Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:9, 2:10 en 2:248 lid 1 en lid 2 BW. Vordering faillissementscurator tegen bestuurders faillietverklaarde vennootschap. Financiering koop kasteel Beverweert. Kennelijk onbehoorlijk bestuur doordat bestuurders niet erop mochten vertrouwen dat fi
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:248 BW
Genoemd in 1.261 uitspraken · Officiële wettekst
1.261 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Ondernemingskamer; enquêterecht; mondelinge uitspraak; onderzoek bevolen naar beleid en gang van zaken van vennootschappen vanaf de oprichting; vaststelling onderzoeksbudget aangehouden; bestuurders geschorst; OK-bestuurder benoemd.
Peeters/Gatzen-vordering curator tegen (gelieerde) stichtingen en oud-bestuurder failliet. Maatstaf feitelijk beleidsbepaler niet van toepassing bij onrechtmatige daad 6:162 BW. Vordering curator deels toegewezen.
Bestuurdersaansprakelijkheid – matiging wegens wijze van afwikkeling van het faillissement – Actio Pauliana – betwisting authenticiteit managementcontract
Bestuurdersaansprakelijkheid. Vraag of de zoon van de formele bestuurders is opgetreden als feitelijk beleidsbepaler en daarom voor de toepassing van artikel 2:248 BW met een bestuurder gelijk moet worden gesteld. In het tussenarrest (ECLI:NL:GHARL:2023:7627) heeft het hof de ste
In geschil is of [gedaagde sub 1] als bestuurder en [gedaagde sub 2] als feitelijk beleidsbepaler aansprakelijk zijn voor het boedeltekort. De rechtbank beantwoordt die vraag hierna voor [gedaagde sub 1] met ‘ja’ en voor [gedaagde sub 2] met ‘nee’. Daarnaast is in geschil of een
Appelprocesrecht, aanvang beroepstermijn (art. 339 Rv), verschoonbare termijnoverschrijding na beweerdelijke apparaatsfout, invloed onttrekking advocaat op aanvang beroepstermijn?
Geschil over niet betaalde facturen juridische bijstand. Gedaagde sub 1 voerde het beleid als feitelijk beleidsbepaler in de eenmanszaak van gedaagde sub 2. Gedaagde sub 2 bij verstek veroordeeld. Analoge toepassing Beklamel-norm mogelijk onder bepaalde omstandigheden. Gedaagde s
210 Rv. Toewijzing incidentele vordering tot oproeping in vrijwaring. Rechtsverhouding voldoende gesteld. Het verzoek van gedaagde om in dit stadium de hoofdzaak en vrijwaringszaak op grond van artikel 215 Rv te splitsen, wordt afgewezen.
aansprakelijkheid in faillissement van in het buitenland woonachtige bestuurder van buitenlandse bestuurder-vennootschap in hoedanigheid van feitelijk beleidsbepaler.
Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Vordering van curator is niet verjaard. Bewijsvermoeden dat voeging in strafzaak de verjaring heeft gestuit is niet ontzenuwd door (indirect) bestuurders. Toepasselijkheid artikel 3:310 lid 4 BW. Kennelijk onbehoorlijk bestuur. Omvan
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:248 BW. Schending administratieplicht en schending publicatieplicht jaarrekeningen. Feitelijk beleidsbepaler aansprakelijk op grond van artikel 2:248 lid 7 BW.
Conclusie plv. AG. Fraude met gemeentelijke subsidies Rotterdam. Art. 225 en 321 Sr. M1: geen strafvermindering na overschrijding redelijke termijn in hoger beroep; M2: ontzetting uit beroep ("middellijk besturen stichting"); M3: nieuwe schadepost b.p. toegewezen in hoger beroep.
De rechtbank oordeelt dat bestuurders van een bedrijf onbehoorlijk hebben gehandeld. Zij worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van het boedeltekort en om aan de curator een voorschot te betalen op wat zij aan de boedel zijn verschuldigd.
Geen feitelijk beleidsbepaler. Schending boekhoudplicht? Uitwinning pandrechten. Bedrijfsovername; zijn referentiegegevens inzake het fosfaatreductieplan (per 1 januari 2018 fosfaatrechten) in de koop inbegrepen? Uitleg koopovereenkomst.
Bestuurdersaansprakelijkheid, onrechtmatige concurrentie en overig onrechtmatig handelen. Vorderingen curator toegewezen. Vorderingen in vrijwaringszaak afgewezen.
De rechtbank verklaart dat gedaagde 1 zijn taak als bestuurder kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement, hij onrechtmatig tegenover de schuldeisers heeft gehandeld door betalingen te ontvangen die het bedrijf zonder rechtsgr
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid (o.a. art. 2:248 BW). Stelplicht/bewijslast alternatieve oorzaak faillissement. Administratieplicht en belangrijke oorzaak faillissement. Stellingen inzake dubieuze transacties. Bewijsaanbod. Art. 24 Rv. Proceskosten.
Verwijzingsincident en vrijwaringsincident. De vordering tot verwijzing wordt afgewezen. De curator heeft geen gebrek aan de oorspronkelijke dagvaarding willen herstellen conform artikel 120 lid 2 Rv, maar (nadat de oorspronkelijke dagvaarding niet tijdig was aangebracht en dus n
en inzake C/09/610083 / HA ZA 21-334 Tussenvonnis bestuurdersaansprakelijkheid. I.v.m. het gevorderde bestuursverbod moet de curator de rechtbank informeren over de andere rechtspersonen waarvan gedaagde bestuurder of commissaris is. zie ook ECLI:NL:RBDHA:2023:12120
Bestuurdersaansprakelijkheid. Corona geen belangrijke oorzaak van het faillissement. Bestuurder en feitelijk beleidsbepaler aansprakelijk voor het boedeltekort. Niet uitvoerbaar bij voorraad. Aansprakelijkheid van nieuwe bestuurder in vrijwaring gematigd.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Turboliquidatie. Feitelijk bestuurderschap.
Ondernemingsrecht. Vraag of werknemer van een failliet verklaarde BV het beleid van de vennootschap (mede) heeft bepaald in de zin van artikel 6:248 lid 7 BW. Bewijsopdracht aan de curator.
Er is sprake van bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:248 lid 1 en lid 2 BW vanwege een ondeugdelijke administratie bij de gefailleerde vennootschappen, maar ook vanwege onbehoorlijk bestuur op materiële gronden. De bestuurder heeft onvoldoende gesteld en onderbouwd dat andere
Faillissement. Schending boekhoudplicht en deponeringsplicht. Bestuurders hoofdelijk aansprakelijk voor boedeltekort. Verwijzing naar schadestaat en voorschot op schadevergoeding. Bestuursverbod voor vijf jaar.