Alimentatie. Vaststelling draagkracht. In redelijkheid te verwerven inkomsten directeur-grootaandeelhouder. Kan naast salaris ook vennootschapswinst een rol spelen bij draagkrachtberekening?
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:216 BW
Genoemd in 206 uitspraken · Officiële wettekst
206 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Art. 81 lid 1 RO. Schadestaatprocedure. Schade van dochtervennootschappen (gederfde winst) gevorderd als eigen schade van moedervennootschap, die de vordering uit hoofde van wanprestatie geldend maakt. Stelplicht. Vereenzelviging?
OK; Enquête; verzoek tot vaststelling van wanbeleid afgewezen; art. 2:355, 356, 349a lid 2 BW.
Personen- en familierecht. Alimentatie. Vaststelling draagkracht. In redelijkheid te verwerven inkomsten directeur-grootaandeelhouder. Naast salaris kan ook vennootschapswinst een rol spelen; HR 6 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1335, NJ 2014/297.
Dividendvordering in CHF op Zwitserse dochter strekkende tot uitdeling van een US$-vordering op Bermuda-groepsmaatschappij. Dooruitdeling van die US$-vordering ruim een maand later. Valutawinst in € op de CHF. Belast? Moment van activering van een dividendvordering: declaratie of
Personen- en familierecht. Partneralimentatie. Vaststelling draagkracht ondernemer. In redelijkheid te verwerven inkomsten. Kan naast salaris ook winst uit onderneming een rol spelen bij draagkrachtberekening?
Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Alimentatie. Wijziging van omstandigheden. Toepasselijkheid niet-wijzigingsbeding. Draagkracht. Onbegrijpelijk oordeel?
Faillissementsrecht. Boedelschuld. Verplichting tot verwijdering van zaken die tot de boedel behoren. Geldt deze verplichting óók als zaken zijn nagetrokken door de grond van degene die verwijdering verlangt? Vraag wanneer sprake is van verplichting die op boedel rust. Wat is rec
Hoger beroep van ECLI:NL:RBAMS:2023:2837. In dit kort geding vordert Klirmark c.s. (kort gezegd) dat het Metinvest en haar twee bestuurders verboden wordt om dividend uit te keren aan aandeelhouders van Metinvest, omdat dat onrechtmatig zou zijn jegens haar als schuldeiser van Me
Geschil over samenwerkingsovereenkomst. Rechtsgeldige opzegging duurovereenkomst. Diverse vorderingen verjaard
Uitleg van commercieel contract tussen professionele partijen. Omstandigheden van het geval maken dat de taalkundige betekenis niet prevaleert. Met brutowinst is netto bedrijfsresultaat bedoeld.
Zorgregeling en kinderalimentatie.
vordering tot uitkering dividend afgewezen.
Aanhouding hoofdzaak totdat CBB heeft beslist t.a.v. de gegrondheid van het kostenbesluit. Aankondiging dat vordering in de vrijwaringszaak in conventie bij eindvonnis zal worden afgewezen en de vordering in de vrijwaringszaak in reconventie bij eindvonnis zal worden toegewezen.
Door bestuurder/aandeelhouder betaling aan beide aandeelhouders gedaan als "interim dividend", 2:216 BW. Geen uitkeringsbesluit genomen door de algemene vergadering, ook niet besloten buiten vergadering. Onverschuldigde betaling. 2:8 lid 2 BW.
Artikel 2:216 lid 2 BW (oud). Tussenvonnis. Dividendbesluit niet nietig. Voldoende vrije ruimte om dividenduitkering te doen, ook als rekening wordt gehouden met een ten onrechte niet in de jaarrekening opgenomen afwaardering op grondpositie en een voorziening voor de vordering
Schadestaatprocedure. ING is in de hoofdprocedure veroordeeld tot schadevergoeding omdat niet voldoende leenstukken ter beschikking zijn gesteld om de dochtermaatschappijen van Cross Options in staat te stellen op de optiebeurs ‘reversal posities’ in te nemen. Schade moedermaatsc
Geschil over dividenduitkering, die gedaagden als middellijk bestuurders onrechtmatig zouden hebben gedaan. Artikel 2:216 BW. Rechtbank oordeelt dat gedaagden bij de goedkeuring van het aandeelhoudersbesluit hebben gehandeld in strijd met artikel 2:215 lid 3 BW en dat zij het tek
Art. 2:216 (oud) BW, nietigheid dividendbesluit, zaak verwant aan zaak bij Rb Midden-Nederland (ECLI:NL:RBMNE:2013:BY8377).
Verklaringsprocedure als bedoeld in artikel 477a Rv. Eiseres betwist de juistheid van de door gedaagde afgelegde derdenverklaring. Overgangsrecht bv-recht per 1-10-12 en geldigheid dividendbesluit.
Art. 705 Rv. Dividenduitkering gelet op art. 2:216 BW niet onrechtmatig. In vaststellingsovereenkomst is beroep op dwaling uitgesloten. Onvoldoende aannemelijk dat eiser bij aangaan van de vaststellingsovereenkomst misleidende mededelingen heeft gedaan.
Nakoming aandeelhoudersovereenkomst (en inherent daaraan uitvoering aan arbitrale vonnissen). Ondernemingsrecht. Wetgeving betreffende de Flex-BV. Overgangsrecht. Artikel 2:216 BW/artikel 2:248 BW.
Geen aanspraak op dividend na einde dienstverband
-
28 april 2000 Eerste Kamer Nr. C99/087HR Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [curator], in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van J. Domp B.V., wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, voorwaardelijk incidenteel verweerder, advocaat: mr G. Snijde