Tussenvonnis. Deskundigenonderzoek gelast. Geschil tussen vennootschap (Beleggingsmaatschappij) en haar (voormalig) bestuurder. Onbehoorlijk bestuur? Tegenstrijdig belang? Van onbehoorlijk bestuur is geen sprake. Vennootschap (A) heeft geen bijzondere omstandigheden aangevoerd di
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:256 BW
Genoemd in 150 uitspraken · Officiële wettekst
150 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Rekening-courant tussen directeur-aandeelhouder en rechtspersoon. Geldigheid cessie.
Tegenstrijdig belang i.z.v. artikel 2:256 BW. Curator beroept zich terecht op vernietiging van een aantal overeenkomsten o.g.v. artikel 2:256 BW. Deze overeenkomsten zijn overigens zeer kort voor faillissement aangegaan. Vorderingen eisers afgewezen.
Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW. Bestuurder tevens enig aandeelhouder niet bevoegd tot vertegenwoordiging van de vennootschap.
besluit algemene vergadering van aandeelhouders tot het alsnog toekennen van een bestuurdersbeloning met terugwerkende kracht vernietigbaar? Bestuurder, tevens meerderheidsaandeelhouder, heeft jarenlang geen aanspraak op een bestuurdersbeloning gemaakt. Het in 2008 genomen beslui
Ondernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder. Ontbreken uitdrukkelijk aanwijzingsbesluit. Ook als de bestuurder tevens enig aandeelhouder is, is een uitdrukkelijk besluit van de aandeelhouders vereist. In bijzondere omstan
Ondernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder. Ontbreken uitdrukkelijk aanwijzingsbesluit. Uit omstandigheden af te leiden voldoende bewustheid bij aandeelhouder van tegenstrijdig belang en ondubbelzinnige instemming met de
Ondernemingsrecht. Tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW tussen vennootschap en bestuurder. Ontbreken uitdrukkelijk aanwijzingsbesluit. Uit omstandigheden af te leiden voldoende bewustheid bij aandeelhouder van tegenstrijdig belang en ondubbelzinnige instemming met de
Bestuursaansprakelijkhei. Verwerping van beroep op disculpatiegrond.
Betreft zaak tussen bank en curator. In geding zijn twee geschilpunten. Het eerste betreft de vraag naar de omvang van de vordering van de Bank op RCB inclusief de door RCB gegeven garanties ten behoeve van de vorderingen van de Bank op Ashoka. Het tweede geschilpunt betreft de v
Vennootschapsrecht. Tegenstrijdig belang. Pensioentoezegging.
Bestuurders failliete vennootschappen worden aangesproken in verband met stortingsplicht (2:191 BW), verrekeningen in rekening-courant tussen vennootschappen onderling (54 Fw jo. 42 en 47 Fw), een paulianeuze aandelenoverdracht en schending van de boekhoudplicht.
Kort Geding. Procesrecht. Gedaagde vennootschap kan niet verschijnen bij bestuurder van de moedervennootschap.
De curator spreekt de holding van de failliete vennootschap en de bestuurder van de holding in prive aan op grond van het niet volstorten van de aandelen - gehonoreerd - een verrekening binnen de concernvennootschappen in strijd met het schriftelijkheidsvereiste en tegenstrijdig
Dat het faillissement van de vennootschappen het beoogde gevolg was van een dergelijk vooropgezet plan, heeft de curator – mede gelet op zijn stelplicht in dezen – echter onvoldoende onderbouwd. In dat verband kan in zijn algemeenheid worden geconstateerd dat vele van de aantijgi
Vordering van faillissementscurator op grond van paulianeuze handelingen en bestuurdersaansprakelijkheid. Vermeerdering / wijziging van eis in pleitnota. Selectieve betaling aan moedervennootschap. Artikel 47 Fw. Benadeling andere schuldeisers en bekenheid daarmee bij de betreffe
Managementovereenkomst.
Tegenstrijdig belang bestuurder.
terugkomen op beslissing in tussenvonnis; tegenstrijdig belang; kennelijk onredelijk ontslag. vervolg op tussenvonnis LJN BB9319
Geschil tussen pandhouder en debiteur van pandgever. Diverse juridische verweren, Boas had nl al aan beslaglegend conservatoirs betaald.
Ondernemingsrecht. Vorderingen tot vernietiging besluiten bestuur en AvA. Geen redelijk belang ex-bestuurder daarbij, dus deze is niet ontvankelijk. Het besluit tot vaststelling van de jaarrekening kan in rechte worden getoetst aan de redelijkheid en billijkheid, ondanks het feit
Betreft toepassing van artikel 2:256 BW: tegenstrijdig belang van vennootschap en haar bestuurder; toepassing van HR 29 juni 2007: zowel sprake van persoonlijk belang als betrokkenheid bij een ander niet met de vennootschap parallel lopend belang
Vennootschapsrecht. Verzoek tot heropening van vereffening van een ontbonden vennootschap; tegenstrijdig belang als bedoeld in art. 2:256 BW, aanwijzing van bijzonder vertegenwoordiger; beroep op onbevoegdheid door vennootschap, gevolgen onbevoegd verrichte rechtshandelingen, gee
Pailianeus handelen? Ja door rechtshandelingen vielen gelden onder pandrecht bank. Art 42 jo 43Fw art 2:248 lid 1 + lid 2 BW art 210 BW art 6:162 BW
Uit het voorgaande volgt dat [X] Beheer bevoegd door [A.] is vertegenwoordigd bij het maken van de afspraken die zijn neergelegd in het schriftelijk stuk ‘Financiering [X] Centrale Verwarming Beheer B.V.’ en de ter uitvoering daarvan met Bové Holding totstandgekomen hypothecaire