Bestuurdersaansprakelijkheid wegens schending boekhoudplicht op grond van artikel 2:248 lid 2 BW; matiging aansprakelijkheid van individuele bestuurder op grond van artikel 6:109 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:248 BW
Genoemd in 1.261 uitspraken · Officiële wettekst
1.261 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 3 · live
Opheffing conservatoir beslag, toewijzing
Bestuurdersaansprakelijkheid. Vraag of bestuurder op grond van art. 2:11 BW aansprakelijk kan worden gehouden en daarmee vraag van toepasselijk recht kan in midden blijven. Geen prejudiciële vragen. Bestuurder aansprakelijk op grond van art. 2:248 BW.
Bestuurdersaansprakelijkheid; vorderingen van curator deels verjaard; Andere belangrijke oorzaken van het faillissement.
Artikelen 2.10, 2.11 en 2:248 BW. Bestuurdersaansprakelijkheid. Schending van de administratieplicht. Disculpatie (na bedreiging en overname heeft (voormalig) feitelijk leidinggevende het pand verlaten. Nadien is de administratie zoekgemaakt).
Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement. De (indirecte) bestuurders, met uitzondering van één die niet nalatig is geweest, zijn hoofdelijk aansprakelijk vanwege het handelen bij de inbreng van een Turkse vennootschap en vanwege fraude.
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:248 lid 2 BW. Onvoldoende onderbouwing dat andere feiten of omstandigheden een belangrijke oorzaak van het faillissement zijn geweest alsmede dat de onbehoorlijke taakvervulling niet aan bestuurder te wijten is en dat bestuurder
Vordering curator (i) ex artikel 2:248 BW jo. 2:10 BW; beroep op disculpatie, matiging en (ii) ex Actio Pauliana, onrechtmatige daad, ongerechtvaardigde verrijking (Peeters/Gatzen-vordering). IPR: rechtsmacht en toepasselijk recht.
Indirect bestuurder respectievelijk feitelijk bestuurder van failliet bouwbedrijf aansprakelijk voor boedeltekort op grond van artikel 2:248 BW. Boekhoudplicht geschonden. Bestuurder heeft niet aannemelijk gemaakt dat andere feiten of omstandigheden dan zijn onbehoorlijke taakver
Valse administratie, artikel 2:10 BW en bestuurdersaansprakelijkheid artikel 2:248 BW
Faillissementspauliana, bestuurdersaansprakelijkheid.
Aansprakelijkheid van (indirect) bestuurder van vennootschap die is gefailleerd. Schending boekhoudplicht. Geen reden waarom de curator zich niet daarop mag beroepen. Vermoeden van art. 2:248 lid 2 BW is niet weerlegd. Geen disculpering op de voet van art. 2:248 lid 3 BW. Geen ma
Aansprakelijkheid van (indirect) bestuurder van vennootschap die is gefailleerd. Schending boekhoudplicht. Vermoeden van art. 2:248 lid 2 BW is niet weerlegd. Geen disculpering op de voet van art. 2:248 lid 3 BW. Geen matiging op de voet van art. 2:248 lid 4 BW.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Algemene uitgangspunten; schending van de publicatieplicht; stelplicht en bewijslast ten aanzien van het weerlegbare vermoeden uit artikel 2:248 BW.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijke taakvervulling in de zin van artikel 2:248 lid 1 en 2 BW. Individuele matiging op grond van artikel 2:248 lid 4 BW.
Bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:248 BW). Kennelijk onbehoorlijk bestuur door de formele bestuurder, door niet in te grijpen toen zij waarnam dat sprake was van een ongebruikelijke goederenstroom en de feitelijke bestuurder zijn gang te laten gaan. Niet gebleken van andere fa
Bestuurdersaansprakelijkheid vanwege schending van de publicatieverplichting. Beroep op disculpatie slaagt niet.
De curator in een faillissement stelt de bestuurders ex art. 2:248 BW aansprakelijk. De aansprakelijkheid rust op het bestuur als collectief. Het betoog van een aantal bestuurders dat hen geen blaam treft maar wel bestuurder X kan daarom geen doel treffen in het kader van art. 2:
De curator van een gefailleerde onderneming stelt zowel de bestuurders – op diverse grondslagen art. 2:248 lid 2 BW jo art. 2:10 BW en art. 2:394 BW, artikel 2:248 lid 1, art. 2:252 BW en artikel 2:9 BW – als de commissarissen (artikel 2:259 BW) aansprakelijk. Omvang en reikwijdt
Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW. Schending publicatieplicht. Veronderstellenderwijze wordt ervan uitgegaan dat bewijsvermoeden is ontzenuwd. Curator maakt aannemelijk dat kennelijk onbehoorlijke taakvervulling mede belangrijke oorzaak faillissement is geweest.
De beslissing van de rechtbank in een renvooiprocedure in het faillissement van Luta BV om de vordering van een schuldeiser (de curator van BPD), gegrond op bestuurdersaansprakelijkheid van Luta BV, te erkennen heeft dezelfde kracht als wanneer de curator die vordering op de veri
bestuurdersaansprakelijkheid; artikel 2:248 BW; publicatieplicht; geding na verwijzing
Hoger beroep van ECLI:NL:RBARN:2011:BR0169; bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW; belangenconflict van medeaandeelhouder tevens schuldeiser; beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit; onbehoorlijke taakvervulling; vermindering van aansprakelijkheid van afzond
Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement ex art. 2:248 BW, schending publicatieplicht, wettelijk vermoeden niet weerlegd. Ook: Peeters/Gatzen-vordering, onrechtmatige selectieve betalingen.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijke taakvervulling bestuur. Disculpatie bestuurder? Art. 2:248 lid 3 BW?