Hoofdzaak. In conventie spreekt curator bestuurders aan voor boedeltekort. Vordering jegens één bestuurder verjaard. Geen rechtsverwerking. Vordering tegen aantal andere bestuurders afgewezen, omdat bestaan bestuurdersaansprakelijkheid op grond van recht van het Verenigd Koninkri
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:248 BW
Genoemd in 1.261 uitspraken · Officiële wettekst
1.261 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 7 · live
Tussenvonnis. Bestuurdersaansprakelijkheid. Failissementspauliana. Artikel 54 Fw.
Faillissement – verklaring voor recht onbehoorlijke taakvervulling ex 2:248 BW en 2:9 BW – aansprakelijkheid voor en voorschot op faillissementstekort – geen rente over faillissementstekort – schadevergoeding naast faillissementstekort afgewezen – paulianeus handelen / onverschul
Curator q.q. en in privé niet aansprakelijk voor gestelde schade als gevolg van op grond van artikel 2:248 en 2:9 BW gevoerde procedure. Geen sprake van onrechtmatig handelen of misbruik van recht.
Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW, 2:9 BW en 6:162 BW. Schending boekhoudplicht? Bewijsvermoeden ex artikel 2:248 lid 2 BW. Andere oorzaken van faillissement. Geen kennelijk onbehoorlijk bestuur.
De rechtbank veroordeelt dat de gedaagden aansprakelijk zijn voor het boedeltekort van een gefailleerde bedrijf.
Bestuurdersaansprakelijkheid o.g.v. 2:248 BW / 2:9 BW / 6:162 BW. Schending publicatieplicht en boekhoudplicht. Aangesproken bestuurder heeft bewijsvermoeden artikel 2:248 lid 2 BW ontzenuwd. Curator wordt toelaten tot bewijslevering.
en inzake C/09/610083 / HA ZA 21-334 Tussenvonnis bestuurdersaansprakelijkheid. I.v.m. het gevorderde bestuursverbod moet de curator de rechtbank informeren over de andere rechtspersonen waarvan gedaagde bestuurder of commissaris is. zie ook ECLI:NL:RBDHA:2023:12120
Bestuurdersaansprakelijkheid. Corona geen belangrijke oorzaak van het faillissement. Bestuurder en feitelijk beleidsbepaler aansprakelijk voor het boedeltekort. Niet uitvoerbaar bij voorraad. Aansprakelijkheid van nieuwe bestuurder in vrijwaring gematigd.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Vermoeden dat onbehoorlijke taakvervulling door bestuurder een belangrijke oorzaak is van het faillissement is niet weerlegd. Bestuurder is aansprakelijk voor omvang tekort in faillissement. Geen matiging.
vordering curator bestuurdersaansprakelijkheid, diverse grondslagen
geding na verwijzing na Hoge Raad 9 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1099 (Mobile Services); bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:248 BW; strekking; weerlegging causaliteitsvermoeden van lid 2; handelen of nalaten van een of meer bestuurders dat op zichzelf beschouwd geen onbehoorlijke
Formeel en feitelijk bestuurders worden aangesproken voor tekort in het faillissement.
Overdracht aandelen aan katvanger. Onrechtmatige daad dga tegenover de gezamenlijke schuldeisers van de vennootschap. Faillissementspauliana.
Aansprakelijkheid 2:248 BW; bestuurder heeft administratieplicht geschonden. Nagenoeg geen administratie voorhanden. Ook bij een kleine onderneming, die slechts korte tijd actief is geweest, volstaat dit niet. Daarnaast bestuursverbod opgelegd.
Bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement. Veroordeling tot betaling tekort in het faillissement.
Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 lid 1 BW. Doorstart zonder voldoende financiering levert kennelijk onbehoorlijk bestuur op. Matiging.
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:248 BW. Gronden matiging op voet art. 2:248 lid 4 BW.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Kennelijk onbehoorlijke taakvervulling belangrijke oorzaak van faillissement (art. 2:248 lid 1 BW). Oplegging bestuursverbod (art. 106a Fw).
Handelszaak. Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW (aansprakelijkheid van het bestuur voor het boedeltekort). Schending boekhoud- en publicatieplicht. Geen onbelangrijk verzuim en geen disculpatie. Onbehoorlijke taakvervulling wordt vermoed de oorzaak van het faillisse
In deze zaak ligt de vraag voor of gedaagde als enig bestuurder van het gefailleerde MKD B.V. op grond van artikel 2:248 BW aansprakelijk is voor het boedeltekort in het faillissement. Ter discussie staat onder meer of de boekhoudplicht is geschonden en wat de oorzaak is van het
Bestuurdersaansprakelijkheid. Onbehoorlijk bestuur (o.a. schending art. 2:10 BW). Vermoeden dat onbehoorlijke taakvervulling belangrijke oorzaak is van faillissement (art. 2:248 lid 2 BW). Oplegging bestuursverbod (art. 106a Fw). Vrijwaring afgewezen.
Er is sprake van bestuurdersaansprakelijkheid ex art. 2:248 lid 1 en lid 2 BW vanwege een ondeugdelijke administratie bij de gefailleerde vennootschappen, maar ook vanwege onbehoorlijk bestuur op materiële gronden. De bestuurder heeft onvoldoende gesteld en onderbouwd dat andere
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid o.v.v. art. 2:248 BW (in verbinding met art. 2:11 BW). Devolutieve werking hoger beroep. Verdeling stelplicht en bewijslast. Vaststellen feiten, passeren bewijsaanbod. Kennelijk onbehoorlijke taakvervulling, causaal verband met fail
Bestuurdersaansprakelijkheid. Aannemingsovereenkomst. Aannemer heeft van de opdrachtgever een voorschot ontvangen en heeft dit doorbetaald aan een zustervennootschap. Aannemer wordt veroordeeld tot terugbetaling van het voorschot, maar betaalt niet en gaat failliet. Bestuurder w