Vennootschapsrecht: vordering ex art. 2:248 BW wegens schending van boekhoudplicht ex art. 2:10 lid 1 BW. Procesrecht: geen schorsing cassatiegeding wegens faillissement, art. 30 lid 1 F. (81 RO).
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:10 BW
Genoemd in 847 uitspraken · Officiële wettekst
847 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 31 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid; externe oorzaak faillissement voldoende aannemelijk gemaakt
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:248 lid 2 BW. Geen tegenbewijs toegestaan.
Bestuurdersaansprakelijkheid, onbehoorlijke taakvervulling, tekort in het faillissement, feitelijk beleidsbepaler, onrechtmatige daad.
Procesrecht, onttrekking procureur (81 RO).
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van schending van de publicatieplicht. Voor wat betreft het verweer verwijzen naar een als productie in het geding gebrachte brief gaat niet op.
Overname van een onderneming door middel van een aandelentransactie. Geschil over het resultaatsafhankelijke deel van de koopprijs.
Eiser vordert – zakelijk weergegeven – primair dat [B B.V.], [C] en [D] ieder voor zich worden veroordeeld tot openbaarmaking van de identiteit van de opdrachtgever(s) van de op 7 maart 2003 althans op enig ander moment daarvoor, aan [B B.V.] gegeven opdracht om onderzoek te doen
Wet op de Accountants-Administratieconsulenten Raad van tucht Amsterdam
Bestuurdersaansprakelijkheid; artikel 2:248 BW; de omstandigheid dat de bestuurder “marionet” was, disculpeert niet en geeft geen grond van matiging.
Ontslag statutair directeur BV. Vordering tot schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad wegens de reden van het ontslag en de wijze waarop het ontslag is verleend. Vordering afgewezen.
Alsnog niet-ontvankelijk verklaring in hoger beroep in kort geding inzake geldvordeing, vanwege onvoldoende spoedeisendheid.
Bestuurder failliete vennootschap jegens de boedel aansprakelijk wegen onbehoorlijke taakvervulling. 1. niet voldaan aan verplichting ex. art. 2:394 BW ( publicatie jaarrekening.) 2. niet voldaan ex art. 2: 10 (administratieplicht.0 3. ook overigens onbehoorlijke taak vervulling,
Uitspraak (enqueteprocedure) van de Ondernemingskamer d.d. 19 juni 2009 Bosman Beheer B.V. / Bosman & Soree B.V.
Schuldoverneming. De schuldoverneming is nietig nu niet aan de vereiste toestemming van de schuldeiser ex artikel 6:155 BW is voldaan. Kennelijk onbehoorlijk bestuur. Vordering tot betaling van het tekort in het faillissement ex. art. 2:248 lid 1 BW. toegewezen. Verstek tegen een
artt 2:9, 2:10, 2:248, 2: 394 en 6:162 BW; Vast staat dat er geen jaarrekeningen van Eiseres zijn gedeponeerd. Het bestuur van de vennootschap heeft daarmee niet voldaan aan haar verplichting op grond van artikel 2:394 BW. Op grond van artikel 2:248 lid 2 BW is er alsdan sprake v
WSNP; afgewezen verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling (81 RO).
Moedervennootschap en twee andere gelieerde vennootschappen dienen de rekening-courantschuld danwel schulden uit hoofde van onverschuldigde betaling te voldoen aan curatoren. Beroep op verrekening met vorderingen van gelieerde vennootschappen op curanda wordt afgewezen. Het beroe
Bestuurdersaansprakelijkheid
WSNP; afgewezen verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling (81 RO).
Het bestuur van de drukkerij heeft haar boekhoudplicht geschonden en volgens artikel 2:248 lid 2 BW levert dit een onweerlegbaar vermoeden op dat het bestuur zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld. De rechtbank overweegt verder dat de bestuurder en aandeelhouder van de drukkerij ee
-
Bestuurdersaansprakelijkheid. Artikelen 2:10 lid 1 en 2:248 lid 1 en 2 BW. De curator in het faillissement van <het bedrijf> stelt dat de rechten en verplichtingen van <het bedrijf> ten tijde van het faillissement niet kenbaar waren op grond van de door gedaagde als bestuurder v
Onbehoorlijke taakvervulling door gedaagden als bestuurder/feitelijk beleidsbepaler belangrijke oorzaak van faillissement? Gedaagden zijn er niet in geslaagd het wettelijk vermoeden van de oorzaak van het faillissement te ontzenuwen.
Bestuurders failliete vennootschappen worden aangesproken in verband met stortingsplicht (2:191 BW), verrekeningen in rekening-courant tussen vennootschappen onderling (54 Fw jo. 42 en 47 Fw), een paulianeuze aandelenoverdracht en schending van de boekhoudplicht.