaris vereist? Samenhang met zaak 16
De OK stelt verzoekster tot uiterlijk 18 april 2016 in de gelegenheid zich bereid te verklaren in te staan voor financiering van de onderzoekskosten en beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 4 december 2014 getroffen onmiddellijke voorziening in deze zaak.
Aansprakelijkheid van (in)directe bestuurders van de (inmiddels gefailleerde) dochtervennootschappen ex artikel 2:9 BW jo artikel 2:11 BW voor schending van de administratieplicht (artikel 2:10 BW) en gebrekkig toezicht op de administratievoering gedurende vele jaren door één adm
OK; Enquete: Wanbeleid; 2e fase; voorzieningen getroffen; bestuurder ontslagen, bestuurder benoemd, overdracht aandelen ten titel van beheer; benoeming raad van commissarissen; verhaal van onderzoekskosten; veroordeling tot betaling van onderzoekskosten; artikel 2:354, 355, 356 B
Vaststelling wanbeleid alsmede veroordeling van bestuurder in de kosten van het onderzoek. art. 2:350 lid 3 , 354 , 355
12/04946 Vennootschapsrecht. Enquêterecht. Joint venture. Belang van de vennootschap: bevorderen van bestendige succes onderneming en, bij joint venture, aard en inhoud samenwerking aandeelhouders. Zorgvuldigheidsplicht met betrekking tot belangen van stakeholders. HR 9 juli 2010
Beschikking van de Ondernemingskamer van 31 juli 2013; [X] / JIMM HOLDING B.V.C.S.
De Ondernemingskamer heeft (a) vastgesteld dat de op in de beschikking genoemde onderdelen sprake is geweest van wanbeleid van Landis Group N.V. in de periode van 11 maart 1998 tot en met 10 april 2002, (b) vastgesteld dat de raad van bestuur en raad van commissarissen voor het w
Geschil tussen een beursgenoteerde vennootschap en aandeelhouders over een dividenduitkering bij wege van uitgegeven cumulatief preferente aandelen ten aanzien waarvan de vennootschap nadien heeft besloten deze te converteren in gewone aandelen; enquêterecht, kan een enquête word
-