ongeoorloofde dividenduitkering; art.. 2:216 BW; art. 42 en 45 Fw; onrechtmatige daad. Zie voorts: ECLI:NL:GHARL:2015:302 ECLI:NL:PHR:2016:534 ECLI:NL:HR:2016:2172
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:10 BW
Genoemd in 847 uitspraken · Officiële wettekst
847 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid. Art. 2:248 BW. Motivering onbehoorlijke taakvervulling. Kostenveroordeling bij incidenteel beroep.
Bestuurders- en commissarissenaansprakelijkheid. Bestuurders en commissarissen van Landis zijn aansprakelijk voor het faillissementstekort op grond van artikel 2:138 lid 2 BW (in samenhang met artikel 2:149 BW ten aanzien van de commissarissen). Het bestuur heeft niet voldaan aan
Aansprakelijkheid bestuurders van een zorgstichting. Kennelijk onbehoorlijke taakvervulling door niet-wegnemen van vele tekortkomingen in randvoorwaarden voor veilige en goede zorg en door zorgfraude. Belangrijke oorzaak van faillissement. Aansprakelijkheid voor boedeltekort. Gee
Bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:248 BW in Megahome-faillissementen. De rechtbank oordeelt over de (reikwijdte van) de administratieplicht ex artikel 2:10 BW en komt tot de conclusie dat deze in casu niet is geschonden. De rechtbank neemt echter wel bestuurdersaansprakel
Bestuurdersaansprakelijkheid. De rechtbank oordeelt dat twee van de drie gedaagden hun taak als bestuurder van een zorgstichting onbehoorlijk hebben vervuld en dat dit een belangrijke oorzaak is geweest van het faillissement. Derde gedaagde geen feitelijk beleidsbepaler en dus ni
Onbehoorlijke taakvervulling bestuurder (art. 2:248). Aandeelhouder wordt als medebeleidsbepaler in de zin van lid 7 van art. 2:248 BW aangemerkt.
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid wegens schending boekhoudplicht (art. 2:10 BW). Kan bewijsvermoeden van art. 2:248 lid 2 BW ontzenuwd worden door aannemelijk te maken dat handelingen van een bestuurder die op zichzelf geen kennelijk onbehoorlijk bestuur opleveren,
Arrest na verwijzing door de Hoge Raad. Verkoop door een indirect bestuurder DGA van de aandelen in een onderneming die vanwege met onder meer schulden aan het bedrijfspensioenfonds in betalingsonmacht verkeert en het daarbij overdragen van de administratie aan die derde, terwijl
OK; enquêterecht; vaststelling dat zich wanbeleid heeft voorgedaan, waarvoor een (toenmalige) bestuurder met name verantwoordelijk is en een bestuurder ten dele mede verantwoordelijk is; vernietiging van het besluit tot het aangaan van bepaalde overeenkomsten van geldlening; ophe
Bedrieglijke bankbreuk, art. 343 (oud) Sr; als bestuurder van een gefailleerde rechtspersoon niet voeren van een deugdelijke administratie. Vervolg op ECLI:NL:HR:2010:BK4797 en ECLI:NL:HR:2014:54. Falende motiveringsklacht dat handelen ter bedrieglijke verkorting van de rechten d
Afgewezen vordering ex artikel 2: 248 BW in samenhang met 2:10 BW wegens niet (volledig) aangeleverde administratie. Bewijslastverdeling. Beroep op pauliana verjaard.
Bestuurdersaansprakelijkheid. Schending publicatieplicht. Dividenduitkering. Op verschillende punten is niet voldaan aan de uit de artikelen 2:10 en 2:394 BW voorvloeiende administratie- en publicatieverplichtingen. Ernstiger dan deze formele tekortkomingen acht de rechtbank de b
Bestuurdersaansprakelijkheid; art. 2:248, 2:11 BW. Overschrijding van de termijn van art. 2:394 lid 3 BW voor openbaarmaking van de jaarrekening. Onbelangrijk verzuim als bedoeld in art. 2:248 lid 2 BW? Beoordelingsmaatstaf; omstandigheden van het geval; aanvaardbare verklaring v
4 februari 2005 Eerste Kamer Nr. R04/014HR (OK 110) JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: 1. [Verzoeker 1], wonende te [woonplaats], 2. [Verzoeker 2], wonende te [woonplaats], 3. [Verzoeker 3], wonende te [woonplaats], 4. [Verzoeker 4], wonende te [woonplaats]
Bestuurdersaansprakelijkheid 2:248 BW. Verlieslatende ondernemingsactiviteiten van een eerder gefailleerde BV zijn op gelijke wijze voortgezet in een nieuw opgerichte BV die ook gefailleerd is. Het voortzetten en continueren van de verlieslatende ondernemingsactiviteiten met inhe
bestuurdersaansprakelijkheid, buitenlandse vennootschappen, feitelijk beleidsbepaler, publicatieplicht, disculpatie, oorzaak faillissement, andere omstandigheden, strekking cessie,
Hoger beroep; bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement; na ziekte bestuurster/apothekeres nam echtgenoot waar; bij ontstentenis benoemd tot statutair bestuurder; tevens feitelijk beleidsbepaler, ook als een waarnemend/beherend apotheker statutair bestuurder zou zijn geweest;
Vennoten niet aansprakelijk naar analogie van bestuurdersaansprakelijkheid. Niet voldaan aan eisen Peeters/Gatzen-vordering. Geen plicht tot aanzuivering kapitaalstanden.
Conclusie AG. Medeplegen van faillissementsfraude, meermalen gepleegd (art. 343 (oud) Sr) en medeplegen van gewoontewitwassen (art. 420ter Sr). Onder meer bewijsklachten m.b.t. feitelijk bestuurderschap verdachte na overname rechtspersoon, medeplegen en gewoontewitwassen. Conclus
bestuurdersaansprakelijkheid in faillissement; rechtsvermoeden van onbehoorlijk bestuur ex 2:248 BW weerlegd.
bestuurdersaansprakelijkheid; boekhoudplicht verzaakt?
Afwijzing inzageverzoek ex artikel 12 en 15 AVG tot overlegging alle documenten waarin persoonsgegevens van bankcliënt zijn verwerkt /aan verzoek is voldaan, en voor gestelde ontbrekende gegevens is verzoek te laat gedaan / geen proceskostenveroordeling in hoger beroep gezien aa
Bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:248 BW; kennelijk onbehoorlijk bestuur van bestuurders van gefailleerde transportonderneming; geen gronden voor disculpatie; beroep op matiging kan aan de orde komen in de schadestaatprocedure.
Burgerlijk procesrecht. Verzoek tot bevel voorlopig getuigenverhoor en verstrekking afschriften van bestuursbesluiten en notulen in verband met gestelde overeenkomst tot kredietverlening en betaling van financiële vergoedingen. Appellant heeft onvoldoende feiten gesteld die door