ontslag bestuurder stichting
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:298 BW
Genoemd in 226 uitspraken · Officiële wettekst
226 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Verzoek tot ontslag van bestuurder van een stichting administratiekantoor vanwege wanbeheer.
Verzoek ontslag (trust)bestuurder van stichting. Kring van belanghebbenden. Art. 2:298 BW.
Vervolg op HR 12 oktober 2018, ECLI:NL:HR:2018:1900. Verzoek tot ontslag bestuurders stichting (art. 2:298 BW), vernietiging statutenwijziging (art. 2:295 BW), ontbinding (art. 2:21 lid 3 BW). Belanghebbende. Toelaatbaarheid wijziging verzoek na cassatie (HR 15 september 2017, EC
Betreft verzoek ex artikel 2:298 BW (verzoek tot ontslag van een stichtingsbestuur). Rechtbank acht nader onderzoek naar het handelen van het bestuur (is er sprake van wanbeheer?) geïndiceerd. Hangende het onderzoek wordt het stichtingsbestuur bij wege van voorlopige voorzieninge
Vordering strekkende tot het benoemen van een tijdelijk bestuurder met beslissende stem alsmede vordering, strekkende tot een verbod om uitvoering te geven aan de bestreden besluiten, afgewezen.
Revindicatievordering. Persoonlijk gebruiksrecht dat tegen de eigenaar kan worden ingeroepen. Vordering tot vergoeding van werkelijke proceskosten. Verwevenheid tussen vereniging en stichting. Rekening en verantwoording.
-
- ontbinding stichting - artikel 2:21 lid 3 BW
Voorlopige voorziening op de voet van art. 223 Rv; verzoek niet schriftelijk gedaan. Mondelinge uitspraak (art. 30p Rv); ontbreken van motivering.
Kort geding. Schorsing statutair bestuurder/ werknemer van een stichting ongeoorloofd omdat betrokkenen niet van tevoren is gehoord.
Bekrachtiging door het hof van een beschikking van de rechtbank waarbij appellant als bestuurder van een stichting op verzoek van geïntimeerde, zijn medebestuurder, is ontslagen. Het zelfstandig tegenverzoek van appellant om geïntimeerde als bestuurder te ontslaan, is door de rec
geschil tussen vereniging en stichting; vereniging verzoekt ontslag stichtingbestuurder; is vereniging belanghebbende in de zin van art. 2:298?; ontslaggrond als bedoeld in art.2:298?
Rechtspersonenrecht. Geschil over samenstelling bestuur stichting. Hoger beroep van voorlopige voorziening tot schorsing bestuurders en benoeming tijdelijke bestuurders. Reikwijdte art. 2:298 lid 2 BW. Bevoegdheden tijdelijke bestuurders; verwijzing naar HR 19 februari 2010, ECLI
De belangenvereniging van beleggers die hebben geparticipeerd in teakbomenplantages in Brazilië krijgt geen voorschot op de opbrengsten. Daarnaast hoeft het enig overgebleven aanspreekpunt, administratiekantoor SATT, geen nieuwe beheerder aan te stellen.
Ontslag en benoeming van een vereffenaar in de ontbinding van een stichting
Verzoek van het OM tot ontslag van de bestuurders van en ontbinding van een stichting.
Afwijzing van het verzoek van het OM tot ontslag van de bestuurders en ontbinding van een stichting
Verzoek van het OM tot ontslag van de bestuurders van en ontbinding van een tweetal stichtingen
Schorsing op verzoek van het OM van de bestuurders van een stichting
Verzoek van het OM tot ontslag van de bestuurders van en ontbinding van een tweetal stichtingen
Schorsing op verzoek van het OM van de bestuurders van een stichting.
Kort geding. Vordering tegen notaris tot inschrijving bestuurder rechtspersoon in handelsregister. Afwijzing vordering dat de benoemingsbesluiten rechtmatig tot stand zijn gekomen, omdat dit geen voorlopige voorziening betreft, maar een declaratoire uitspraak. Het handelsregister
Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad. Later ingediend alsnog door advocaat bij de Hoge Raad ondertekend verzoekschrift wijkt af van oorspronkelijk verzoekschrift. (HR 10 juli 2009, ECLI:NL:H
Stichting die een kerkelijke gemeente stand houdt. Omzetting in kerkgenootschap. Vordering tot onderzoek naar financieel beleid bestuur en tot schorsing van het bestuur.