26 november 2004 Eerste Kamer Nr. C03/095HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De vrouw], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. J.W. Bogaardt, t e g e n [De man], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. H.J.W. Al
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:94 BW
Genoemd in 571 uitspraken · Officiële wettekst
571 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 23 · live
Tussen partijen zijn geschillen ontstaan over de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap. Eén van die geschilpunten betreft de vraag of bepaalde vermogensbestanddelen al dan niet tot de gemeenschap horen en in de verdeling moeten worden betrokken. [appellante] stelt zich op
Geldigheidsduur voorlopige voorzieningen. Verrekening achterstallige alimentatie. Valt immateriële schadevergoeding in de gemeenschap? Whiplash-arrest. Verknochte schuld. Artikel 1:94 BW.
Art. 3:55 lid 1 BW. Nu de vrouw dit aanvullende convenant heeft gesloten, en heeft nagelaten haar gestelde aanspraken op haar aandeel in het vermogen verder hard te maken, kan dit nalaten onder de omstandigheden van dit geval in relatie met de strekking van HR 9 maart 1934, NJ 19
Verdeling gemeenschappelijke goederen. Waardestijging van de echtelijke woning. Vrucht van het erfdeel van de vrouw? Dient dit naar rato van het erfdeel alleen aan haar toe te komen?
De inzet van het onderhavige geding vormt de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap tussen [appellante] en [voormalig echtgenoot]. Omtrent een aantal kwesties bestaat tussen partijen overeenstemming of is in eerste aanleg beslist zonder dat daartegen in hoger beroep wordt
Onder verwijzing naar de arresten van 23 december 1988 en 24 oktober 1997 van de Hoge Raad is het hof dan ook van oordeel dat deze uitkering voorzover betrekking hebbend op materiële schade geleden in de periode na de ontbinding van het huwelijk en op de gehele immateriële schade
De vorderingen van de vrouw in eerste aanleg strekken primair tot verrekening met in achtneming van het arrest van de Hoge Raad van 27 november 1981, NJ 1982, 503 ([B/L]) en subsidiair tot verevening op de voet van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding Stb. 342 (verder
Huwelijkse voorwaarden. Verdeling beperkte gemeenschap, waarbij een der deelgenoten meer vermogen heeft ingebracht ter verkrijging van het goed dat de beperkte gemeenschap uitmaakt.
-
-
-
-
-
-
-
-
Belanghebbende is in algehele gemeenschap van goederen gehuwd doch leeft duurzaam gescheiden van haar echtgenoot. Haar echtgenoot was houder van 100% van het aandelenkapitaal in een vennootschap. In januari 1996 heeft de echtgenoot deze aandelen verkocht. Bij deze verkoop werd ee
-
-
Whiplash-arrest. Aanspraken op vergoeding van materiële en van immateriële schade ter zake van letsel (whiplash) zodanig verknochte goederen in de zin van art. 1:94 lid 3 BW dat zij bij ontbinding van de gemeenschap door echtscheiding buiten de verdeling moeten blijven? Aard van
-
-