Hoofdelijke aansprakelijkheid faillissementstekort wegens onbehoorlijk bestuur.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:248 BW
Genoemd in 1.261 uitspraken · Officiële wettekst
1.261 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 4 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid in het kader van het faillissement van een vennootschap. De curator stelt de middellijk bestuurders aansprakelijk voor het boedeltekort en stelt een derde persoon aansprakelijk wegens zijn gestelde feitelijk leidinggevende rol. De rechtbank zet het re
Bestuurdersaansprakelijkheid na faillissement. De curator stelt vier (al dan niet middellijke) bestuurders aansprakelijk voor een faillissementstekort. Naast formele verweren, zoals rechtsverwerking en obscuur libel, wordt door gedaagden onder meer aangevoerd dat de vordering is
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onrechtmatige daad (art. 6:162 BW). Verwijtbaar handelen bestuurdervennootschap. Aansprakelijkheid indirect bestuurder op grond van artikel 2:11 BW. Geen aansprakelijkheid van bedrijfsleiding als feitelijk beleidsbepalers.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Vader van (feitelijk) bestuurder stelt betaalrekening en inventaris ter beschikking aan vennootschap. Geen feitelijk bestuurder. Geen daden van bestuur. Bedacht zijn op risico van benadelen schuldeisers. Schade geen gevolg van ter beschikking stellen
Bestuurdersaansprakelijkheid. Vraag of bestuurder op grond van art. 2:11 BW aansprakelijk kan worden gehouden en daarmee vraag van toepasselijk recht kan in midden blijven. Geen prejudiciële vragen. Bestuurder aansprakelijk op grond van art. 2:248 BW.
Is advocaat aansprakelijk voor het mislukken van incassoprocedure (als gevolg van het faillissement van de debiteur) en het mislukken van poging om bestuurders aansprakelijk te verklaren? Afwijzing. Causaal verband en beroepsfout zijn niet aangetoond.
geen bestuurdersaansprakelijkheid ex 2:248 of 2:9 BW, noch onrechtmatige daad. Geen selectieve betalingen. Geen pauliana. Onvoldoende gesteld.
Faillissement. Bestuurdersaansprakelijkheid. Onrechtmatige daad. Onbehoorlijke taakvervulling heeft mede geleid tot faillissement van vennootschap. Bestuurders hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden van de gefailleerde vennootschap. Gezien de ernst van de feiten geen reden tot
Appel van ECLI:NL:RBNNE:2019:284 (kortgedingzaak) en van vonnis in bodemzaak. Vordering van curator in faillissement in de bodemzaak tot verklaring voor recht dat Heineken aansprakelijk is voor het boedeltekort in het faillissement. Onvoldoende gesteld dat Heineken optrad als fei
Oplegging hoge boete door de Europese Commissie aan verschillende (concern)vennootschappen wegens het maken van kartelafspraken en jarenlange overtreding van mededingingsregels. In deze procedure gaat het onder andere om de vraag of een bestuurder in voornoemd verband onrechtmat
vrijwaringsprocedure, eindarrest voor einde schadestaatprocedure in de hoofdzaak,
Overname van (deel van) Servische scheepswerf. Verkopende vennootschap geeft na de verkoop hypotheek aan gelieerde vennootschap en eenmanszaak, terwijl levering vrij van hypotheken was overeengekomen. Na afwikkeling koop wordt verkoper ontbonden. De hypotheekhouders weigeren de h
Faillissement incassobureau. Jaarrekeningen niet gepubliceerd. Bestuurdersaansprakelijkheid. Feitelijk leidinggevende? Matiging? Voorschot?
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:248 lid 1 BW. Is sprake van kennelijk onbehoorlijk bestuur? Is dat een belangrijke oorzaak van het faillissement geweest? Samenhang met 17/05253 en 17/05255.
Indirect bestuurder respectievelijk feitelijk bestuurder van failliet bouwbedrijf aansprakelijk voor boedeltekort op grond van artikel 2:248 BW. Boekhoudplicht geschonden. Bestuurder heeft niet aannemelijk gemaakt dat andere feiten of omstandigheden dan zijn onbehoorlijke taakver
Aansprakelijkheid bestuurder/feitelijk beleidsbepaler op grond van artikel 2:248 lid 1 BW; afromen van omzet als belangrijke oorzaak van faillissement; Bewijslast en falend beroep op matiging.
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b nu schuldenaar ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is geweest.
Onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid insolventieadviseur jegens gezamenlijke faillissementscrediteuren; Peeters/Gatzen-vordering. Ingangsdatum wettelijke rente, art. 6:83, onder b, BW. Verder grotendeels art. 81 lid 1 RO.
Curator stelt dat de boedel een vordering heeft op een feitelijk bestuurder en verwijst hierbij naar een vonnis in een vrijwaringszaak tussen de statutair bestuurders en de beweerdelijk feitelijk bestuurder. In die procedure, waarbij de curator geen partij was, is overwogen dat v
Bestuurdersaansprakelijkheid. Algemene uitgangspunten; schending van de publicatieplicht; stelplicht en bewijslast ten aanzien van het weerlegbare vermoeden uit artikel 2:248 BW.
Appel van ECLI:NL:RBNHO:2015:2480. Aansprakelijkheid van feitelijke beleidsbepaler. Situatie waarin de medebeleidsbepaler zijn wil aan het bestuur oplegt en het formele bestuur dat gedoogt. bekrachtiging.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Feitelijk bestuurder (art. 2:248 lid 7 BW)? Onrechtmatige doorstart? Onrechtmatig gebruik handelsnaam. Aansprakelijkheid bestuurder voor onrechtmatig gebruik handelsnaam door vennootschap? Verhaal mogelijk bij vennootschap? ‘Spaanse Villa’-arrest.
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 6:162 BW. Feitelijk bestuurderschap. Voor aansprakelijkheid van indirect (tweedegraads) bestuurder (art. 2:11 BW) is een persoonlijk ernstig verwijt vereist. Causaal verband vereist tussen schending Beklamel-norm en door de wederp
Beroepsaansprakelijkheid advocaat. Erfgenamen dga failliet bij verstek veroordeeld voor faillissementstekort. Advies verwerping erfenis en geen verweer voeren in door curator ingeleide procedure beroepsfout. Trial within a trial. Vordering tot vergoeding schade ter hoogte van, ko