Rechtspersonenrecht. Geschil tussen drie bestuurders van een stichting over het door één van hen op grond van art. 2:298 lid 1, aanhef en onder a, BW verzochte ontslag van de andere bestuurders die hij diezelfde dag als bestuurder hebben ontslagen; ontvankelijkheid verzoek, belan
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:298 BW
Genoemd in 226 uitspraken · Officiële wettekst
226 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Art. 236 Rv. Kan indien een vordering of verzoek is afgewezen en deze afwijzing berust op een voor gedaagde of verweerder nadelige beslissing over de rechtsbetrekking in geschil, die beslissing gezag van gewijsde krijgen? Heeft gedaagde of verweer
Rechtspersonenrecht. Procesrecht. Belanghebbende. Verzoek tot ontslag bestuur van stichting (2:298 lid 1 BW) en benoeming nieuw bestuur (2:299 BW), subsidiair tot ontbinding van de stichting (art. 2:21 BW). Verzoeker is lid en voormalig bestuurslid van de vereniging die de sticht
Rechtspersonenrecht. Schorsing en ontslag op grond van art. 2:298 BW van bestuursleden van stichting wegens wanbeheer waaronder schending van het uitkeringenverbod (art. 2:285 lid 3), maatstaf; voorlopige voorzieningen, benoeming tijdelijk bestuurder zonder betrokkene te horen, s
Ondernemingsrecht. Recht van enquête. Klachten m.b.t. toepassing door OK van art. 2:349a leden 2 en 3 BW bij coöperatie met drie leden in meerdere beschikkingen i.v.m. (handhaving van) benoeming van tijdelijke bestuurder, benoeming van tijdelijke commissaris (met een doorslaggeve
Rechtspersonenrecht. Procesrecht. Belanghebbende. Verzoek tot ontslag bestuur van stichting (2:298 lid 1 BW) en benoeming nieuw bestuur (2:299 BW), subsidiair tot ontbinding van de stichting (art. 2:21 BW). Verzoeker is lid en voormalig bestuurslid van de vereniging die de sticht
Procesrecht; ontvankelijkheid beroep; berusting, geen ambtshalve toetsing, HR komt terug van eerdere rechtspraak. Rechtspersonenrecht; schorsing en ontslag op grond van art. 2:298 BW van bestuursleden van stichting wegens wanbeheer waaronder schending van het uitkeringenverbod (8
Rechtspersonenrecht. Bevoegdheden van tijdelijk, door de rechter benoemde bestuurder stichting; geen nietigheid op grond van art. 2:14 BW van besluiten tijdelijk bestuurder stichting die verder gaan dan past bij de rol van tijdelijk bestuurder.
Art. 81 lid 1 RO. Rechtspersonenrecht. Verbodenverklaring en ontbinding van informele vereniging (motorclub) en van twee onzelfstandige support clubs. Miskenning van toepasselijkheid van strafrechtelijk bewijsrecht en onjuiste toepassing van art. 149 Rv? Support clubs ten onrecht
Rechtspersonenrecht. Geschil tussen drie bestuurders van een stichting over het door één van hen op grond van art. 2:298 lid 1, aanhef en onder a, BW verzochte ontslag van de andere bestuurders die hij diezelfde dag als bestuurder hebben ontslagen; ontvankelijkheid verzoek, belan
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Ondernemingskamer heeft concernenquête gelast naar beleid en gang van zaken van zowel SNS Reaal als haar dochtervennootschap SNS Bank. Maatstaf voor concernenquête. Verwijzing naar oordeel in zaak 18/04509 (ECLI:NL:HR:2020:478).
Rechtspersonenrecht. Schorsing en ontslag op grond van art. 2:298 BW van bestuursleden van stichting wegens wanbeheer waaronder schending van het uitkeringenverbod (art. 2:285 lid 3), maatstaf; voorlopige voorzieningen, benoeming tijdelijk bestuurder zonder betrokkene te horen, s
Procesrecht. Gezag van gewijsde. Beperkende werking redelijkheid en billijkheid. Ontslag(besluit) inzake stichtingbestuurder.
Ontslag bestuurder, ontslagbesluit vernietigbaar? gezag van gewijsde.
Ontslag van bestuur van een stichting en ontbinding van de stichting. Verzoeker is niet-ontvankelijk als belanghebbende. Binnen de stichting kan (indirect) voldoende controle op het bestuur van de stichting worden uitgeoefend dat kring van belanghebbenden niet hoeft te worden opg
Verzoek tot ontslag van de bestuurder van Stichting Loterijverlies. De rechtbank houdt het onderzoek aan, schorst de bestuurder en benoemt voor de duur van de behandeling van het ontslagverzoek een tijdelijk bestuurder. Aan de tijdelijk bestuurder wordt verzocht onderzoek te doen
Appelprocesrecht, rechtspersonenrecht. Schorsing bestuurder en benoeming vervanger (art. 2:298 en 2:299 BW). Begrip “belanghebbende” en begrip “grief” (vgl. HR 5 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AJ3242, NJ 2004/76).
Hoofdzaak inzake verzoek en tegenverzoek tot ontslag/ schorsing bestuurders van STAK o.g.v. artikel 2:298 BW – eerder benoemde tijdelijke bestuurder verzoekt als voorlopige voorziening een verbod voor de vergadering van certificaathouders om bepaalde besluiten te nemen, waaronder
Internationaal vermogensbeheer. Vermogens van Libische staatsinvesteerders. Geen gronden voor ontslag bestuurders van de stichting die bewaarder is van het vermogen binnen het vermogensbeheer.
Ontslag bestuurder stichting op de voet van artikel 2:298 BW. Nasleep zogenoemde mondkapjesdeal. Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank houdende ontslag van betrokkene als bestuurder van de stichting, doch legt aan zijn beslissing een iets andere motivering ten grond
Beschikking ex art. 2:298 BW. Ontslag stichting bestuurders wegens tegenstrijdige belangen. Bestuursverbod voor 5 jaren. Bestuurders van non-profit organisatie zijn tevens bestuurder en (indirect) aandeelhouder van een door hen opgerichte commerciële onderneming met dezelfde stat
Verzoeken OM en betrokkenen bij de Stichting Hulptroepen Alliantie tot schorsing bestuurders voorlopig toegewezen.
Verzoek ontslag bestuurders van een stichting die in het leven is geroepen om beleggingen van de Libische staat te bewaren.
Oordeel in verzoekschriftprocedure dat ontslag bestuurder rechtsgeldig heeft plaatsgevonden heeft gezag van gewijsde.
Stichtingenrecht. Procesrecht. Wijziging statutaire doel van stichting door rechter (art. 2:294 BW). Herroepingsprocedure (art. 390 Rv). Belanghebbendebegrip.