Korte samenvatting: Biologische moeder vordert afgifte van een deel van de as van haar overleden zoon. Vordering wordt afgewezen omdat niet is gebleken dat dit ook de vermoedelijke wens van de zoon zou zijn (geweest). As is geen goed in de zin van artikel 3:1 BW dat aan een onder
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:431 BW
Genoemd in 638 uitspraken · Officiële wettekst
638 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 12 · live
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef sub c FW nu onvoldoende aannemelijk is dat de schuldenares de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal (kunnen) nakomen en zich zal (kunnen) inspannen
Artikel 1: 449 lid 2 BW. voldoende gebleken dat de voormalig bewindvoerder het bewind niet zinvol kon voortzetten. Gronden voor bewind zijn nog steeds aanwezig en de beoogde bewindvoerder is bereid het bewind over te nemen.
Appellant, die onder bewind is gesteld, kan niet worden ontvangen in zijn hoger beroep. Vast staat dat de bewindvoerder zich in de appeldagvaarding niet namens appellant als formele procespartij heeft gepresenteerd. De door appellant geschetste gang van zaken als gevolg van een v
350 Fw, c-grond; vernietiging tussentijdse beëindiging; verlenging schuldsaneringsregeling gezien gebleken verbeteringen en verwachte opstelling tijdens verlenging.
Bekrachtiging weigering toelating WSNP o.g.v. art. 288 lid 1 sub b (schulden niet te goeder trouw ontstaan en onbetaald gelaten)
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling zonder toekenning schone lei nu saniet toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van één of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen alsmede bekrachtiging uitspraak faillissement.
Bewind, verzoek opheffing bewind en ontslag bewindvoerder.
Vernietiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 3 Fw (ambtshalve toepassing).
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling zonder toekenning schone lei nu saniet toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van één of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen.
Ondercuratelestelling afgewezen ambtshalve instelling bewind en mentorschap.
Rechthebbenden krijgen de kans om te laten zien dat zij in staat zijn om zelf hun vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen. De bewindvoerder dient daarvoor een plan van aanpak op te stellen en de rechthebbenden te begeleiden in het traject naar zelfstandigheid.
Ontbinding huurovereenkomst vanwege structurele overlast. Afstandsverklaring na ontruiming.
Bekrachtiging einde schuldsaneringsregeling zonder toekenning schone lei nu sanieten toerekenbaar zijn tekortgeschoten in de nakoming van één of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen.
Niet-ontvankelijk in hoger beroep; huurzaak; beschermingsbewind; goederen in de zin van artikel 1:431 lid 1 BW; bewindvoerder was in eerste aanleg formele procespartij; belanghebbende kan niet zelf in hoger beroep komen.
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling zonder toekenning schone lei nu saniet toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van één of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen.
Tussenvonnis – (grotendeels) onbetaalde factuur – eiser wordt in de gelegenheid gesteld om bewindvoerder van gedaagde op te roepen.
Verzoek tot opheffing bewind in hoger beroep alsnog toegewezen. De noodzaak voor het bewind bestaat niet langer.
Wsnp-zaak. Bekrachtiging weigering toelating. Geen deugdelijk minnelijk traject. Schulden niet te goeder trouw ontstaan en onbetaald gebleven. Psychosociale problematiek. Beroep op hardheidsclausule verworpen.
Huurzaak overlast.
Conclusie AG. 1. Art. 359 Sv. Motivering strafoplegging. 2. Art. 51f.4 Sv. Procesbevoegdheid van verdachte wiens vermogen onder bewind staat. 3. Art. 36f Sr. Art. 6.4.20 Sv. Schadevergoedingsmaatregel en vervangende hechtenis. Ad 1. Mocht het hof in het nadeel van de verdachte bi
Conclusie AG. 1. 359.2 Sv. UOS? 2. Art. 51f.4 Sv. Procesbevoegdheid van verdachte wiens vermogen onder bewind staat. 3. Art. 36f Sr. Art. 6.4.20 Sv. Schadevergoedingsmaatregel en vervangende hechtenis. Ad 1. Hof heeft verweer kennelijk en niet onbegrijpelijk opgevat als bewijsver
Bekrachtiging niet-toelating tot de wsnp in hoger beroep o.g.v. art. 288 lid 1 aanhef en sub c Fw.
kort geding. Gebruik woning na beëindigen relatie en contactregeling met kinderen.
Hoger beroep wsnp-zaak. Aanbod in minnelijk traject niet gebaseerd op de daadwerkelijke schuldenlast. Bekrachtiging weigering toelating.