Bewind goederen huurder, bekend bij verhuurster. Huurder wordt gedagvaard in plaats van bewindvoerder. Grondslag vordering tot ontbinding huurovereenkomst is overlast. Ook dan is bewindvoerder formele procespartij. Artikel 1:441 lid 1 en 1:431 lid 1 BW.
Burgerlijk Wetboek
Art. 1:431 BW
Genoemd in 638 uitspraken · Officiële wettekst
638 uitspraken, gesorteerd op gezag pagina 11 · live
Er is voldoende komen vast te staan dat er een noodzaak/grond is voor bewind en mentorschap. Eerst ter zitting zijn er grieven gericht tegen de persoon van de benoemde bewindvoerder/mentor. Deze grief is niet alleen tardief, maar bovendien zijn er geen aanwijzingen dat de huidige
artikel 350 lid 3 aanhef en sub d Fw: niet gebleken van een causaal verband tussen de psychische problematiek van appellant en het doen laten ontstaan van nieuwe bovenmatige schulden.
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenaar ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is gewee
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenaar ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is gewee
Schuldenaar is niet-ontvankelijk in het hoger beroep nu het beroepschrift geen kenbare grieven bevat.
Geen kenbare grief opgeworpen tegen het oordeel van de rechtbank dat appellant niet aan de kernverplichtingen uit de schuldsaneringsregeling heeft voldaan.
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef sub c FW nu onvoldoende aannemelijk is dat de schuldenaar de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal (kunnen) nakomen en zich zal (kunnen) inspannen
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenaren ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is gewe
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenaar ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is gewee
Analfabetisme is geen grondslag voor onderbewindstelling
Schuldenares is niet-ontvankelijk in het hoger beroep nu zij voorafgaand aan de indiening van haar verzoekschrift geen (volledig) minnelijk traject ex artikel 285 lid 1 aanhef en sub f Fw jo 288 lid 2 sub b Fw heeft betracht.
Op verzoek van bewindvoerder vernietiging van vonnis waarbij de rechtbank op de voet van artikel 350 lid 3 aanhef en sub c Fw had overwogen dat saniet inderdaad niet aan de kernverplichtingen van de schuldsaneringsregeling had voldaan en dat de van hem te vergen medewerking aan e
Saniet is niet-ontvankelijk in het hoger beroep nu het beroepschrift geen althans (een) onvoldoende kenbare grief/grieven bevat.
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef sub c Fw nu onvoldoende aannemelijk is dat schuldenaar de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal (kunnen) nakomen en zich zal (kunnen) inspannen zov
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenares ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is gewe
artikel 350 lid 3 aanhef en sub f Fw: schuldeiser gaat in hoger beroep om opnieuw te beoordelen of er bij saniet sprake is van het bekend worden van feiten en omstandigheden die op het tijdstip van het indienen van het verzoekschrift tot toelating tot de schuldsaneringsregeling
Bekrachtiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling ex artikel 350 lid 3 aanhef en sub c Fw nu saniet een of meer van de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen niet naar behoren nakomt of door zijn/haar doen of nalaten de uitvoering van de schulds
Vernietiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef sub b en c Fw op grond van honorering beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw.
Vernietiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenaar ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is gewees
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenaren ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw zijn ge
Vernietiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw op grond van honorering beroep op de hardheidsclausule ex artikel 288 lid 3 Fw.
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b nu schuldenaar ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is geweest
Bekrachtiging weigering toelating tot de schuldsaneringsregeling ex artikel 288 lid 1 aanhef en sub b Fw nu schuldenares ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van de schulden in de periode van vijf jaar voorafgaande aan het toelatingsverzoek niet te goeder trouw is gewe
Saniet is niet-ontvankelijk in het hoger beroep nu het beroepschrift geen beroepsgronden bevat die aan de daaraan te stellen vereisten voldoen. Weliswaar wordt wel aangegeven tegen welke oordelen van de rechtbank het beroep zich richt, maar in het beroepschrift ontbreekt iedere f