Artikelen 2.10, 2.11 en 2:248 BW. Bestuurdersaansprakelijkheid. Schending van de administratieplicht. Disculpatie (na bedreiging en overname heeft (voormalig) feitelijk leidinggevende het pand verlaten. Nadien is de administratie zoekgemaakt).
Burgerlijk Wetboek
Art. 2:10 BW
Genoemd in 847 uitspraken · Officiële wettekst
847 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 17 · live
Bestuurdersaansprakelijkheid; faillissement; kennelijk onbehoorlijke taakvervulling; administratieplicht; selectieve betalingen.
Civielrechtelijk bestuursverbod ex art 106a Fw; persoonlijk verwijt; drie faillissementen en tekorschieten informatie- en medewerkingesplicht jegens curator; schorsing als bestuurder.
Geschil tussen vereniging en leden. Uitleg statuten. Geen verplichting tot afleggen rekening en verantwoording.
De curator spreekt de bestuurder, de holding en de zustermaatschappij van de gefailleerde vennootschap aan op verschillende grondslagen: artikel 2:248 BW (onbehoorlijk bestuur), artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad), artikel 47 Fw (faillissementspauliana), artikel 6:212 (ongerech
Ondernemingsrecht. Bestuurdersaansprakelijkheid. Pensioenrecht. Vervolg op HR 24 november 2017, ECLI:NL:HR:2017:3019. Aansprakelijkheid (gewezen) bestuurder voor niet afdragen pensioenpremies (art. 23 Wet Bpf 2000). Mededeling van betalingsonmacht. Mogen bestuurshandelingen ook o
-
Revindicatie, retentierecht, administratie, onbetaalde facturen, geen spoedeisend belang.
Faillissementsfraude. Feitelijk leidinggeven aan door rechtspersonen begane bedrieglijke bankbreuk, meermalen gepleegd (art. 341.a (oud) Sr). 1. Afwijzing van bij appelschriftuur gedane getuigenverzoeken. 2. Bewijsklacht m.b.t. daderschap rechtspersonen. 3. Bewijsklacht m.b.t. op
Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement. Onbehoorlijke taakvervulling (art. 2:248 lid 2 BW). Schending administratieplicht (art. 2:10 BW). Aansprakelijkheid bestuurder voor boedeltekort. Vorderingen tegen voormalig bestuurder afgewezen. Afwijzing vorderingen in verband met
Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement. De (indirecte) bestuurders, met uitzondering van één die niet nalatig is geweest, zijn hoofdelijk aansprakelijk vanwege het handelen bij de inbreng van een Turkse vennootschap en vanwege fraude.
KG (schriftelijk). Vordering van bestuurder tot het verstrekken van een afschrift van de jaarrekeningen en tot inzage in de administratie van de BV gedeeltelijk toewijsbaar.
afgifte administratie toegewezen
Ontbinding arbeidsovereenkomst met nevenvorderingen, verstoorde arbeidsverhouding, geen (ernstig) verwijtbaar handelen. Geschil tussen raad van toezicht en (enig) bestuurder.
Vordering opheffing conservatoir beslag. Beslag op grond van artikel 1:96 lid 1 BW, op aandeel van echtgenote (niet-schuldenaar) in woning die tot huwelijksgemeenschap behoort (Hof Arnhem 22 februari 2008, ECLI:NL:GHARN:2008:BC5100).
Faillissement vennootschap. Bestuurdersaansprakelijkheid voor boedeltekort op grond van schending boekhoudplicht. Ongerechtvaardigde verrijking? Zie ECLI:NL:GHAMS:2018:4042.
Onbehoorlijk bestuur, bestuurder aansprakelijk voor tekort in faillissement.
Bestuurdersaansprakelijkheid o.g.v. artikel 2:248 BW. De voormalig bestuurder en de daaropvolgende bestuurder hebben niet voldaan aan de boekhoudplicht van artikel 2:10 BW. De vorderingen in de vrijwaringszaak, gebaseerd op de stelling dat de opvolgend bestuurder door de voormali
vrijwaringsprocedure, eindarrest voor einde schadestaatprocedure in de hoofdzaak,
De rechtbank wijst de vorderingen van de curator van de failliete thuiszorgorganisatie Solace af. De aandeelhouder/bestuurder is niet (hoofdelijk) aansprakelijk voor het bedrag van de schulden van Solace.
Cassatieprocesrecht. Vervolg op HR 23 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2172. Vorderingen tegen vennootschap en tegen bestuurder daarvan in verband met faillissement van (voormalige) dochtervennootschap. Oordeel dat subsidiaire vordering wegens onrechtmatig handelen alleen tegen ve
Geschil (na cessie) over exploitatie van tuinbouwgrond en beweerde zwarte handel in tweede klasse-producten. Overeenkomst van opdracht tussen managementvennootschap die bestuurder ter beschikking stelt aan vennootschap die tuinbouwbedrijf exploiteert. Tekortschieten in overeenkom
Bestuurdersaansprakelijkheid (artikel 2:9 BW) wegens beweerde zwarte handel in tweede klasse tuinbouw-producten. Splitsing van hoofdelijke aansprakelijkheid na cessie en gevolgen daarvan.
Conclusie AG. Tezamen en in vereniging met een in failliete rechtspersoon medeplegen van eenvoudige bankbreuk, art. 340, aanhef en onder 3, (oud) Sr. Middel over het bewijs van het medeplegen. Conclusie strekt tot verwerping van het beroep. Samenhang met 18/04239.
Overeenkomst met overheidsstichting; “afscheidsbeleid”?; opzegging.