Bekrachtiging; hof wijst verzoek om ontslag bewindvoerder cq. opheffing bewind af.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:449 BW
Genoemd in 212 uitspraken · Officiële wettekst
212 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 2 · live
Bekrachtiging afwijzing verzoek tot opheffing van het bewind. De rechthebbende heeft onvoldoende onderbouwd dat de grond voor het bewind niet meer aanwezig is.
Het hof vernietigt de beschikking van de kantonrechter en heft het bewind op.
Art. 1:449 lid 2 BW Het hof heeft de beschikking van de kantonrechter, waarbij het bewind over de goederen van verzoeker ambtshalve is opgeheven, bekrachtigd. Hoewel er wel gronden zijn voor een bewind over de goederen van verzoeker, acht het hof voortzetting van het bewind, nu v
bewind. Artikel: 1:431 lid 1 onder a BW, 1:435 lid 3 BW en 1:449 lid 2 BW.
Vernietiging bestreden beschikking behoudens wat betreft het uit die beschikking voortvloeiende rechtgevolg dat de taak van de bewindvoerder is geëindigd omdat het bewind noodzakelijk blijft; het bewind over de goederen die (zullen) toebehoren aan de rechthebbende herleeft per da
opheffing bewind (art. 1:449 lid 2 BW ) en terugbetaling van door de (voormalige)bewindvoerder uitgekeerde bedragen (art. 1:441 lid 2 BW).
verzoek opheffing bewind alsnog toegewezen. Niet langer gebleken van gronden die destijds tot bewind hebben geleid.
Bewind
Artikel 1:449 lid 2 BW: bekrachtiging afwijzing verzoek tot opheffing van het bewind.
Opheffing bewind.
Bekrachtiging afwijzing verzoek tot opheffing van het bewind. De rechthebbende heeft onvoldoende onderbouwd dat de grond voor het bewind niet meer aanwezig is.
1:449 lid 2 BW, opheffing bewind, datum inwerkingtreding.
Afwijzen verzoek opheffen bewind. Noodzaak voor bewind nog steeds aanwezig. Tevens ambtshalve ontslag wegens gewichtige redenen van de bewindvoerder en benoeming van een professionele bewindvoerder. De bewindvoerder is niet in staat gebleken een deugdelijke rekening en verantwoor
bekrachtiging afwijzing verzoek opheffing bewind en wijziging grondslag
bewind en mentorschap. Het hof heft het mentorschap per heden op omdat onvoldoende gebleken is dat een mentorschap onder de huidige omstandigheden nog noodzakelijk is. Het hof heft het bewind per heden op omdat het hof van oordeel is dat de betrokkene in staat moet worden geacht
bewind en mentorschap. Gezien de kwetsbare positie van de betrokkene was en is het mentorschap nodig en passend om de belangen van de betrokkene van niet-vermogensrechtelijke aard waar te nemen. Het hof ziet gegronde redenen die zich verzetten tegen de benoeming van de moeder van
Eindbeschikking na tussenbeschikking. Het hof acht de rechthebbende voldoende in staat om zelf zijn geldzaken op orde te houden, eventueel met ondersteuning van de vrijwilliger en/of het buurtteam. De noodzaak voor het bewind bestaat niet meer. Het hof vernietigt de bestreden bes
Een rechtsgevolg dat niet ter vrije bepaling van partijen staat. Verzoek opheffing bewind per heden toegewezen.
“betreft bewind en mentorschap. Noodzaak bewind bestaat niet meer. Mentorschap door onafhankelijk mentor blijft gehandhaafd vanwege verstoorde verstandhouding tussen de echtgenote van betrokkene en de dochter van de betrokkene”
opheffing bewind. Rechthebbende heeft medische verklaring overgelegd. Bewindvoerder heeft voldoende vertrouwen. Gronden bewind niet langer aanwezig.
opheffing bewind
bekrachtiging. Gronden voor het bewind en mentorschap zijn nog steeds aanwezig. Verzoek ontslag/benoeming bewindvoerder zelfstandig verzoek in hoger beroep. Ligt niet aan het hof voor.
Detentie van rechthebbende moet terstond gemeld worden op grond van artikel 1:446a BW. Niet melden detentie is een fout. Bewindvoerder wordt veroordeeld in de schade bestaande uit ten onrechte doorgelopen kosten van bewind.
Artikel 1:431 lid 1 BW, 1:449 lid 2 BW, 1:432 lid 1 en 2 BW De wet biedt de kantonrechter niet de mogelijkheid om ambtshalve de grondslag van een schuldenbewind te wijzigen, zodat het bewind een toestandsbewind wordt (of omgekeerd). De enkele constatering dat een zelfredzaamheids