Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 23 Wet Bpf 2000. Geen kennelijk onbehoorlijk bestuur.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:216 BW
Genoemd in 206 uitspraken · Officiële wettekst
206 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Wijziging kinderalimentatie. Er is sprake van verwijtbaar, maar niet voor herstel vatbaar inkomensverlies. De rechtbank rekent met het oude, dus hogere inkomen, vanwege de bijzondere redenen van de inkomenswijziging. De man moet een dag per week behandeling volgen om een terugval
OK; enquête; vaststelling wanbeleid en verantwoordelijkheid daarvoor; treffen voorzieningen, afwijzing verzoek onmiddellijke voorzieningen
Partneralimentatie. Draagkracht ondernemer. Wijziging van omstandigheden door Brexit en coronacrisis.
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Niet-naleving CAO door uitzendbureau (HR 28 november 2014, ECLI:NL:HR:2014:3458).
Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Verbintenissenrecht. Geschil tussen curatoren, vennootschappen en bestuurders over rechtsgeldigheid uitkering dividend en managementvergoedingen.
Wijziging kinderalimentatie. Rechter moet terughoudendheid betrachten bij het oordeel of een dividenduitkering tot de mogelijkheden behoort.
Aansprakelijkheid van een accountant voor gebrekkige advisering. Vervalbeding in algmene voorwaarden. Devolutieve werking van het hoger beroep
vordering tot uitkering dividend afgewezen.
OK; Enquete; gegronde redenen; onderzoek bevolen; onmiddellijke voorzieningen getroffen; 2:345, 349a lid 2, 350 lid 1 BW
Dividenduitkering. Artikel 2:216 BW (oud).
Aanhouding hoofdzaak totdat CBB heeft beslist t.a.v. de gegrondheid van het kostenbesluit. Aankondiging dat vordering in de vrijwaringszaak in conventie bij eindvonnis zal worden afgewezen en de vordering in de vrijwaringszaak in reconventie bij eindvonnis zal worden toegewezen.
De rechtbank heeft de behoefte van de vrouw en de minderjarige beoordeeld aan de hand van een behoeftelijst. Afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden met benoeming van een deskundige over de opgepotte winsten.
Vervolg op ECLI:NL:RBGEL:2016:6685. Beoordeling van (on)rechtmatigheid van een dividendbesluti ex. Artikel 2:216 lid 2 BW (oud) aan de hand van maatstaf van Nimox/Auditrade en Reinders Didam. De stelling van eiseres dat er ernstig rekening mee moest houden dat gedaagde door het
Arbeidsrecht. Kennelijk onredelijk ontslag. Ontslag niet kennelijk onredelijk, ondanks hoge leeftijd (63 jaar) en langdurig dienstverband (45 jaar). Dividenduitkering in voorafgaand jaar als omstandigheid die meeweegt.
Door bestuurder/aandeelhouder betaling aan beide aandeelhouders gedaan als "interim dividend", 2:216 BW. Geen uitkeringsbesluit genomen door de algemene vergadering, ook niet besloten buiten vergadering. Onverschuldigde betaling. 2:8 lid 2 BW.
Artikel 2:216 lid 2 BW (oud). Tussenvonnis. Dividendbesluit niet nietig. Voldoende vrije ruimte om dividenduitkering te doen, ook als rekening wordt gehouden met een ten onrechte niet in de jaarrekening opgenomen afwaardering op grondpositie en een voorziening voor de vordering
Bestuurders- en aandeelhoudersaansprakelijkheid. Onderneming in de maakindustrie wordt via dividenduitkeringen ontdaan van alle reserves, met als argument dat men daarmee de verkoopbaarheid wil vergroten. Als de vraag plotseling opdroogt, volgt kort daarna het faillissement. Best
Onrechtmatig handelen van aandeelhouder en bestuurder door het nemen van een (volgens eiseres als nietig te kwalificeren) dividendbesluit en de uitvoering ervan? Artikel 2:216 BW (oud). Vraag of voor de vordering een voorziening moest worden opgenomen en zo ja, voor welk bedrag.
Vervolg van tussenarrest 22 juli 2014. Alsnog toekenning van een bedrag van de appellant.
Vaststelling dividendbeleid. Toepassing van Hoge Raad 9 juli 1990, NJ 1991, 51 (‘Sluis’). Feitelijk beklemde minderheidscertificaathouders. Weigering door de meerderheid om werkelijk dividendbeleid vast te stellen en te voeren én geen bereidheid om minderheidscertificaathouders t
Dividend uitkering geoorloofd? Is sprake van een volwaardige vordering. Afwaarderen? Voorbijgaan aan conclusie deskundige dat vordering niet afgewaardeerd behoefde te worden.
OK; Enquete; Wanbeleid; voorziening getroffen op de voet van artikel 2:356 sub d; overdracht van statutaire bevoegdheden van de AvA aan de RvC; opneming in de statuten van een bepaling naar analogie van artikel 2:107a lid 1 BW.
Dividendbesluit niet in strijd met artikel 2:216 BW (oud) noch met artikel 42 Fw; betaling geen rechtshandeling in de zin van artikel 42 Fw; geen kennelijke onbehoorlijke taakvervulling als bedoeld in artikel 2:248 BW
Art. 2:216 (oud) BW, nietigheid dividendbesluit, zaak verwant aan zaak bij Rb Midden-Nederland (ECLI:NL:RBMNE:2013:BY8377).