Insolventierecht. Verzet curator tegen faillietverklaring; art. 10 Fw. Is curator belanghebbende q.q. of pro se? Maatstaf; misbruik van bevoegdheid. HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3636, NJ 2016/172.
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:19 BW
Genoemd in 504 uitspraken · Officiële wettekst
504 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 5 · live
Eén van de voormalig firmanten van belanghebbende exploiteerde in de jaren 2007, 2008 en 2009 een agrarisch loonbedrijf in de vorm van een eenmanszaak. Op 1 oktober 2009 is deze eenmanszaak met terugwerkende kracht per 1 januari 2009 omgezet in een vennootschap onder een firma (V
Ontvankelijkheid hoger beroep schuldeiser bij toewijzing faillissementsaanvraag ? / Artikel 9 Fw en gesloten stelsel / oproeping conform Bet-Vo terecht/ ontvankelijkheid curator in incidenteel hoger beroep? / Gesloten stelsel en artikel 10 en 11 FW / Niet –ontvankelijkheid / bel
In geschil is of de beroepen ontvankelijk zijn. Zo dat het geval is, is tussen partijen niet in geschil dat de beroepen ter behandeling en beslissing dienen te worden teruggewezen naar de rechtbank.
Bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. De rechtspersoon is blijven voortbestaan. Art. 2:19 B.W. Art. 2:23 B.W. Art. 6:2:a Awb
Ontvankelijkheidheid beroep in situatie waarin de aangeslagen BV is opgehouden te bestaan. Aangezien de aangeslagen BV is opgehouden te bestaan, kunnen op naam van haar niet langer rechtshandelingen, waaronder het instellen van beroep, worden verricht. Nu niet gebleken is dat de
Bestuurdersaansprakelijkheid. Ontbinding stichting. Regres mede-bestuurders.
verzekering tegen beroepsaansprakelijkheid. recht om benadeelden rechtstreeks schadeloos te stellen. derdenbeding?
Onpartijdigheid van de rechter na diens betrokkenheid als voorzieningenrechter bij een eerdere uitspraak tussen partijen in een kort geding. Loonvordering. Positie van de curator als geïntimeerde in het geding. Consequenties van de opheffing van het faillissement van de gestelde
De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de in het arrest van de Hoge Raad “Ontvanger - Roelofsen” (NJ 2006/659) gegeven maatstaf, van het na ontbinding van de vennootschap achterwege laten van vereffening met als gevolg dat de vennootschap ophoudt te bestaan, aan de bestuurders
Verzoek schorsing wegens ontbinding vennootschap afgewezen. Geen analoge toepassing artikel 225 Rv. Procedure wordt voortgezet met ontbonden vennootschap als partij.
“Aansprakelijkheid vereffenaars. Gelet op het feit dat op de vereffenaar dezelfde aansprakelijkheid rust als een bestuurder mag naar het oordeel van het hof naar analogie van HR 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0758, NJ 2006, 659 alleen dan worden aangenomen dat de vereffenaar
tegenbewijs te leveren door B.V. tegen de voorshands bewezen geachte stelling dat zij op het tijdstip van haar ontbinding nog baten had;
vakheffing Productschap, overdracht vordering, rechtsgeldige overdracht, voortbestaan rechtspersoon na ontbinding.
Weigering ingschrijving van beëindiging rechtspersonen. Gerede twijfel over juistheid opgave. Onderzoek Kamer van Koophandel naar baten rechtspersonen
Herroeping ontbindingsbesluit.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Bestuurder beëindigt de onderneming van de B.V., die daardoor leeg raakt, zonder rekening te houden met de voortlopende huurovereenkomst en zonder de verhuurder in te lichten.
Aansprakelijkheid notaris? procesrechtelijke en materieelrechtelijk gevolgen van ontbinding maatschap (mede naar aanleiding van HR 15 maart 2013, LNJ:BY7840); wederpartij/ontvankelijkheid in hoger beroep; verjaring en klachtplicht.
Herroeping van het besluit tot ontbinding door de ontbonden rechtspersoon. (On)mogelijkheden en voorwaarden waaronder dat mogelijk is.
Nu belanghebbende vóór het moment van ontbinding en vereffening bezwaar heeft gemaakt tegen de aan haar opgelegde navorderingsaanslag, kan zij die procedure ook in beroep voortzetten. Het beroep is dan ook ontvankelijk. De rechtbank is voorts van oordeel dat de geautomatiseerde a
Kamer van Koophandel. Herroeping van de ontbinding van een rechtspersoon. De bestuurder/enig aandeelhouder van een onderneming ontbindt deze en verzoekt de Kamer van Koophandel de ontbinding in te schrijven in het handelsregister. Daarbij wordt tevens meegedeeld dat de ondernemin
Opgave tot inschrijving in handelsregister; verzoek om bewijsstukken in kader van onderzoek naar juistheid van de opgave i s beslissing ex artikel 6:3 Awb; besluit over inschrijving in handelsregister; niet voldaan aan voorwaarden artikel 7:1a Awb voor rechtstreeks beroep.
Het geding is geschorst op grond van artikel 29 Faillissementswet (Fw). Hoewel de in artikel 29 Fw genoemde grond voor voortzetting van het geding zich niet voordoet, is de rechtbank van oordeel dat in een geval als het onderhavige een redelijke wetsuitleg meebrengt dat indien ge
herroeping ontbindingsbesluit
Onzakelijke borgstelling in tbs sfeer. Betaling door dga aan bank uit hoofde van borgstelling heeft deels plaatsgevonden na ontbinding wegens faillissement van vennootschappen waarvoor belanghebbende zich borg heeft gesteld. Aangezien het tijdstip van ontbinding van de vennootsch