Beherend apotheker is niet aansprakelijk voor het boedeltekort van de failliete apotheek waarvoor hij werkzaam was. De apotheker is geen statutair bestuurder geweest en kwalificeert ook niet als feitelijk beleidsbepaler. De apotheker heeft ook niet onrechtmatig gehandeld. (ZIE OO
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:242 BW
Genoemd in 65 uitspraken · Officiële wettekst
65 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
In dit geschil staat de vraag centraal of tussen partijen een koopovereenkomst tot stand is gekomen op grond waarvan een 50%-aandeel in een golfbaan in Frankrijk is verkocht aan de mede-eigenaar.
Geen schending externe informatie- of waarschuwingsplicht door medewerker vennootschap voorafgaand aan te verstrekken geldlening door geldverstrekker. Afwijzing van vordering uit hoofde van aansprakelijkheid van (feitelijk) bestuurder.
verstekarrest; vorderingen ex artikelen 2:248 BW en 106a Fw; bevoegdheid op grond van artikel 3 lid 1 van de herschikte Insolventieverordening (hierna: IVO (herzien)); geen grief tegen toepasselijk recht en artikel 7 lid 2 onder m) IVO (herzien); juridische en feitelijke bestuurd
Arbeidsrecht. Verzoek om ontslag te vernietigen. Verzoekster is bestuurder van de Holding. Artikel 2:241 BW. Verwijzing naar Handel, omdat kantonrechter onbevoegd is.
art. 26 WOR - Afwijzing van het verzoek van de ondernemingsraad dat de ondernemer niet in redelijkheid tot zijn besluit had kunnen komen
arbeidsovereenkomst met bestuurder BV? opzegverbod tijdens ziekte, herstelverbod hof, uitleg vertrekregeling, billijke vergoeding aan de hand van fictieve ontbinding
Omzetbelasting; fiscale eenheid; financieel en organisatorisch verweven?
Mondelinge uitspraak. Kantonrechter onbevoegd, verwijzing naar rechtbank (artikel 2:241 Rv). Werknemer statutair bestuurder. Oprichtingsakte B.V. Inschrijving KvK.
Art.242 lid 1 BW. Vorderingen gericht op herbenoeming aandeelhouder (oprichter bedrijf) als bestuurder. Uitleg aandeelhoudersovereenkomst. Voorwaarde voor intreden eventuele stemverplichting niet vervuld.
Ontslag statutair bestuurder. Bevoegdheid rechtbank. Verzoekschrift of dagvaarding? Benoemingsbesluit en aanvaarding ervan. Geldigheid ontslagbesluit. Redelijke grond? d- en/of a-grond? Billijke vergoeding. Beeindigingsvergoeding. Concurrentiebeding.
Statutair bestuurder. Met het ontslagbesluit en de daaropvolgende opzeggingsbrief is per 1 juli 2020 een einde gekomen aan de vennootschapsrechtelijke en de arbeidsrechtelijke relatie tussen SterGro en geïntimeerde.
Ontslag statutair bestuurder, vennootschapsrechtelijk ontslag houdt stand, ontbreken redelijke grond ex art. 7:669 lid 3 BW, billijke vergoeding € 70.000,-
Voorlopige voorziening. Ontslag statutair bestuurder. Bevoegdheid kantonrechter. Met welke vennootschap heeft eiser een arbeidsovereenkomst? Is eiser ook statutair bestuurder van die vennootschap? Ontbreken benoemingsbesluit.
Arbeidsrecht. Voorlopige voorziening. Wedertewerkstelling en loondoorbetaling. Artikel 69 Rv. Bevoegdheid handelsrechter. Was werknemer ook statutair bestuurder? Is er een geldig benoemingsbesluit en is de benoeming aanvaard? Is er geldig ontslagbesluit?
Vordering tot benoeming bestuurder in kort geding afgewezen. Wettelijke grondslag ontbreekt. Belangenafweging leidt niet tot ander oordeel.
Statutair bestuurder, arbeidsovereenkomst
De kantonrechter oordeelt dat de arbeidsovereenkomst tussen Centric en een werknemer niet rechtsgeldig is beëindigd. Dit betekent ook dat het loon doorbetaald had moeten worden. De vordering tot wedertewerkstelling wijst de kantonrechter af.
-
Ontvankelijk in vorderingen na faillissement (artikel 25 Fw)? Onrechtmatige uitlatingen curator?
Werknemer geen statutair bestuurder. Vernietiging opzegging 7:681 BW. Afwijzing verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Artikel 2:8 BW. Artikel 2:9 BW. Gedragingen van de feitelijk bestuurder of van de vennootschap zelf?
Kort geding. Vordering tot wedertewerkstelling en doorbetalen loon toegewezen. Voorzieningenrechter gaat ervan uit dat eiser gewone werknemer en geen statutair bestuurde is.
Benoeming en ontslag statutair bestuurder rechtsgeldig. Geen grieven gericht tegen oordeel dat sprake was van de h-grond van art. 7:669 lid 3 BW, noch tegen het oordeel dat geen recht bestaat op billijke vergoeding ex art. 7:682 lid 3 sub a of b BW
Vastgesteld wordt dat eiser statutair bestuurder was van gedaagde. De zaak wordt daarom door de kantonrechter verwezen naar de handelskamer van de rechtbank