OK; uitkoopprocedure; stelsel van hoor en wederhoor onverkort van toepassing op opmerkingen of verzoeken die partijen in een uitkoopprocedure aan deskundige doen toekomen; partijen vrij om afwijkende afspraken te maken; buiten gemaakte afspraak gehandeld; zozeer tekort gedaan aan
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:351 BW
Genoemd in 87 uitspraken · Officiële wettekst
87 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Uitspraak Ondernemingskamer d.d. 1 december 2011; mr. Hanneke de Coninck-Smolders c.s. / Richard Edward den Drijver c.s.
Uitspraak Ondernemingskamer d.d. 21 februari 2011: NINOJU HOLDING B.V / AMBIENTE EUROPE B.V
Enquêterecht. Verzoek als bedoeld in art. 2:345 lid 1 BW kan niet meer worden ingetrokken indien hierop met een uitdrukkelijk dictum is beslist; meest gerede partij kan zich met een verzoek tot beëindiging tot de ondernemingskamer richten. Oordeel dat curatoren van de failliete r
Enquêterecht. Wanbeleid. Tijdelijke overdracht ex art. 2:356 BW van aandelen van in buitenland gevestigde aandeelhouder in vennootschap die onderwerp is van enquête. Bevoegdheid bestuurder om namens die buitenlandse aandeelhouder op te treden, te beoordelen o.g.v. Wet conflictenr
Appellant bestrijdt niet dat hij en [betrokkene 1] (op grond van het bepaalde in artikel 2:351 lid 1 BW) als bestuurders van SB gehouden waren “alle inlichtingen te verschaffen” die nodig waren voor de uitvoering van het door de Ondernemingskamer ingestelde onderzoek. Hij meent e
Enquêteverzoek. Eisen voor en in aanmerking te nemen belangen bij het bevelen van onder¬zoek als bedoeld in art. 2:345 BW. Strekking van art. 2:349 lid 1 BW in verband met ontvankelijkheid. Tegenverzoek en vrijheid van de Ondernemingskamer bij de bepaling van de omvang en periode
De Ondernemingskamer wijst zowel het verzoek van verzoeksters dat zich richt tegen Kel Development BV, gevestigd te Drunen, als het verzoek van verzoeksters dat zich richt tegen Keltec BV, eveneens gevestigd te Drunen, af.
De Ondernemingskamer heeft bij beschikking van 9 januari 2003 het verzoek van UB Holding B.V. en Lijmar B.V. (advocaten: mr. E.M. Soerjatin en mr. M. Holtzer), strekkende tot het bevelen van een voorlopig getuigenverhoor in de enquêteprocedure tegen Laurus N.V. (advocaat: mr. M.W
-
De curator van een failliet verklaarde vennootschap is niet bevoegd de ondernemingskamer een enquête bij die vennootschap te verzoeken. Tot degenen die de ondernemingskamer om het gelasten van een enquête kunnen verzoeken, behoort de houder van tenminste 10% van de aandelen van d
Faillissement en enquêterecht; bevoegdheid curator moedervennootschap tot verzoeken enquête bij failliete dochter. Bevoegdheid bestuurders failliete vennootschap tot vertegenwoordiging vennootschap in enquêteprocedure. Kennisgeving als bedoeld in art. 2:349 BW.