Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Onderbewindstelling en mentorschap. Verzoek tot ontslag bewindvoerder/mentor. Valt zodanig verzoek onder 'zaken van curatele, onderbewindstelling of mentorschap' als bedoeld in art. 798 lid 2 Rv?
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:435 BW
Genoemd in 307 uitspraken · Officiële wettekst
307 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 1 · live
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Onderbewindstelling en mentorschap. Verzoek tot ontslag bewindvoerder/mentor. Valt zodanig verzoek onder 'zaken van curatele, onderbewindstelling of mentorschap' als bedoeld in art. 798 lid 2 Rv?
Personen- en familierecht. Onderbewindstelling en mentorschap. In art. 1:435 lid 4 BW geregelde voorkeur. Motivering bij afwijken van in wet geregelde voorkeur.
Verzoek tot ontslag bewindvoerder/mentor. Belanghebbenden. Artikel 798 lid 2 Rv van toepassing? Prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Ambtshalve ontslag bewindvoerder. Dit ontslag wordt in hoger beroep geschorst gelet op de onomkeerbare situatie daarvan. Hof wenst kantonrechter als informant te horen.
Onderbewindstelling. Behandeling na verwijzing door Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2020:1079).
Familierecht. Benoeming bewindvoerder. Zijn gegronde redenen om af te wijken van voorkeur van rechthebbende (art. 1:435 lid 3 BW) alleen gelegen in persoon bewindvoerder?
Hoger beroep tegen benoeming van niet-familielid tot bewindvoerder en mentor voor de zuster van appellant. Hof handhaaft de benoeming als bewindvoerder en benoemt alsnog een broer van appellant tot mentor.
bewind, benoeming professionele bewindvoerder.
Bewind. Moeder en vader zijn door de kantonrechter ontslagen als bewindvoerders over de goederen van hun dochter. Een professioneel bewindvoerderskantoor is als opvolgend bewindvoerder benoemd. Het hof bekrachtigt die beslissing gedeeltelijk en verleent met ingang van 1 februari
Is kantonrechter als toezichthouder op beheer door bewindvoerder binnen zijn wettelijke taak en bevoegdheden gebleven?
Verzoek tot ontslag bewindvoerder/mentor. Belanghebbenden. Artikel 798 lid 2 Rv van toepassing? Voornemen tot het stellen van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad.
Personen- en familierecht. Onderbewindstelling en mentorschap. In art. 1:435 lid 4 BW geregelde voorkeur. Motivering bij afwijken van in wet geregelde voorkeur.
Benoeming bewindvoerder en mentor; gegronde redenen aanwezig die zich tegen uitdrukkelijke voorkeur betrokkene verzetten; afwijking van wettelijke voorkeursregeling.
Benoeming bewindvoerder en mentor. Gegronde redenen die zich verzetten tegen benoeming van de vader tot bewindvoerder en/of mentor.
Vernietiging bestreden beschikking. Artikelen 1:431 lid 1 en 1:435 lid 3 BW. Het hof spreekt alsnog een bewind uit en benoemt een van de zonen van rechthebbende tot bewindvoerder.
Het verzoek onderbewindstelling, ingediend door de zoons van betrokkene met benoeming van een professionele bewindvoerder, is toegewezen. Dochter voert verweer. De familieverhoudingen zijn ernstig verstoord. Mediation is geen optie gebleken. De kantonrechter acht het in het belan
“Verzoek om de ouders als bewindvoerder te benoemen in plaats van professionele bewindvoerder afgewezen vanwege risico op belangenverstrengeling ten aanzien van financiële belangen”
Rechthebbende was bij het opstellen van het tweede levenstestament onvoldoende in staat om haar wil te bepalen. Daarom laat de kantonrechter het tweede levenstestament buiten beschouwing. Het eerste levenstestament heeft rechthebbende niet de noodzakelijke bescherming kunnen bied
Herstelbeschikking (ECLI:NL:HR:2024:1892). Art. 31 Rv. Ambtshalve herstel van een verschrijving.
Bekrachtiging persoon van bewindvoerder en mentor.
Bewind en mentorschap. Schending van het beginsel van hoor en wederhoor door twee belanghebbenden niet in de procedure te betrekken? Criterium bij het afwijken van de wettelijke voorkeursregeling (art. 1:435 lid 4 en art. 1:452 lid 4 BW).
Bekrachtiging bewind en mentorschap. Geen reden om een onafhankelijke bewindvoerder en mentor te benoemen.
Benoeming moeder tot bewindvoerder en mentor van inmiddels meerderjarig kind. Bezwaren vader zijn vooral gelegen in feit geen omgang/contact is tussen hem en kind maar mentorschap en bewindvoering zien op meer en andere taken dan omgang tot stand te brengen. Moeder tot dusver alt
Ondanks levenstestament toch noodzaak bewind.