Planschade in het onteigeningsgeding (art. 40e Ow). Verhouding tot onder meer eliminatieregel en egalisatieregel. Verhouding tot planschadevergoeding ex art. 6.1 Wro. Tijdelijk voordeel? Ambtshalve onderzoek onteigeningsrechter naar schadefactoren.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:1 BW
Genoemd in 69 uitspraken · Officiële wettekst
69 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Onteigening. Schadeloosstelling.
Onteigening. Schadeloosstelling.
Onteigening.Schadeloosstelling.
Art. 12, lid 2, Belastingverdrag Ned-Duitsland. Overheidspensioen.
Art. 231, lid 2, letter b, jo. 232, lid 4, Gemeentewet en art. 1, lid 2, jo. art. 30 Wet WOZ. Bevoegdheid ambtenaar openbaar lichaam. Art. 18a AWR en art. 22 Wet WOZ. Herziene WOZ-beschikkingen na onjuiste objectafbakening.
Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie
Overheidsprivaatrecht. Wet Mulder (Wahv). Wettelijke verhogingen van verkeersboetes bij niet-tijdige betaling in strijd met art. 6 of 7 EVRM dan wel art. 1 EP EVRM? Gevolgen van die strijd. Onevenredige bestraffing. Buitensporige last. Rechtsbescherming door de burgerlijke rechte
Planschade in het onteigeningsgeding (art. 40e Ow). Verhouding tot onder meer eliminatieregel en egalisatieregel. Verhouding tot planschadevergoeding ex art. 6.1 Wro. Tijdelijk voordeel? Ambtshalve onderzoek onteigeningsrechter naar schadefactoren.
Overheidsaansprakelijkheid, Afspraak met, althans, toezegging van de Staat tot blijvende vergoeding van de exploitatiekosten van het Atrium?
Op de rol gevoegde zaken. Vereenzelviging van publiekrechtelijke rechtspersonen. Geschil tussen verkoper en koper over kettingbeding in akte tot verkoop en levering van registerzaak. Uitleg van het beding niet volgens objectieve maatstaven, maar naar de bedoeling van partijen bij
De Raad voor de Rechtspraak heeft geen rechtspersoonlijkheid en kan niet zelfstandig in rechte worden betrokken. Het handelen van de Raad voor de Rechtspraak moet worden aangemerkt als handelen van de Staat. De vordering van eiser tegen de Staat (strekkende tot vergoeding van ges
Vrijstelling van overdrachtsbelasting ingevolge art. 15, lid 1, aanhef en letter c, Wet BVR van toepassing bij verkrijgingen door Kadaster?
-